Best Of Belgium: De 50 Beste Belgische Platen Aller Tijden – 19 – 11

Zeven jaar enola, is zeven jaar steun aan Belgische bands. Om onze nieuwe site plechtig in te wijden, gaan we op zoek naar de vijftig allerbeste platen die ooit op deze bodem zijn gemaakt. Van nu tot en met vrijdag: vijftig platen die samen the best of Belgium vormen.

  1. Raketkanon :: RKTKN #2 (2015)

“Supergroepen”. Zelden een goed idee, behalve in het volgende recept. Met neemt een kwart Kapitan Korsakov, een kwart tòman, een kwart Waldorf en evenveel metal. Men schud goed, brengt langzaam aan de kook en helemaal zorgt men middels een oververhitte kernreactor voor een alles verscheurende explosie. Dat is Raketkanon. Metal, sludge, noise. RKTKN #2 is dat allemaal. Maar wat deze plaat zo bijzonder maakt zijn de rustpunten, die maken dat de daaropvolgende kopstoten nog harder aankomen. De nummers — die allemaal een eigennaam als titel hebben meegekregen — op dit album zijn de perfecte weergave van de overweldigende liveshows van de band. RKTKN #2 is het bewijs dat het ook in het hardere werk niet alleen een kwestie van energie maar ook van beheersing is.   (bw)

Hoogtepunt: “Ibrahim”. Twee en een halve minuut waanzin.

  1. Aroma Di Amore :: De sfeer van grote dagen (1985)

Ach zo, Trump vindt Brussel een hell hole? Dan is hij in de jaren tachtig zeker niet in Mechelen geweest, volgens menig bange blanke man in die periode niks minder dan het Chicago-aan-de-Dijle. Daar lagen wij, plaatselijke scholieren, niet van wakker. Wij hadden namelijk niet alleen de Racing en de Malinwa – twee grijze muizen in de buik van de tweede voetbalklasse – maar ook Aroma Di Amore. De rommelende bas van Lo Meulen, Fred Angst die zijn gitaar hanteerde als was het een slagersmes en daar bovenop de vlijmscherpe teksten van de immer grijnzende Elvis Peeters, voor ons het type prettig gestoorde nonkel die menig deftig familiefeestje ontregelt door iedereen eens goed zijn gedacht te zeggen en de goegemeente een spiegel voor te houden: dat we die mannen tijdens onze spijbeltochten weleens tegenkwamen op café, dààr waren wij trots op… (mg)

Hoogtepunt: “Hoofd in de supermarkt”: “Je hebt je hoofd verloren in de supermarkt / maar ik breng het bij je terug / ik vraag het aan de kassa / het is jouw hoofd / ze mogen het niet houden / het is niet van hen / ze mogen niets verkopen / dat van jou is / het is jouw hoofd / ik breng het bij je terug / niet bang zijn / niet bang zijn”.

  1. 2Many DJs :: As Heard On Radio Soulwax

Ooit waren de broers Dewaele vooral bezielers van de degelijke, slimme maar nu ook niet revolutonaire nineties gitaarband Soulwax. Toen vonden ze de magische Technics en werden het kleine jongetjes in de grote speelgoewinkel van de popmuziek. De heren gingen DJ’en, plakten wat songs van The Stooges, Destiny’s Child, Peaches, Velvet Undergound en Vitalic aan en en door elkaar en werden de koningen van de mash-ups. Het album was voor de NY Times een album van het jaar en voor de concullega’s van Pitchfork een van de 200 albums van de nillies. In al zijn onnozelheid tegelijk dus een van de meest invloedrijke albums en grootste gimmicks uit deze lijst. Maar vooral ook een heerlijke trip door de popmuziek dat steevast een minifeestje veroorzaakt. En de nachtmerrie van het legal department van PIAS, dat ook. (mvm)

Hoogtepunt: Dit zijn Enola’s Beste Belgen, dus we kiezen voor het moment waarop Arbeid Adelts “Death Disco” even passeert

  1. Luna Twist :: A Different Smell From The Same Perfume (1982)

Of het echt de bedoeling was, weten we niet, maar voor ons geeft de titel van de plaat alvast de veelzijdigheid weer van deze Iepers-Gentse groep. De sound van Luna Twist paste perfect in de tijdsgeest – begin jaren tachtig, toen cold wave stilaan opschoof richting melodieuzere synthpop – maar was tezelfdertijd eigenzinnig, slim en origineel genoeg om zich te onderscheiden van de rest van het pak. Op dit debuutalbum bewijzen Alain Tant, dirk Blanchart, Filip Moortgat en Dirk Vangansbeke niet alleen uitstekende songs te kunnen schrijven, Blanchart en Moortgat staan ook zelf in voor de vlekkeloze productie. Dat was ook Bryan Ferry niet ontgaan, die de groep uitnodigde om te openen voor Roxy Music in Vorst Nationaal. (mg)

Hoogtepunt: Ook hier vragen we ons af hoever deze groep international was geraakt in het internettijdperk. “(Look Out) You’re Falling In Love Again” en “African Time” staan niét op de oorspronkelijke versie van deze plaat, maar met “Decent Life” en vooral “Oh Oh Oh” laat de groep al afdoende horen een heuse hitmachine-voor-meerwaardezoekers te zijn.

