Beth Gibbons And The Polish National Radio Symphony Orchestra :: Henryk Górecki’s Symphony No. 3 “Symphony Of Sorrowful Songs” Op. 36

Met het ondertussen klassieke live-album Roseland NYC Live bracht Beth Gibbons met Portishead al een album uit waarop ze begeleid werd door een klassiek orkest. Maar waar ze toen nummers van Portishead bracht, zorgt ze hier met een klassiek muziekstuk voor een veel straffer exploot.

De derde symfonie van de Poolse componist Henryk Górecki (1933-2010) was een van de eerste werken die hij schreef toen hij de avant-garde verliet en zich meer begon te richten op het schrijven in een vlotter toegankelijke, minimalistische muziekstijl. Hoewel het stuk in 1977 in première ging leidde het jarenlang een bijna onopgemerkt bestaan. Een feit dat mede in de hand gewerkt werd door de beperkte bewegingsvrijheid die Górecki en andere componisten hadden in het communistische Polen. Dat veranderde toen platenlabel Nonesuch in 1992 een versie uitbracht van het London Sinfonietta en de Amerikaanse sopraan Dawn Upshaw die tot eenieders verbazing een van de best verkochte klassieke albums ooit werd, met meer dan een miljoen exemplaren die over de toonbank gingen. Iets wat des te opvallender was omdat de derde symfonie niet het meest instant herkenbare muziekstuk is, maar het vooral moet hebben van de sfeerschepping en langzaam doordringende gelaagdheid.

De opnames die op dit album terecht kwamen dateren al van 29 november 2014 en waren een onderdeel van een avondvullend programma in het Teatr Wielki in Warschau waar klassieke componisten van de Nieuwe Poolse School (naast Górecki ook Krzysztof Penderecki en Witold Lutosławski) gekoppeld werden aan muzikanten uit de populaire muziek als Gibbons, Bryce Dessner (The National) en Johnny Greenwood (Radiohead). Beth Gibbons werd er voor de derde symfonie begeleid door het orkest van de Poolse nationale radio, gedirigeerd door Penderecki. In tegenstelling tot saxofonist Colin Stetson die een paar jaar geleden ook een versie uitbracht van de derde symfonie, gaat het hier niet om een herinterpretatie van Górecki’s werk maar om een versie die nauw aansluit bij de klassieke uitvoeringen, zij het in een iets snellere versie.

Zeggen dat Beth Gibbons hier voor een enorme uitdaging stond, is zeker niet overdreven. Niet alleen spreekt ze geen gebenedijd woord Pools, is ze geen klassiek geschoolde zangeres en kan ze geen noten lezen, maar daarenboven is Gibbons van nature een contra-alt terwijl het stuk voor een sopraan geschreven is. Met behulp van een zang- en taalcoach en zowel een fonetische als Engelse vertaling van de stukken oefende Gibbons maandenlang om haar zang zo overtuigend mogelijk te kunnen neerzetten. Met ezelsbruggetjes — genre: begin te zingen drie tellen na de derde pianotoon — leerde ze wanneer ze haar stukken moest inzetten.

In zijn derde symfonie — bijgenaamd de Symphony Of Sorrowful Songs — behandelt Górecki de thematiek van de gevolgen van gebroken moeder-kindrelaties, waarbij moeder en kind door externe oorzaken van elkaar gescheiden zijn. Het eerste en langste stuk “Lento – Sostenuto Tranquillo Ma Cantabile” is gebaseerd op een 15e eeuwse klaagzang uit de Poolse volksmuziek waarin Maria het lijden van haar zoon Jezus op zich wil nemen. Het is een stuk dat langzaam zijn tijd neemt om op te bouwen. Eerst zetten de bassen langzaam aan, wat later vallen ook de strijkers in terwijl er een weemoedige sfeer heerst en het stuk langzaam opbouwt tot een onvermijdelijke climax. Pas halverwege zet Gibbons voor het eerst aan. Wat ze niet haalt in de hogere registers compenseert ze ruimschoots door de inleving die ze aan de dag legt.

De twee volgende delen zijn wat ingetogener en de rol van Gibbons is er uitgebreider. Het tweede kortste deel “Lento E Largo – Tranquillissimo” vond zijn oorsprong in een door een 18-jarige gevangen vrouw op de muur van een Gestapo-gevangenis geschreven noodkreet, ergens tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog, “Lento – Cantabile-Semplice” is gebaseerd op een ten tijde van de Silezische Opstand (ca. 1920) geschreven folksong. In de repetitieve stukken zorgen de strijkers en piano voor een bezwerende, sombere sfeer terwijl de ijle, fragiele zang van Gibbons de muziek perfect aanvult.

Puristen van klassieke muziek zullen mogelijk hun bedenkingen hebben bij deze versie van Górecki’s derde symfonie. Maar bovenal is het toch een triomf voor Gibbons. Waar sommigen op voorhand vreesden dat dit te hoog gemikt zou zijn, zorgt Gibbons hier voor een minder geschoolde, maar qua inleving even indrukwekkende vocale prestatie als haar illustere voorgangers. Veel muziek brengt Beth Gibbons niet uit, maar ook met dit album levert ze weer een straffe prestatie af.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in