New Rumours And Other Noises :: The Moonlight Nightcall

Het Nederlandse Casco Records kan je bezwaarlijk een bekend label noemen. Met voorlopig drie releases op de teller is het een bescheiden onderneming waarbij de aanwezigheid van bassist en visueel kunstenaar Raoul van der Weide de constante is. Bracht het label in 2014 die knappe plaat van het Blue Lines Trio met George Hadow en Michiel Scheen uit, dan is van der Weide deze keer in de weer met het naar Amsterdam uitgeweken koppel Ada Rave (rieten) en Nicolas Chientaroli (piano).

De twee jonge Argentijnen belandden een paar jaar geleden in Amsterdam en zijn sindsdien deel gaan uitmaken van de bloeiende creatieve scene in de stad. Ze laten zich horen in verschillende contexten, maar organiseren zelf ook concerten. Dat geldt ook voor van der Weide — die naast het meer bekende circuit van het Bimhuis en Zaal 100 — ook ontmoetingen organiseert met veelal ad hoc combinaties van muzikanten. Van der Weide draait al even mee, maar is de laatste jaren ook behoorlijk actief. Niet enkel met het Blue Lines Trio, dat vorige maand nog een sterk Nieuwjaarsconcert speelde in uitgebreide bezetting, maar ook in trio met John Dikeman en Klaus Kugel, en andere bezettingen. Een paar jaar geleden zagen we hem zo tijdens een verjaardagsfestival van The Ex ook een straffe set spelen met internationale kanonnen Peter Evans en Paal Nilssen-Love.

Als er — naast het mooie, kleurrijke artwork en het te verwachten open vizier van de muzikanten — al iets is dat wordt overgenomen uit het vorige album van dit label, dan is het wel de toon van dit album. Net als Blue Lines Trio is The Moonlight Nightcall een vrije, speelse en wendbare plaat geworden waarin de focus opvallend blijft en de spontaniteit fris en (bijna) onbesuisd. De duur van het album is met z’n vijfendertig minuten vrij beperkt, maar dat zorgt er dan ook voor dat de aandacht niet gaat verslappen, dat je de oren blijft spitsen en op het puntje van je stoel blijft kamperen. Niet altijd evident als je ’t hebt over vrije improvisatie van deze abstracte soort.

De muzikanten leggen zich zeer sterk toe op verrassende klanken en extravagante texturen, en door het gebruik van allerhande preparations (Rave en Chientaroli) en het karakteristieke kraakdoosje en de objecten van van der Weide wordt het een springerige, bonte combinatie van geluiden en ideeën. Chientaroli spendeert een groot deel van z’n tijd in de pianobuik, waar hij over de snaren wrijft of er op slaat. Rave beheerst een resem opvallende blaastechnieken, voor momenten waarop ze niet zinnens is haar reguliere klank en technieken (die ook indrukwekkend zijn) te benutten, en de bassist is eigenlijk een geluidenkabinet op zichzelf.

In vier kortere stukken (allemaal onder de drie minuten) leidt dat soms tot een echt muzikaal zottenfeest, met drie stemmen die nonsenstalen uitkramen, lijken te rommelen met bestek, de strijkstok stevig in de snaren jagen, metaal en hout hardhandig bepotelen en het absurde opzoeken. Het zijn afwisselend kinderlijke, neurotische en dadaïstische momenten die een Hollands gevoel voor theater koppelen aan hyperexpressieve timbres (zo lijkt Rave in “Lonely Beings”, waar ze de tenorsax hanteert, echt wel een verwante van Ab Baars). Het zijn stuk voor stuk prettig gestoorde stukken; compact en met tongue in cheek, zonder daarom aanstellerig of gratuit te klinken.

De vier andere stukken, waar iets meer tijd voor genomen wordt, blijven wel iets langer hangen. Dat om de eenvoudige redenen dat ze naar verloop van tijd winnen aan coherentie of de schijnbare willekeur doorbreken met elementen die zorgen voor houvast, zoals van der Weides zwaar marsjerende basritme in het titelnummer, het tranceopwekkende samenspel in albumhoogtepunt “The Silent Bridge”, of de struikelende samenhang die gaandeweg opduikt in “”Walking Shadows”, waarin Rave even lijkt te spelen met twee saxen (ja toch?) à la Roland Kirk.

Het ene moment gaat het er lieflijk aan toe, met iele uitschieters en haast een gedruppel van noten, maar iets later beland je in een exotische jungle of steekt er een moment van bezinning de kop op, om vervolgens toch weer te belanden bij dat gretige verkennen van de mogelijkheden. Dit zorgt ervoor zorgt dat de langst nazinderende indruk die van de vele, opvallende kleuren is. In een scene waarin het er soms nogal stug en ernstig aan toe gaat, is The Moonlight Nightcall een erg charmante verfrissing.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in