George Saunders :: Vos 8

De eerste fabels zouden tijdens het tweede millennium v.C. ergens in India ontstaan zijn en vonden via Mesopotamië en Egypte een vaste grond in onder meer Griekenland. In de Westerse cultuur behoren de overgeleverde fabels van de Griekse Aisopos/Aesopus (al is het nog maar de vraag of hij echt bestaan heeft) zowat tot de bakermat van de fabelliteratuur. Zijn werk overleefde de eeuwen en zou qua bekendheid pas in de zeventiende eeuw een geduchte concurrent krijgen met Jean de La Fontaine. En hoewel het genre doorheen de jaren bleef bestaan, verdween het langzaam maar zeker naar de achtergrond.

De echte fabel is een kortverhaal met een zedenles waarin vaak dieren met bepaalde menselijke karaktereigenschappen de hoofdrol spelen. De moraal kan daarbij aan het begin of het einde van het verhaal komen en is doorgaans eenduidig en helder. Om die reden is het beroemde Van den vos Reynaerde geen fabel in de ware zin van het woord – net zoals George Orwells Animal Farm. Maar ook zonder dit scherpe onderscheid te maken, valt op hoe weinig fabels er nog geschreven worden. Je vindt ze nu vooral nog in de kinderliteratuur, terwijl het genre zich eeuwenlang toch ook op volwassenen richtte. Maar nu blaast George Saunders deze semi-vergeten traditie een nieuw leven in met Vos 8. Een furhaal.

Saunders mag dan wel niet meteen de meest bekende naam zijn, toch is hij een veelzijdig auteur van kortverhalen, kinderboeken, essays en romans. Hij publiceert niet alleen in verschillende tijdschriften, maar heeft ook al meerdere prijzen op zijn naam staan. Sinds zijn debuut CivilWarLand in Bad Decline (1996) bleef hij onder de aandacht van critici en lezers, en wist hij in 2017 met zijn eerste (en enige) “volwaardige” roman Lincoln In The Brado zelfs de Man Booker Prize te winnen. Dankzij dat succes (dat zoals verschillende andere werken van Saunders in een Nederlandse vertaling is verschenen) is er nu ook hernieuwde aandacht voor zijn ouder werk, waaronder het in 2013 verschenen Fox 8. Ook al is het met nauwelijks vijftig pagina`s een korte sprint, het laat perfect het schrijftalent en de eigen stem van Saunders ten volle aan bod komen.

Zoals de titel al duidelijk maakt, draait alles in dit verhaal rond Vos 8, die met een hoop andere vossen in een bos woont (in werkelijkheid leeft een mannetjesvos samen met een vijftal vrouwtjesvossen, waarvan één de dominante is). In tegenstelling tot zijn kameraden is Vos 8 een nieuwsgierige dromer en fantast. Op een avond besluit hij een mensengezin te bespieden en leert hij zo gaandeweg de “mensentaal” niet alleen de te verstaan, maar deze ook te schrijven. Het verhaal wordt dan ook gepresenteerd als een soort brief van Vos 8 aan de mensen, waarbij hij zich meteen ook verontschuldigt voor zijn spelfouten aangezien hij nooit leren schrijven heeft en de woorden dus “op het gehoor” neerpent.

Dat laatste is een leuke gimmick die ook in het Nederlands werkt en nog het best valt te omschrijven als het fonetisch uitschrijven van een mix tussen kindertaal en een niet nader te bepalen dialect. Het verleent aan de fabel een naïviteit die niet alleen uitstekend past bij het hoofdpersonage, maar ook bij de bijhorende (niet verbazingwekkend) erg actuele boodschap die zich richt op de houding van de moderne mens tot de natuur. Vos 8 wil immers de contacten tussen de mensen en de vossen verbeteren wanneer die eerste groep de bomen in het bos van de vossen begint te rooien en zo hun natuurlijke habitat verstoort. Daardoor wordt het voor de bosbewoners ook steeds moeilijker om nog voldoende eten te vinden – in de eerste plaats een groot probleem voor de oudere en zieke dieren.

Dat de fabel niet meteen een vrolijk einde kent, hoeft niet te verbazen en kan dus bezwaarlijk als een spoiler worden beschouwd. Al snel in het verhaal wordt immers duidelijk dat Vos 8 zich met bepaalde redenen tot de lezer/mens richt en dat hier een vraag in schuilt die verband houdt met de hierboven beschreven boodschap. Hoewel het een simpele boodschap is (eigen aan de fabel) die Saunders hiermee brengt, maakt de manier waarop hij zijn verhaal opbouwt duidelijk dat hij het genre niet alleen kent, maar er ook z’n stempel weet op te drukken. Ondanks het korte aantal pagina’s is Vos 8 meer dan zomaar een tussendoortje. De manier waarop Saunders de vos een unieke stem geeft, getuigt van vakmanschap – en dat terwijl hij zijn “zedenles” nergens overdreven moralistisch brengt. Vijftig pagina’s lijkt weinig, maar Saunders laat elke zin en woord tellen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in