Aquaman

Aquaman is de eerste behoorlijk geregisseerde superheldenfilm sinds Sam Raimi in 2004 zijn ding mocht doen met Spider-Man 2. Dat is enkel mogelijk omdat Zack Snyder het pad effende voor ongebreidelde eigenzinnigheid bij Warner Bros/DC. Regisseur James Wan manipuleert tijdens de actiescenes de camera als een bastaardkind van diezelfde Raimi en Steven Spielberg en etaleert een vernuft dat dit soort stripverfilmingen echt nodig heeft. Wan maakte naam in het horrorgenre met films die zich bij uitstek lenen tot een meer uitgepuurde cinematografische taal. Net hierdoor worden zijn uitstappen naar andere genres zo boeiend omdat hij een atypische meerwaarde meebrengt. Denk maar aan Furious 7 waarmee hij het actiegenre een boost van jewelste gaf. Het is daarom zeer jammer dat Wan in Aquaman niet even stevig ‘over the top’ gaat als in die snelheidsduivelsfranchise. Aquaman is geen held die teveel serieux kan verdragen, een idee dat hoofdrolspeler Jason Momoa uitstekend vertaalt, maar het scenario twijfelt al te veel tussen ernst en ‘let’s have a ball’. Dit leidt tot een halfslachtige film die te veel dingen tegelijkertijd wil zijn en James Wan volgt in te veel scènes dan ook een te braaf een saaie uitgestippelde lijn.

 

Aquaman (Momoa) zet na zijn avontuur in Justice League, de film die Superman, Batman, Wonder Woman, Aquaman en The Flash verenigde, zijn leven als held-tegen-wil-en-dank-die-liever-zuipt-dan-een-beslissing-neemt, voort. Maar zijn lot is vastgelegd en daaraan kan hij niet ontsnappen. Net zoals zijn naamgenoot Koning Arthur is hij voorbestemd voor grootsheid. Als kind van Atlantis én de bovenwereld is hij de geknipte persoon om over de onderzeese wereld te regeren en te vermijden dat er een oorlog zou losbarsten met de bewoners van het droge land.

Zovele jaren eerder, strandde zijn moeder Atlanna, de koningin van Atlantis, op de kust vlakbij de vuurtoren van Tom Curry. Zoals in een sprookje werden ze verliefd en kregen ze een baby. Maar Atlantis vergeet niet. Atlanna was uitgehuwelijkt en ze moet haar gezin op aarde achterlaten om haar lotsbestemming onderwater te vervullen. Hier kreeg ze nog een zoon, Orm, die koning van Atlantis wordt. Haar zoon op aarde, Arthur, is echter de oudste zoon en om een oorlog te vermijden tussen de zeebevolking en de aardebevolking, daagt hij zijn broer uit voor een strijd om de troon. Om hem te kunnen onttronen heeft hij de drietand van Neptunus nodig. Deze hoofdverhaallijn kruist de wraakqueeste van de piraat Black Manta, wiens vader door toedoen van Aquaman stierf.

De film wordt op die manier een aaneenschakeling van genres: een sprookje, een actiefilm, een onderwater Blade Runner(1982 – let op de synthesizers als de personages Atlantis betreden), een avonturen/schattenjacht film à la Sahara (2005)en Romancing the Stone(1984), een zombiehorrorfilm, een superheldenvehikel en uiteindelijk religieus-moraliserende propaganda, want wat voorbestemd is kan een ware held niet ontlopen.

Wan is gelukkig van genoeg markten thuis om het visueel allemaal behoorlijk overzichtelijk te houden. De gevechten zijn vaak gevat in één lang shot. CGI gemanipuleerd – dat wel – maar precies daarmee wordt wel hulde gebracht aan de originele beelden uit de ‘comics’ waarop alles gebaseerd is. De gevechten blijven dan ook overzichtelijk. In de derde akte verliest hij echter zoals elke andere regisseur in dit genre wel de teugels. Het grote onderwatergevecht is een orgie van oninteressante vlekken en kleuren in een onoverzichtelijke flitsende decoupage zonder overzicht van wie waar is en wie nu precies tegen wie vecht in welke hoedanigheid dan ook.

Strips verfilmen blijft iets waar veel regisseurs hun tanden op stuk bijten. Ofwel laat je het bronmateriaal volledig los, zoals bijvoorbeeld Nolan deed in zijn Batmantrilogie, ofwel verfilm je echt een strip, zoals Snyder probeerde. Marvel opteert met zijn Avengersfilms voor de gulden middenweg. James Wan leunt dichter aan bij Snyder, want hij bouwt duidelijk voort op de fundamenten die gelegd werden in Man of Steel en Batman vs Superman: Dawn of Justice.

Die aanpak, in combinatie met het stuurloze scenario levert echter ook kige momenten op. Neem de actiescène op Sicilïë. Een hoogtepunt waarvoor alle camerabravoure uit de kast wordt gehaald, maar door de te letterlijke aanpak lijkt alles eerder weggelopen uit iets tenenkrullend als Mighty Morphin Power Rangers. De slechterik van dienst, Black Mamba, is te onnozel voor wat deze film betracht. Had men nu de hele film met diezelfde lichtere toets aangepakt, dan had deze scène een heerlijk moment geweest. Nu vormt het een zeer curieuze juxtapositie met wat voorafging.

Dit is een punt waar de D.C. verfilmingen sinds de intrede van Christopher Nolan met Batman Begins wel meer last van hebben. Serieux wordt vlotjes pedant terwijl dit soort film niet meer behoort te zijn dan wat het is: de verfilming van een strip met zuiver escapistische bedoelingen. Jason Momoa snapt dit wel goed en straalt een humoristische attitude uit die ook in de films van grote concurrent Marvel zo goed werkt. Tegelijk blijft D.C. gravitas als huisstijl poneren en dat wringt.

Alle andere acteurs zijn dan weer louter functioneel in het verhaal van hoe Arthur Curry zijn lotsbestemming bereikt. Willem Dafoe als Vulko legt op tijd alles nog eens uit aan de niet bijster slimme Koning Orm (een geblondeerde Patrick Wilson die zich goed amuseert) zodat ook de kijker zeker altijd mee is. Amber Heard is de generieke love interst die de Bechdeltest niet haalt en zero chemistry heeft met Momoa’s Aquaman.

Het valt zeer te hopen dat James Wan met deze film voldoende krediet krijgt van de studio om met een sequel volledig zijn ding te kunnen doen. Het is een verkwisting van zijn talent om zo een flutscenario te dienen. Anderzijds, zonder zijn energieke regie zou deze film morgen in de diepste vergetelheid belanden. Nu is het net bovenmiddelmatig popcornvertier.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in