Fred Hersch & The WDR Big Band :: Begin Again

Hij keek de dood een paar keer in de ogen, schreef een van de cruciale, onverbloemde autobiografieën van de jazz, stak het water over om te proeven van klassiek, dans en theater en heeft binnen de jazz al helemaal niets meer te bewijzen. Het doet dan ook extra deugd om vast te stellen dat deze zo fragiele man zo’n kwalitatief sterk werk aflevert aan zo’n onstuitbaar tempo. Het hoge tempo waarmee solo- en trioalbums worden uitgebracht is al indrukwekkend, en met dit bigbandalbum kan Fred Hersch alweer een hoogtepunt aan z’n blazoen toevoegen.

Begin dit jaar trokken Fred Hersch, toparrangeur en dirigent Vince Mendoza en de Keulense WDR Big Band samen de studio in voor Begin Again. Dat kan gelden als een carrière-overzicht, maar dan wel met de bedenking dat je er dan nog een paar volumes aan toe zou moeten voegen. Met een greep uit bijna veertig jaar carrière is dit vooral een welluidend bewijs van Hersch’ kwaliteiten als componist van materiaal dat uitblinkt in finesse, dosering en tijdloze klasse. De manier waarop de blazers binnengewaaid komen in het titelnummer, de enige nieuwe compositie, is tekenend. Het gebeurt met een lyriek en charme die Hersch ten voeten uit is. En vervolgens worden al die laagjes op elkaar gelegd: de ritselende drums, zorgvuldige verweven blazers, de altsax (Johan Hörlen) die door de studio zweeft, het lichtvoetige pianowerk een muzikaal hinkelspel met de elegantie van een balletvoorstelling.

“Rain Waltz”, gepend in het begin van de jaren tachtig, bouwt daar op verder, met een trompetsolo van de Nederlander Ruud Breuls die helemaal op maat van de compositie is: elegant, nooit brallerig, laat staan opdringerig. Je zou inderdaad kunnen zeggen dat deze muziek net zo goed in de jaren zeventig of negentig uitgebracht had kunnen zijn, maar draai het even om: hoeveel artiesten blijven jaar na jaar muziek uitbrengen die los van hypes, trends en specifieke periodes beweegt? Het intieme “Song Without Words #2: Ballad” werd geplukt van een driedubbelaar uit 2001 waarmee Hersch plaatsnam op de wip tussen Cole Porter, klassieke muziek en zijn eigen fijnzinnige hoekje. Een compositie die bestemd is voor fraaie maatpakken, net als de warme melancholie van “Pastorale”, een ode aan Robert Schumann.

Even delicaat: “The Orb”, eerder een deel van de multimediale voorstelling My Coma Dreams en de opener van Hersch’ recentste soloplaat, het briljante Open Book. Het album is geen werkstuk waarop alles ten dienste staat van een dominante pianist (op een derde van de songs soleert hij zelfs niet), maar hier is hij even front and center, met een liefdevolle ode aan zijn levenspartner Scott Morgen. De bigband vervoegt hem enkel voor de laatste anderhalve minuut, met een stijl op maat van de meester.

Dat betekent niet dat Begin Again voortdurend fleemt met balzaalverfijning. “Havana”, voorzien van een van Hersch’ klassieke melodieën is niet zozeer een eerbetoon aan de Cubaanse muziek als een genereuze lap muziek die dan wel kletterend uit de startblokken schiet, maar vervolgens uitpakt met een kleurrijke dans die herinnert aan het bedwelmendste van Charlie Haden, nog zo’n figuur die de jazz liet dansen met een onweerstaanbare, soms dartele lichtvoetigheid. Minstens even goed en een stuk waarin al de kleuren van de albumcover in opduiken: “The Big Easy”. Heupwiegend binnen langs de voordeur en dan gezellig huishouden in de wortels van veel twintigste-eeuwse muziek, met echo’s van aanstekelijke straatmarsen en schallende trombones. “Forward Motion” is het ene moment dat de spieren eens écht mogen rollen (het is nu eenmaal een bigbandtraditie), met een sleutelrol voor drummer Hans Dekker.

Hersch’ recentste soloconcert in Brussel bevatte twee tracks van Billy Strayhorn. Een hommage aan een van de grote componisten van de jazz, maar ook een hart onder de riem voor de LGBT-gemeenschap en de gay pride. Die bekommernis wordt nu uitgewerkt via het muzikale buitenbeentje van het album: “Out Someplace”, twintig jaar geleden een dansperformance waar de beweging “Blues For Matthew Shepard” uit gespeeld wordt. Shepard werd in 1998 door twee belagers aangevallen, gemarteld en bezweek enkele dagen later aan zijn verwondingen. Snel werd duidelijk dat de daad ingegeven was door homohaat. Het verhaal wordt hier pakkend uitgewerkt door een band die als één stem fungeert en beweegt van een fragiele emotionaliteit naar een openbarstende verontwaardiging. Hier komt de rauwe emotie naar het oppervlak als een kloppende wonde.

Alles bij elkaar opgeteld maakt het van Begin Again een album dat Hersch’ klasse nog maar eens onderstreept. Voor wie wil weten waar jazz dezer dagen het heetst is, zal dit album vermoedelijk weinig aantrekkingskracht uitoefenen, maar zodra de brallerige stormen van beperkte houdbaarheid al lang weer zijn gaan liggen en stof vergaren in de vergetelheid, zal dit album nog altijd overeind staan als een zoveelste bewijs van de generositeit en klasse van een artiest die sinds hij niets meer te bewijzen heeft misschien nog beter werd dan ervoor. Ja: nog beter.

Fred Hersch & The WDR Big Band staan op zaterdag 6 juli op Gent Jazz.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in