Bear’s Den :: ”Beseffen dat je net als je moeder naar alcoholisme neigt is hard”

Het ging een beetje sluipenderwijs, maar stap voor stap werd Bear’s Den bij ons een grote band. Nergens anders speelde de Britse groep in zo’n grote zalen als hier, en met derde album So That You Might Hear Me zal dat niet veranderen. Opnieuw pakken Kevin Jones en Andrew Davie uit met grootse melodieën die straks op Werchter ongetwijfeld niet verkeerd zullen vallen.

enola: Tussen jullie debuut Islands en jullie vorige plaat Red Earth & Pouring Rain gingen jullie heel andere muziek maken. Ik heb het gevoel dat jullie nu gewoon op koers blijven. Je hebt je geluid gevonden?
Andrew Davie (gitaar/zang): “Dat weet ik niet. We gaan altijd blijven experimenteren, denk ik. Het was in elk geval niet de bedoeling om hetzelfde te doen. Er zijn momenten die teruggrijpen naar Islands en er zijn er die meer klinken als op Red Earth & Pouring Rain. Bijna elk nummer heeft een elektronische onderlaag, als een hele eigen wereld onder de song. Dat is iets wat we natuurlijk wel begonnen zijn op onze vorige plaat, maar ik heb het gevoel dat we het op deze toch anders deden.”

enola: Toen we elkaar twee jaar geleden spraken, vertelde je: “Ik heb net een uur met Kevin zitten praten over wat de volgende plaat moet worden.” Lijkt So That You Might Hear Me ook maar iets op wat jullie toen overwogen?
Davie: “Ik denk het niet. Niemand van ons wist wat deze plaat zou worden. We hebben er uren en uren over gepraat, maar uiteindelijk is de essentie dat we sinds anderhalf jaar een nieuw schrijfstudiootje hebben in Noord-Londen en dat daar een buffetpiano stond, waar we op een dag op zijn beginnen spelen. Dat werd een van de grote dingen van de plaat. Vervolgens sleepten we elk elektronica binnen — een keyboard, een drummachine — en zijn die dingen de songs beginnen kleuren. Een plan was er verder niet: we hadden gewoon iets van een 25 songs waaraan we begonnen te werken tot deze tien overbleven.”

enola: Die keer in Trix waren jullie al bijna vier jaar non-stop op de baan, Red Earth & Pouring Rain was tussendoor opgenomen, nu was het tijd voor een pauze?
Davie: “Ja. Ik denk dat we rust nodig hadden. We voelden allebei dat we even een adempauze nodig hadden, maar om eerlijk te zijn: binnen een maand waren we alweer ideeën aan het uitwisselen. Ik trok eropuit naar Devonshire en Cornwall om op het platteland nieuwe songs te schrijven. En zo zijn we veel minder lang gestopt dan gepland. Tja, dat krijg je als je nu eenmaal graag songs schrijft.”
enola: Waarom moest dat voor jou op het platteland?
Davie: “Ik hou er niet van als anderen mijn ideeën kunnen horen als ze nog rotslecht zijn. Alles is in het begin verschrikkelijk, tot je eraan werkt en blijft werken en het hopelijk goed of interessant wordt. En dat doe ik liever in absoluut isolement.”

enola: Terwijl je zo aan het schrijven ging, begon de plaat ook een poging tot eerlijke communicatie te worden met iemand. Wat ging er om dat dat nodig was?
Davie: “Het gaat me om meer dan dat, ook om hoe we allemaal van elkaar vervreemd zijn door sociale media, maar heel concreet stamt dat gevoel uit de relatie met mijn moeder. Ze is al heel lang alcoholverslaafd en ik maakte me grote zorgen. Uiteindelijk ben ik daarover beginnen schrijven, want ik wilde haar helpen, maar zoals dat zo vaak met een verslaafde gaat, was ze onbereikbaar. Daar kwam het idee van de titel So That You Might Hear Me vandaan, want ik hoop dat ze op een dag zal begrijpen wat ik haar probeer duidelijk te maken.”
enola: Het moet niet gemakkelijk om over je moeders ziekte te schrijven.
Davie: “Neen, maar ik kan het me niet anders voorstellen. Ik heb songschrijven altijd als een vorm van therapie gebruikt. Het is voor mij een manier om mijn gedachten te ordenen en dingen helder te krijgen. “Hiding Bottles” is een moeilijk nummer, zeker omdat het ook over mijn eigen relatie met alcohol gaat. Ik vertrok op tour toen mijn moeder het erg slecht stelde en dronk ook meer, omdat ik er niet meer aan wilde denken. Die dynamiek maakte het ook moeilijk, maar net daarom wilde ik dat nummer schrijven. Om ook mezelf voor de spiegel te zetten en te laten inzien dat het niet oké is om alcohol te gebruiken als verdovingsmiddel.”
enola “Lord knows I harbour some of the same darkness in my mind” zing je effectief een paar nummers verder. Dat is een hard inzicht.
Davie: “Ja. En ik vind het moeilijk om het daarover te hebben. Ik schrijf songs, waarin ik kan zeggen wat ik wil, en ik hoop dat ik daar goed in ben, maar ik kan niet praten. Met deze plaat wil ik daaraan werken, want ik denk niet dat dat gezond is. Maar ja, het is een inzicht dat niet makkelijk toe te laten is. Het is gemakkelijker om het weg te duwen en jezelf voor te houden dat je oké bent. Maar dan eindig je als mijn moeder. Je moet het licht laten vallen over de donkere stuff, dan is de kamer minder duister. Ja, het leven is moeilijk, maar als we erover spreken, wordt het misschien een stukje minder erg.”

