Jake Xerxes Fussell :: Out Of Sight

Bij de recensie van zijn vorige album What In The Natural World noemden we Jake Xerxes Fussell een “muzikale archeoloog”. Op zijn derde album zet hij zijn zoektocht naar vergeten folksongs onverdroten verder.

Net zoals op zijn vorige twee albums duikt Jake Xerxes Fussell ook hier weer diep in de traditie van, vooral Amerikaanse, folksongs. Het grootste verschil met de voorgangers is dat hij hier bijgestaan wordt door een iets grotere, vijfkoppige, begeleidingsgroep waarvan drummer Nathan Bowles — die ook een uitmuntend banjospeler is overigens — waarschijnlijk de bekendste naam is. De bijna academische manier waarop Fussell de nummers uitzoekt en selecteert komt best tot uiting in de gedetailleerde bronvermelding die hij met elk nummer meegeeft: in welk liederenboek hij het nummer heeft teruggevonden, wie het nummer al eerder onder handen genomen heeft, en dergelijke.

Al mag er meteen bij gezegd worden dat die bijna theoretische benadering geen invloed heeft op de uiteindelijke uitvoeringen, want die zijn stuk voor stuk warm en doorleefd. De negen nummers op Out Of Sight zijn allen behoorlijk obscuur. Verwacht hier geen elfendertigste versie van “In The Pines”, maar nummers die Fussell van onder een dikke laag stof in half vergeten liedjesboeken gehaald heeft om ze nieuw leven in te blazen. Als een nummer als “Winsborro Cotton Mill Blues” zowat het bekendste nummer van het album is — met dank aan Pete Seeger die dit nummer in 1948 al opnam — dan besef je snel dat het hier om een album gaat waarop ontdekkingen te doen zijn.

Dat begint al meteen met “The River St. Johns”: een rustig wiegend ritme, een warme gloed en op het einde komt de viool van Libby Rodenbough mooi op de voorgrond. “Michael Was hearty”, een song van Ierse origine, speelt met hetzelfde klankpalet, al is het daar het orgel van James Anthony Wallace dat wat andere accenten legt. In het  gitaarspel van Fussell hoor je de invloeden van pakweg Leo Kottke of Jack Rose, maar het stelt zich altijd ten dienste van de song.

Dat Fussell er niet voor terugdeinst om lang terug te gaan in de tijd, toont hij met het uit de 19e eeuw daterende “Three Ravens”. Deze instrumental is een zogenaamde “Child ballad”, een van de folksongs die op het einde van die eeuw door de Amerikaanse muziekliefhebber Francis James Child te boek gesteld werden. De negen nummers volgen een vergelijkbaar, kabbelend ritme. Dit is niet de muziek van het grote gebaar, maar van het terugkeren naar de traditie. Hoogtepunten genoeg op dit album, met nummers als “Oh Captain”, “Jubilee” of “Drinking Of The Wine” als beste voorbeelden daarvan.

Jake Xerxes Fussell doet zijn ding, en wijkt daar niet van af. Maar zolang hij er in slaagt om elk album net dat iets beter te maken dan de voorgaande, blijven wij uitkijken naar zijn nieuw werk. Out Of Sight is zijn tot op heden beste album en redt opnieuw negen folknummers van de vergetelheid.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in