Hozier :: Wasteland, Baby!

Bijna een half decennium heeft het geduurd vooraleer Hozier terugkeerde. Het waren vijf jaar waarin de songschrijver leerde omgaan met het plotse succes, de aandacht van celebrities, en het voortdurende gezoem dat de entertainmentbusiness heet. De opvolger van die verbluffende eerste plaat is er nu, maar ontgoochelt helaas.

Zeven singles. Zoveel werden er uit dat titelloos debuut van Hozier getrokken. Dat is evenveel als Michael Jacksons Thriller er opleverde, en dat zegt iets over hoe hard zijn ster rees. Vanuit het niets werd de Ier een van de belangrijkste zangers van zijn land, een nieuwe stem die zinnige dingen te vertellen had (hoe hij de Katholieke kerk aanpakte in “Take Me To Church” blijft ongelofelijk) en dat op bezwerende melodieën.

De druk voor een opvolger moet dus groot zijn geweest, maar Hozier liet zich niet pramen en nam zijn tijd. Want dat krijg je natuurlijk als debutant. Jarenlang word je na die eerste plaat rond de wereld gesleurd, en als het dan niet lukt om onderweg te schrijven, dan komt er niets meer van. Andrew Hozier-Byrne, zoals hij echt heet, was dus maar wat blij toen hij begin 2017 eindelijk thuiskwam: zoveel mogelijk nummers zou hij opnemen, voor iemand hem weer de hort op schopte.

Haast is nooit goed, Hozier vergat in al zijn drang om ook goéie songs te schrijven. Ze bestaan, maar op Wasteland, Baby! zijn ze in de minderheid. Eerste single “Nina Cried Power” is er wél eentje. Van de basdrum als opener, over die stem die een eerste statement doet, tot het door gospel beïnvloede refrein: het klopt. Van een videoclip die de homofobie in Rusland aan de kaak stelt (dat “Take Me To Church”, dus) overgaan naar een nummer dat de Amerikaanse burgerrechtenbeweging van de jaren zestig eert, is ook maar een kleine stap. Dat soulstrot Mavis Staples en levende legende Booker T. zomaar aan boord stapten, is minder evident. Het mag een teken zijn voor het statuut dat de Ier ondertussen heeft bereikt. Meer goed nieuws: ook de meteen daaropvolgende singles “Almost (Sweet Music)” en “Movement” hebben soul, net als het swingende “No Plan”. Het zijn nummers waarin de power van dat debuut nog te horen is. Vier songs, vier keer goed. Een fijn begin. Maar dan gaat Hozier de dieperik in.

Leg nog eens die voorganger op, en de tekortkomingen van Wasteland, Baby’ worden pijnlijk duidelijk. Waar de Ier vijf jaar geleden begeesterd zong, met overtuiging preekte, krijgen we hier een stapvoets ploeteren. “Talk Refined” heeft de koortjes van een chaingang-song, maar mist de bezieling die een soulnummer nodig heeft. “Sunlight”? Een holle loeier, meer gericht op effect dan iets anders. “To Noise Making (Sing)”? De titel is beter dan het nummer, dat nooit echt lijkt te beginnen.

Misschien is Hozier gewoon nog altijd op zijn best als hij zich terugplooit op de deltablues die hem zo heeft beïnvloed. “Be” heeft het in flarden, “Dinner & Diatribes” stampt heerlijker dan al wat vooraf kwam. Maar dat komt laat, en in veel te kleine dosissen. En dat is jammer. Want wat meer van dat, en wat minder van dat andere had deze plaat deugd gedaan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in