  1. Evil Superstars :: Boogie-Children-R-Us (1998)

Van alle grote namen die Humo’s Rock Rally voortbracht is Evil Superstars ongetwijfeld de meest geflipte. De Limburgse band rond frontman Mauro Pawlowski zorgde voor aan Zappa verwante gekte, alle kanten uitspattende muziek en bovenal onweerstaanbare melodieën. Was debuutalbum Love Is Okay nog een ongeleid projectiel, dan viel op deze Boogie-Children-R-Us alles mooi samen. De chaos werd gekanaliseerd tot een meesterlijk geheel. De nummers variëren van de betere pop (“It’s A Sad Sad Planet”), stevige rock (“Gimme Animal Riughts”) tot gesjeesde kampvuurfolk (“Love Happened”). Om maar te zeggen dat de Evil Superstars hier niet voor een gat te vangen waren. Tel daarbij nog de teksten, die zo geschift zijn dat alleen Pawlowski ze kon bedenken. Of wat te denken van teksten als “The sheets are wet with gasoline / Just sodomised a brontosaurus while shaving the back of a disco-queen”? De tweede plaat was meteen ook de zwanenzang van de band. Alsof ze beseften dat ze dit niet meer konden overtreffen. (bw)

Hoogtepunt: Vanaf de eerste seconde van opener “B.A.B.Y.” is het meteen duidelijk. Dit album zorgt voor eersteklas vuurwerk.

  1. Stromae :: Racine Carrée (2013)

Het is voor gevoelige oren allicht niet bij de eerste beluistering te merken, maar er zijn weinigen dichter bij het niveau van Grand Jacques gekomen dan Stromae. De man maakte slechts twee albums, waar ook wel wat matige euroboenk op staat, maar zeker dit tweede album bevat enkele parels op het kruispunt van pop, chanson, hiphop en dance.  Zeven singles werden er uit getrokken, die zowel flirtten met ambient (“Quand c’est?”), cabaret (“Formidable” en “Tous les mêmes”), klanken uit de Caraïben en Afrika (“Ave Cesaria”, “Papaoutai” en “Ta fête”) of zelfs een beroemde area van Bizet (“Carmen”). Muzikaal is het alleaam soms wat hectisch en iets te nadrukkelijk richting popcharts geproducet, maar de teksten vol slimme woordspelletjes en de uitvoering van Paul Van Haver zelf zijn van zeer hoog niveau. Brel zou er trots op zijn. (mvm)

Hoogtepunt: Met de videoclip erbij ongetwijfeld het meesterlijke “Formidable”, maar zonder beeld kiezen we voor het moment waarop het refrein van “Papaoutai” openbarst en de gitaar wel erg hard op een kalimba lijkt.

  1. Millionaire :: Paradisiac

Opwinding! Gevaar! Ooit vormden die woorden de basis waarop Millionaire gefundeerd was. Met de tweede langspeler kwam daar een focus bij waarmee de band, die op debuut Outside the Simian Flock nog alle richtingen tegelijk uit wilde, zijn tomeloze energie kanaliseerde tot een vlijmscherp vervolg.

De groep rond Tim Vanhamel leverde op Paradisiac een dozijn songs af die zo badass zijn dat ze bijna anderhalf decennium na hun release nog steeds elke plaat die er voor of erna wordt opgelegd tot een sof herleiden. Schuimbekkend werkt de groep zich door de ene ziedende song na de andere, daarbij onderhuids een groove hanterend die veel rockbands in hun enthousiasme voor het lekker rammen simpelweg vergeten.  (jvdb)

Hoogtepunt: There’s no regret klinkt het in “We Don’t Live There Anymore”, het negende nummer op rij waarvoor de volumeknop naar rechts gedraaid wordt, alvorens een schroeiende gitaarstoot de speakers opblaast. En zo is het maar net.

