Diary of a Teenage Girl

Voor wie het zich mocht afvragen: jazeker, het oude conservatieve cliché klopt nog steeds. Knal mensen af in je film en geen haan die er naar kraait. Toon een blote borst te veel en de wereld staat op zijn kop. De controverse die er in de VS en – in mindere mate – in Groot-Brittannië is losgebarsten rond de coming of age-tragikomedie Diary of a Teenage Girl, is in gelijke doses lachwekkend en veronrustend. De film, over een vijftienjarig meisje dat op eigen initiatief een seksuele relatie begint met de vriend van haar moeder, kreeg in Amerika een R-rating en in het VK een 18-certificaat, wat betekent dat de leeftijdsgenoten van het hoofdpersonage de film niet konden gaan bekijken. Religieuze groeperingen en “verenigingen voor het gezin” stonden uiteraard op hun achterste poten en kloegen steen en been over de “seksualisering van het kind” – als ze de film al niet gewoon kinderporno noemden.

Slechte publiciteit bestaat niet, zou je dan denken, maar jammer genoeg blijkt de hele hetze niet echt bij te dragen aan het commerciële succes van de film. Ondanks positieve recensies en de discussies in de media, blijft het publiek thuis, wat alweer koren op de molen is van mensen die er voor pleiten om alle kleinere, meer intieme films maar meteen op VOD of Netflix te smijten. Nochtans is Diary of a Teenage Girl een verfrissend eerlijke, speelse film met een knappe vormgeving en goede acteerprestaties.

Bel Powley speelt Minnie, een seksueel nieuwsgierige puber die opgroeit met haar moeder (Kristen Wiig) en diens nieuwe vriend (Alexander Skarsgard) in het San Francisco van de jaren zeventig – destijds het liberale bolwerk van de VS, waar het perfect legaal was om naakt over straat te lopen en homoseksualiteit (naar de normen van toen) goed werd aanvaard. Na wat geflirt belandt Minnie in bed met de amant van haar moeder – dit bezorgt haar uiteraard de seksuele ervaring waar ze zo gretig naar op zoek was, maar het levert haar ook een fikse emotionele tik op, volgens het aloude motto: het is niet omdat je lichaam het wilt, dat je gevoelens er klaar voor zijn.

In de omgekeerde richting – een (te) jonge kerel die het aanlegt met een veel oudere vrouw – hebben we dit verhaal natuurlijk al duizend keer gezien en heeft er ook al duizend keer geen haan naar gekraaid. Eind jaren zestig dook Dustin Hoffman al met Anne Bancroft in bed in The Graduate. Hell, in 2008 liet Kate Winslet zich zelfs nog plezieren door een schooljongen in het verder afgrijselijke The Reader. En niemand die er van wakker lag. Het zegt veel over de dubbele standaards die veel mensen nog steeds hanteren dat Diary of a Teenage Girl zoveel ongemak oproept bij – voornamelijk – mannen.

Wie verder kan kijken dan dat, ziet vooral een goed geobserveerde komedie, met knap uitgewerkte, genuanceerde personages. Bel Powley vindt een goed evenwicht tussen Minnie de puber en Minnie de vamp – hoe seksueel agressief ze zich ook gedraagt, het blijft altijd duidelijk dat ze lang nog niet oud genoeg is om in te schatten wat haar eigen daden zullen teweeg brengen. Jubelrecensies die beweren dat Diary of a Teenage Girl zo verfrissend is omdat tienerseks voor één keer eens niet geproblematiseerd wordt, hebben dus maar deels gelijk: de seks op zich is hier het probleem niet. Het probleem is dat Minnie daar emotioneel niet mee om kan. Regisseur Marielle Heller lijkt haar hoofdpersonage maar al te goed te begrijpen en trekt ons mee haar leefwereld in – niet alleen via de retro-sepiatinten waarin de hele film baadt, maar vooral via de animaties die de fantasieën van Minnie voorstellen. Zo voert Minnie ingebeelde conversaties met haar favoriete comic book-schrijfster, Aline Kaminsky en en verschijnen op sleutelmomenten plots tekenfilmbloemetjes op het scherm. Heller is slim genoeg om daar niet te ver in te gaan – als het er op aankomt, blijft de film stevig gegrondvest in de realiteit – maar ze geeft ons genoeg om ons te kunnen identificeren met Minnie’s droomwereld.

Naast Powley is het vooral Alexander Skarsgard die indruk maakt, als een fundamenteel zwakke man die op zich niet de bedoeling heeft om iemand te kwetsen, maar dat uiteraard toch doet. Ook hier deinzen de regisseur en de acteur er voor terug om het personage te veroordelen; hij wordt niet gepositioneerd als een slechterik, wat van hem een veel interessanter figuur maakt. Min of meer hetzelfde geldt voor Kristen Wiig als de veel te vaak afwezige moeder (die soms zelfs vage herinneringen oproept aan Jennifer Saunders in Absolutely Fabulous): een vrouw die veel te jong een kind heeft gekregen en geen flauw idee heeft hoe ze haar dochter moet opvoeden. Wiig speelt de rol met een subtiliteit die ze in ongein als Bridesmaids nu eenmaal niet vaak moet laten zien.

Met al dat blijft Diary of a Teenage Girl uiteindelijk niet zo gek origineel – het is een coming of age-verhaaltje zoals we dat al wel eens eerder gezien en dat voornamelijk opvalt door de gender reversal in de hoofdrol. Narratief bekeken gaat de film nooit echt een richting uit die je niet had zien aankomen. En hoewel de film vormelijk absoluut leuk is om naar te kijken, kan je er ook niet omheen dat Heller stilistisch heel goed heeft gekeken naar Sofia Coppola’s The Virgin Suicides – overigens een film die de psyches van tienermeisjes met meer gevoel voor poëzie probeerde te doorgronden.

Niet dat dit u moet tegenhouden – Diary of a Teenage Girl blijft een oprecht stukje cinema, met het hart op de juiste plaats en genoeg lef om – al is het dan maar zachtjes – aan de kooi van het Amerikaanse seksime te schudden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in