Woodie Smalls :: 13 februari 2016, AB Club

“Turn on the lights, I wanna see if there’s some people I know”. Sinds “About the Dutch” en “Champion Sound” zijn de kort aangebonden raps van Woodie Smalls niet meer enkel in z’n eigen straten te horen. Zaterdag deed de 19-jarige Sint-Niklazenaar “fucking Brussels” aan, en “fucking Brussels” kon bouncen. Dooraderde hiphop was er evenwel niet bij.

Voor z’n eerste solo-optreden ooit heeft Woodie Smalls (Sylvestre Salumu) een Hawaï-hemd en een pet ontvreemd uit de garderobe van Tyler, The Creator. K1d heeft het meer voor een Angus Young onder het middel en een baseball-shirt erboven. Op Woodies debuutalbum Soft Parade is K1d Salumu’s Robin, maar in de uitverkochte Club krijgt hij een aantal keren de cape van Batman aangemeten. Hij is het die het concert moet afwikkelen nadat Salumu een nieuwe track (“The Prophecy”) halverwege stillegt en het podium verlaat. Ook tijdens de rapdialogen daarvoor zien we Woodies ogen ettelijke keren naar K1d flitsen, die z’n bars soms nét iets punctueler aan de beat haakt.

Wat niet wil zeggen dat Woodie zelf het er slecht vanaf brengt. In dik een uur tijd krijgt hij hele liters zweet gedoneerd. “Neighbourhood Dreams” is een goeie opener: de zorgeloze beat laat ruimte voor opbouw. Eerst komen de bassen, daarna een saxofoon. Salumu reciteert één van z’n betere bars: “They tryna tell / me I’m a new slave / Chasing whips and some gold chains / Jezus speaks on my niggas make ‘em feel saint” en later: “My stripes had to earn them like Adidas”. Foutloos gerapt. Eén, twee, drie referenties aan Kanye. Woodie hijst z’n micro omhoog als was het een biertje.

“Purple Unkle” moet het vooral hebben van claps en enkele spacey effectjes, maar blijkt ook live moeizaam overeind te houden. “What If” en “Work It Thru” geven gemakkelijker de aanstoot waar Woodie op mikt. De twee nummers — brothers van dezelfde mother — kleven teerdikke beats aan de binnenkanten van onze huidplooien en injecteren fijne refreintjes in de vezelverbindingen van ons brein. “Work It Thru” krijgt meer handen in de lucht, maar “What If” heeft meer maturiteit. Op een trage drietraps-beat baant Salumu zich een weg langs de putten in zijn levensparcours: “But please don’t look at me like I don’t fit the right description / I’m tryna make money / I’m over this life that I be living”. Het is één van de weinige ontboezemingen die we vanavond krijgen — Woodie weigert om de donkere teksten van “Nuggets of Wisdom” live te brengen.

Hij wil ons geven wat hij wil krijgen: positieve energie. Daar heeft Salumu de nummers en de présence voor. “About The Dutch” — happy hop, boom bap en diepe bassen — mag zich met recht en rede op datingsites profileren als een single met een six pack, en Woodie zelf toont zich aanstekelijk ongeremd op het podium.

Spontaneïteit heeft z’n eigen merite, maar we zien er wel elke aanzet naar gravitas door gesmoord. Alle conventionele party starters worden aangewend: refreinen meedreunen, armen wieken, songs halverwege pauzeren voor een peptalk, neerhurken en rechtspringen op commando. Het doel heiligt de middelen, maar die middelen duwden man en muziek een keer te vaak kopje onder. En dj, geef eens een scratch, stamp ergens een sample in, hou het wat interessant. Want dat zijn Salumu’s bindteksten níét. Dan schiet ons nog een bedenking te binnen: die gast is begot negentien. Geef Woodie Smalls nog een jaar, en hij is ook de AB Club ontgroeid.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in