  1. Pieter-Jan De Smet :: August (1997)

Wie nog niet weet dat Pieter-Jan De Smet een van de meest onderschatte tekstschrijvers en rockers van zijn generatie is, zal na het beluisteren van August alles in het werk stellen om zijn muziekminnende medemens te overtuigen. Gentenaar De Smet, aka Beuzak, is altijd al meer een musician’s musician geweest dan een crowdpleaser, en dat etaleert hij op dit album met verve. Het titelnummer werd een hit in 1997, maar wie kan zeggen dat hij fan is van het volledig album? Want De Smet doet lekker zijn zin: van zeemzoetigere muziek met een scherpe tekst (“August”), tot Virgin Prunes-achtige hoekige punk (“Pandemonium Parade” of nog “Mutant”), en alles wat zich daartussen bevindt. August schuurt en stuitert alle kanten op: stoorzender eerste klas. (kvp)

Hoogtepunt: Hoe de muziek ook klinkt: zacht, weemoedig of ruig: het hoogtepunt is steeds weer die stem: Pieter-Jan De Smet croont, smeekt of grauwt je toe.  Je gelooft hem.

  1. Dans Dans :: I/II (2013)

Dans Dans is een trio bestaande uit Bert Dockx (van Flying Horseman), Fred Jacques (Lyenn) en Steven Cassiers (Dez Mona) dat aan de slag gaat met een kleine eeuw muziekgeschiedenis om er hun eigen draai aan te geven. Ze maken muziek die ergens tussen (free) jazz, blues, rock, psychedelica en field recordings in zit, maar met zijn donkere, mysterieuze, en onheilspellende sfeer vooral heel erg Dans Dans is.   Hun tweede album I/II is met zijn meer dan zeventig — volledig instrumentale — minuten een lang album, maar vooral een onvergelijkbare trip. De combinatie van covers van Maestro Morricone, jazzgrootheden Sun Ra, Ornette Coleman en Charles Mingus, van rocklegendes David Bowie, Tom Waits en Robert Wyatt en een handvol eigen nummers zorgen voor een album dat muzikaal weliswaar uitdagend aanvoelt, maar tegelijk ook heel erg organisch klinkt. Het beste Belgische instrumentale album aller tijden? I/II. (bw)

Hoogtepunt: De Waits cover “Yesterday Is Here”, die het origineel achter zich laat en aanvoelt als de soundtrack van een spaghetti-western.

  1. dEUS :: The Ideal Crash

Eerlijk? Is The Ideal Crash niet het beste, dan toch het meest constante album van dEUS. Van de eerste drie, van alle zeven. De chaos lag aan de ketting van een groove, uitbarstingen dansten als in de videoclip van “Instant Street” naar de pijpen van song en melodie. De draaideur die dEUS was stond even stil, Craig Ward vulde Barmans songschrijven aan op een manier “dat geen enkel nummer eindigt zoals het begon”, zoals Barman zelf zegt. En toch zijn het échte, bloedmooie, Songs op een destijds uitermate verrassend gebald The Ideal Crash. Opgenomen in de hitte van Ronda, met een nog hetere adem van de platenmaatschappij in de nek. En demonen in het hoofd, en pijn in het hart. Dat ook. Maar Barman puurt er een ontzettend gefocuste plaat uit, die werkelijk geen seconde inzakt en die “gaat over het leven, quoi” – zoals hij zelf verkondigde tijdens de net afgelopen concertreeks in de AB. dEUS werd volwassen, The Ideal Crash is een van de beste platen tout court die over de groeipijnen bij volwassen worden gaat. (pn)

Hoogtepunt: Eigenlijk elke bocht die elke song sierlijk en gezwind neemt, vanaf de vuile openingsriff van “Put The Freaks Up Front”. Maar ach, zullen we? Tuurlijk zullen we. Instant Straat, 4’08”. U weet wel.

De Keuze Van Frank Vander linden: Gorky: Gorky

Tom Barman, Stef Kamil Carlens en Rudy Trouvé leven nog, en Arno ook, dus die zullen mij wel vergeven als ik hier niet voor In A Bar, Under The Sea kies, en ook niet voor TC Matic, maar wel voor een plaat van iemand die vandaag jammerlijk op het feest ontbreekt: Luc De Vos. Gorky was het debuutalbum van het rocktrio (met y) waarmee Luc in 1991 al meteen zijn hele ziel blootlegde. De gepolijste productie van Wouter Van Belle was en is niet iedereen z’n smaak, maar zette de beste nummers gloedvol in de verf: het klassieke “Mia”, maar ook “Wacht niet te lang”, “Boze wolven”, “De eisen van de romantiek”, en bijna alle nummers eigenlijk, tot “Geef al je geld aan de arme kinderen” toe, een blauwdruk voor alles wat van Luc nog zou komen. Klassieke indie-rock, met fascinerende teksten en de jongentje-verdwaald-op-de-speelplaats-stem van Luc De Vos: what’s not to like? zeggen de Duitsers dan. En wij ook.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in