BRDCST :: 27 maart 2016, AB Box

De laatste dag van BRDCST, het vierdaagse festival in de AB waarbij muzikale grenzeloosheid centraal staat, zorgde niet voor een uitverkochte zaal. Maar wie afzakte naar Brussel was getuige van zeer uiteenlopende hoogtepunten.

400 à 500 man zal er tegen de start van afsluiter Battles afzakken naar de AB. Voor het Portugese PAUS staat er echter amper 60 man klaar. Het is dan ook een moeilijke binnenkomer. Twee drummers, een bassist en een keyboardist: de band uit Lissabon heeft een op z’n minst opmerkelijke opstelling. De vier mannen brengen een originele combinatie van prog, hardcore en, jawel, samba. Soms iets te veel geneuzel en spierballengerol, maar bij momenten zeer aanstekelijk (zoals in afsluiter “Mo People”). PAUS doet soms wat denken aan de oude Foals en The Mars Volta, maar dan zonder de sterke melodieën. Niettemin een leuke binnenkomer die dansbaarheid, tegendraadsheid en hyperkinesie centraal zet.

Vergt ook de nodige portie open-mindedness: het Zweedse trio Fire!. De leden speelden al samen met de mensen van Sonic Youth en Sunn O))), en dat is eraan te horen. Vanaf de start blaast de vermaarde saxofonist Mats Gustafsson — een ware krachtpatser — het toch al talrijk opgekomen publiek omver. Gustafsson heeft een shirt met het opschrift ‘free the jazz’ aan, en dat doet hij ook in de praktijk: een frisse kijk op jazz creëren door punk, garage én noise in de blender te steken. Bij momenten lijkt Gustafsson wel een Thurston Moore met saxofoon. Zo bouwt hij ergens midden in de set steeds luider klinkende lawaaigolven op door aan effecten en pedalen te prutsen.

Maar ook bassist Johan Berthling en drummer Andreas Werlin spelen een glansrol. Die eerste lijkt soms stoner-riffs uit zijn basgitaar te toveren, en in een meer psychedelisch getint nummer bouwt hij langzaam op naar een meeslepend hoogtepunt. Alsof The Mount Fuji Doomjazz Corporation en Sunn O))) een kindje hebben gemaakt. Op andere momenten draagt Werlin het repetitieve, intense en intrigerende geheel. Wat een ontdekking, deze band. Op 3 juni speelt Fire! met een groot orkest in De Studio in Antwerpen. Allen daarheen!

Mbongwana Star klinkt meteen veel toegankelijker, maar is ook geen doorsnee band. We zien op het podium zes energieke muzikanten onder wie Coco Yakala Ngambali en Théo Nzonza; beiden verlamd door polio en gekluisterd aan een rolstoel. Vooral die tweede danst heen en weer in zijn rolstoel. Een aandoenlijk zicht. Mbongwana Star ontstond uit de assen van Staff Benda Bilili, een groep straatmuzikanten uit de sloppenwijken van Kinshasa die Buena Vista Social Club-gewijs internationale bekendheid vergaarde.

In tegenstelling tot Staff Benda Bilili klinkt Mbongwana Star veel groovier en energieker. Het verbaast dan ook niet dat deze band live vooral een feestband is. Tijdens het vrolijke “Malukayi”, waarin de popdeuntjes van elektrische gitaar een lach op het gezicht toveren, slaan de voorste regionen in de AB meteen aan het dansen. Het lijkt alsof het zomerfestivalseizoen alweer aangebroken is — nu we daar toch over beginnen: de band is al bevestigd voor Dour.

Niet elk nummer is van een even hoog niveau, maar dat wordt ruimschoots gecompenseerd door het hoge amusementsgehalte. “La lutte continue”, klinkt het bij de groep. Ook in “Suzanna” wordt de unieke meerstemmigheid — soms wordt er met vijf man samen gezongen — volledig in de verf gezet. Plezant, energiek en ontroerend mooi: zo kunnen we Mbongwana Star het beste samenvatten.

Dat Battles de afsluiter van BRDCST zou worden, stond eigenlijk een beetje in de sterren geschreven. Het Amerikaanse trio stond al twee keer in de AB, was in 2011 de afsluiter van de laatste Domino-editie en past bovendien door zijn innovatieve muziek perfect in het plaatje. Bovendien bewees Battles met het lichtjes geniale La Di Da Di dat het vandaag nog altijd een meer dan relevante act is. Zo stelen bassist Dave Konopka, gitarist-toetsenist Ian Williams en menselijke metronoom John Stanier meteen de show in “Dot Net”.

Voor het tweede nummer wordt meteen in het verleden gegraven: “Ice Cream” lijkt aan de reactie van het publiek te horen nog altijd een publiekslieveling. Wat wil je ook, met de carrouselgeluiden, voorgeprogrammeerde stemmen van Matias Aguayos en constante tempoversnellingen is het nummer uit de duizenden herkenbaar. “FF Bada” is een tweede hoogtepunt; iets als popmuziek met loops. Daarna wordt er langs twee intussen tien (!) jaar oude nummers van EP C / B EP vakkundig opgebouwd naar de lang uitgesponnen climax “Atlas” — wat een adrenalinestoot! Maar ook die oudere nummers hebben dankzij de strakke beats en daarrond zwevende elektronica nog niets aan kracht ingeboet. Maar het zijn de scheurende mathrock in “Summer Simmer” en, vooral, krautrocker “The Yabba” die de AB naar een staat van delirium brengen. Kort gezegd: Battles, met een set die langer én beter was dan in de Botanique vorig jaar, is de gedroomde afsluiter van deze eerste BRDCST-editie.

Dat er volgend jaar een nieuwe editie volgt, staat al vast. Misschien moet de Brusselse muziektempel dan met andere locaties (er zijn er genoeg in de buurt) in Brussel samenwerken? Dat wordt een huzarenstukje, maar zou dit fantastische concept nog boeiender maken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in