enola: “I don’t share all you mythologise”, zing je in “Hiding Bottles”. Geen club 27-gedoe voor jou?
Davie: “Neen. Ik denk ook dat dat niet meer bestaat in de rock-‘n-roll, daarvoor is het te hard werken geworden. Eigenlijk houden wij het op tour allemaal best braaf. Natuurlijk drinken we iets na een optreden, maar we houden elkaar wel in de gaten zodat het gezond blijft. Dat zinnetje gaat meer om hoe ik het heel hard oneens was met iemand. Ach, ’t is een gek nummer, hé? Het klinkt alsof iemand met een ander praat, maar tegelijk voert hij dat gesprek ook met zichzelf. (lachje) Het tweede stuk is veel meer ik die met mezelf worstel dan met mijn moeder.”
enola: “Now you’re cutting me loose”, zing je daar wel.
Davie: “Dat gaat dan wel weer over haar, tja. Ze heeft de plaat nog niet gehoord. Daar is ze niet klaar voor, denk ik, maar hopelijk ooit. Afwachten.” (nerveus lachje)

enola: Vandaar dat je van de plaattitel “so you might hear me” maakte, in plaats van in het gedicht van Pablo Neruda waar je het idee haalde: “so you will”. Alweer een titel, net als Red Earth & Pouring Rain, die je uit poëzie haalde. Wat trekt je aan in de dichtkunst?
Davie: “Ik vind het een heel goeie vorm van inspiratie, net als films of romans. Of zelfs een gesprek met een maat in de pub, dat is voor mij even bruikbaar als een sonnet van Shakespeare. Poëzie is niet hetzelfde als songschrijven, maar ze delen kenmerken. Een gedicht is een heel gebalde kunstvorm; je krijgt weinig informatie, maar die zit wel tjokvol betekenis, en zo gaat het met songs ook. De kunst is om heel weinig te zeggen dat heel veel zegt. Hoe kun je grotere verhalen vertellen in zo weinig mogelijk woorden? Natuurlijk voegt muziek een complicatie toe: het moet ook goed klinken, terwijl je poëzie gewoon kunt lezen.”
enola: Wil je dat je teksten ook zonder muziek overeind blijven?
Davie: “Dat is het ideaal hé, maar dat is moeilijk. Ik denk dat het vooral het doel is om iets te maken dat ontroert. En dat kan net zo goed zijn dat het je doet dansen of naar buiten stuurt, uit met je je vrienden. Eigenlijk probeer ik bij het schrijven vooral ook mezelf te ontroeren, want als ik iets voel, dan zullen anderen dat misschien ook doen.”

enola: Ik merk dat je nog altijd graag met plaatsverwijzingen werkt, zoals “Devoe and Humboldt”, “Provost and Thicket”, “Craigmaddie Hospital”. Wat betekenen die plekken voor je?
Davie: “Devoe & Humboldt is een straat in New York. Ik had een vriend die daar woonde en als we in de stad waren, verbleef ik altijd daar. Het is daar dat ik een telefoongesprek heb gehad dat “Hidding Bottles” begon, dus dat sloop in de song. Ik verwerk graag dat soort kleine details in de tekst, want het maakt het echter voor me. Als je alle details weglaat, wordt het generisch. Dan krijg je geen gevoel van de persoon achter de song. En ik wil dat mijn nummers voelen alsof iemand een verhaal vertelt.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in