Black Bombaim & Peter Brötzmann :: Black Bombaim & Peter Brötzmann

Portugese heavy psych ontmoet Duits freejazzkanon. Op papier misschien nog een wat vreemde combinatie, maar gezien de achtergronden van de participanten niet zo’n eigenaardige samenwerking. Al hangt het ook weer af van welke definitie je daarvan hanteert. Niettemin: de lijm pakt uitermate goed.

Gitarist Ricardo Miranda, bassist Vitor ‘Tojo’ Rodrigues en drummer Paulo ‘Senra’ Gonçalves hebben altijd al de hand gereikt naar gasten die soms uit andere milieus kwamen. Zo speelden ze al met wijlen Steve Mackay (zie The Stooges) en een resem experimentalisten uit eigen land. Voor Far Out (2014) haalden ze improvisator Rodrigo Amado erbij, terwijl die op Live At Casazul (2015) nog gezelschap kreeg van gitarist Isaiah Mitchell (Earthless, Golden Void) en elektronicaman Shela. Brötzmann doet al sinds de jaren tachtig z’n duit in het zakje met o.m. Last Exit en later met het elektrische kabaal van Hairy Bones, Full Blast en Fushitsusha.

Nochtans is dit waarschijnlijk de meest rockgeoriënteerde plaat uit Brötzmanns vijftigjarige carrière, al is het maar omdat de band eigenlijk niet ten dienste van het improvisatie-icoon speelt. Wat je gedurende deze drie kwartier te horen krijgt, is een samenwerking die niet zozeer uitdraait op een interactie waarbij voortdurend ideeën heen en weer gekaatst worden, als een aanpak waarbij de twee hun huisstijl op elkaar leggen en zo naar de eindmeet razen. Brötzmann toetert, scheurt, giert en reutelt. Zoals gewoonlijk met kloten als galiameloenen. Black Bombaim zoekt het bij repetitieve en spacey jams die het midden houden tussen Comets On Fire, Colour Haze en Earthless. En op de een of andere manier werkt dat. De onvoorspelbare chemie van de muziek.

Het is (de intussen 75-jarige!) Brötzmann die mag openen en die doet dat op de kenmerkende manier: met een verscheur(en)de schreeuw, een kapotte blues en een intimiderende vibrato. Na een herhaald motief, we zijn dan twee minuten ver, ziet de band z’n kans en valt hij in met een donderend spel. Het is even ter plaatse trappelen met het gerol van spierbundels en vervolgens is de band vertrokken voor een eerste wentelgroove. Het resultaat: het kopje schudden komt naar de voorgrond, Brötzmann raast erover. Koppig en furieus. Als de gitaar openwaait, wordt het palet weidser en de indruk gewekt dat het samenspel meer open is. Het wordt ook wat zwaarder, er wordt gespeeld met energie/volume en densiteit, de hypnose is compleet.

Voor het tweede deel worden de rollen omgekeerd: de band schiet krachtig uit de startblokken, vindt al snel een elastisch kronkelende herhaling en Brötzmann toont niet het geduld van z’n kompanen in het eerste stuk. Bij de eerste opening die hij ziet, stapt hij in het geluid en lijkt deze keer vooral een hoger register af te tasten. Echte variatie komt er pas met het derde deel, dat van start gaat met sloom en sober drumwerk, waarop een loodzware doomriff gedrapeerd wordt, die haast doet dromen van een samenwerking tussen Brötzmann en SunnO))). De intrede van Brötzmann zorgt hier voor het meest opvallende, ijzingwekkende moment, wanneer een eerste kreet klinkt als een compleet ontredderde menselijke stem. Na een halve eeuw is het nog altijd goed voor een onwaarschijnlijke intensiteit.

De laatste twee stukken zijn korter en toegankelijker. Eerst wordt het tempo weer opgekrikt met een bas die neigt naar de sound van Om (maar dan versneld), terwijl het slotluik het meest catchy (nu ja) is, of waar het sterkst de schijn gewekt wordt dat de vier deel uitmaken van dezelfde band. Het is dan ook duidelijk dat het album misschien niet zozeer geschikt is voor improfanaten die willen horen hoe er vanuit het niets een discussie ontstaat, met woord, wederwoord, herhaling en voortdurende inventiviteit. Dit draait om samenspel dat rechtlijniger is, niet zozeer afhankelijk van elkaar als compatibel met elkaar, maar daarom niet minder interessant. Het is de lijm tussen twee objecten, niet die van een kleverig papje waarin de ingrediënten overvloeien. Het is een plaat van groove, hypnose en brute intensiteit, en misschien de gedroomde entree voor wie vanuit die rockflank op zoek is naar een opening om de wereld van de improvisatie verder te verkennen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in