Wauter Mannaert :: Yasmina en de aardappeleters

Een nieuw boek van Wauter Mannaert, dat betekent een nieuwe Wauter Mannaert tout court. In zijn jongste worp gooit de auteur het immers opnieuw over een compleet andere boeg. Yasmina en de aardappeleters is een modern grootstadssprookje dat bijna als geroepen komt nu een nieuwe generatie de straat op trekt en schreeuwt om een meer menselijke wereld.

Bij het verschijnen van Weegee had Wauter Mannaert al laten vallen iets anders te willen. De actie verplaatst zich dan ook van New York City, waar de sensationele avonturen van een van de iconen van de zwartwitfotografie zich afspeelden, naar Brussel, onze eigen poging tot grootstad. In plaats van moord en doodslag, krijgen we ditmaal patat op ons bord.

De Yasmina rond wie het nieuwe boek draait, is voedselfanaat. Na schooltijd trekt ze naar volkstuintjes aan de rand van de stad, waar enthousiastelingen haar bevoorraden met verse groenten. Op die manier weet Yasmina zichzelf en haar vader, die werkzaam is in een frituur, dagelijks lekkere en gezonde maaltijden voor te zetten.

Dat loopt prima, tot een louche type op het toneel verschijnt. Wie vertrouwt is met Brussel, kent het soort figuur mogelijk wel. Je kan ze herkennen aan de lelijke bouwsels die ze achterlaten of de rommel die ze onder het mom van het creëren van welvaart in schreeuwerige kleuren in winkelrekken droppen.
De figuur waarmee we hiermee te maken krijgen, ontwikkelde een heel bijzonder project. Pal op de stek van de volkstuintjes, wil de man zijn prefabfood produceren. Dat is niet alleen slecht nieuws voor Yasmina en haar makkers, gezien het verslavende karakter van het eindproduct lijdt de ganse stad binnen de kortste keren onder de nieuwe ontwikkelingen, waarop Yasmina ten strijde trekt.

Dat klinkt heel erg als een kinderstrip en tot op zekere hoogte is dat ook zo, ware het niet dat Yasmine prima door een volwassen publiek prima gesmaakt kan worden. Kinderachtig wordt het immers nergens en het jeugdige enthousiasme waar enkele hoofdpersonages van overlopen, werkt niet op de zenuwen (kijk en leer, Filiberke), maar ontlokt sympathie aan de lezer, die zich pagina na pagina kan onderdompelen in een eigenzinnige, getekende versie van de hoofdstad. Daarbij vermijdt Mannaert namelijk vakkundig de toeristenvallen die Brussel rijk is, en toont hij de stad als woonplaats, en enkele van zijn kleurrijke bewoners.

Hoewel Mannaert op het eerste zicht een beperkte tekenstijl heeft, enigszins rudimentair, houterig soms, weet hij ook ditmaal een visueel aantrekkelijke wereld te scheppen, waardoor Yasmina een streling voor het oog wordt. Bovendien debuteert Mannaert hiermee als scenarist. Het werk staat op hetzelfde niveau als de eerdere titels die Mark Bellido en Max De Radiguès eerder voor hem schreven. Daarmee wordt stilaan duidelijk dat Mannaert tot een van de kleppers van het hedendaagse beeldverhaal in dit land hoort.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in