Madonna :: Rebel Heart

De voormalige koningin van de pop valt niet alleen van de trap, maar ook van haar troon. Op haar tergend lange, nieuwste studioproject opent ze hart en vagijn, maar verliest ze het gezonde verstand midden in een leger aan producers die haar dwangmatig vergankelijke trends voeren.

Even starten met een dienstmededeling: deze review is geschreven door een Madonna-liefhebber van quasi het eerste uur. Eén die op een paar uitschuivers na (dag Hard Candy) haar output grotendeels bleef liefhebben. Maar eveneens één die de laatste maanden met pijn in het hart de popkoningin de ene slordigheid na de andere zag begaan. Er waren de al-dan-niet bewuste vroegtijdige leaks, het opbergen van het idee om een dubbelalbum met verschillende stijlen uit te brengen, de geforceerde pogingen om de pers te halen via goedkope shocks. Oh, en die onfortuinlijke buitelbui uiteraard.

Al dat onfraais leidt tot een album met een warrige tracklist, een veel te grote en weinig coherente resem producers en een uitputtend lange superdeluxe editie over wiens laatste toevoegingen maar beter gezwegen wordt. Of misschien toch even kort opmerken dat “Beautiful Scars” qua productie een onafgewerkte demo uit haar beginjaren lijkt, en niet eens de slechtste van de bonustracks is?

Alvorens de oren finaal beginnen te bloeden, horen we een Madonna die flauwe pogingen onderneemt haar hits van weleer te recycleren. “Living For Love” is de slechtste lead single uit haar carrière – en wees maar zeker dat we “Give Me All Your Luvin’ daarbij in rekening brengen. Wat een update van “Like A Prayer” wil zijn, klinkt eerder als een door David Guetta verkrachte Cher-afdanker. Meteen erna probeert “Devil Pray” zich te spiegelen aan “Don’t Tell Me”, niet in achting nemende dat Avicii nog niet tot aan de tenen van Mirwais komt en dus eindigend in een stomdronken vrije versie van wat een degelijke kampvuursong had kunnen zijn.

De songs die onder de rebelse zijde van het chaotische concept te categoriseren vallen, zijn stuk voor stuk besmet door een wanhopige drang om eeuwig jong en choquerend te zijn. Bef-ode “Holy Water” mag nog een aardige knipoog richting het Erotica-album werpen en op best spitsvondige wijze een “Vogue”-sample integreren, de lyrics zijn zo pijnlijk expliciet dat een bulderlach alle opwinding verdrinkt. Bewijsstuk bij uitstek: “Jesus loves my pussy best”. Dan klinkt Madge honderd keer aantrekkelijker op de onfortuinlijk weggemoffelde midtempo “Best Night”, een flashback naar het Bedtime Stories-tijdperk waarin ze simpelweg “I’ll make this the best night of your life” belooft. Het kan nog erger uiteraard. In “Iconic” schuilt een nummer met potentieel dat zich op plaat gesmeten heeft als een warrige remix van zichzelf. Dat krijg je dan als zeven schrijvers en vier producers touwtjetrek spelen op één track. “Bitch I’m Madonna” kan maar beter als grap bedoeld zijn, maar had dan in Saturday Night Live moeten belanden in plaats van op plaat. Nu is het een nerveuze mengelmoes van tijdelijke hypes die uiteindelijk Madge gewoon als een navelstaarderige oude taart doen klinken. Tragisch genoeg is Nicki Minaj het enige verdraagbare element in deze draak. Ultiem pijnlijk wordt het wanneer ze in “Veni Vidi Vici” haar eigen songtitels aaneenrijgt tot een misbakken rap. “I opened up my heart, I learned the power of good-bye,
I saw a ray of light, music saved my life”. Jezus ziet Madge’s pruim hopelijk liever dan haar lyriek.

De hartsnummers van het album scoren iets beter. “Ghosttown” is een waardige kandidaat ter toevoeging tot het canon van de over het algemeen onderschatte Madonna-ballades, maar overdoet de productie in het refrein. In minder goede doen is “Joan Of Arc”, een megalomane arme-superster-klaagzang die haaks staat op het publieke imago dat Madonna al decennia lang zeer berekend rond zich optrekt en uitspeelt. Dat het refrein als een infantiel kinderrijmpje aandoet, maakt de zaak er uiteraard niet beter op. Dan stelt Madge zich veel waarachtiger kwetsbaar op in “HeartBreak City”, een vuistslag naar een ex die tegen de schenen van de harde tante geschopt heeft én eindelijk eens een degelijke melodie die zich niet overdoet in productietrucs. Ook op “Inside Out” geeft de queen zich bloot, en wel door zich te ontdoen van alle foute seks-metaforen of stoerdoenerigheid en door een gewoon liefdesnummer te schrijven, eentje dat klinkt als een song in plaats van een productieballon, én een ongemeen aanstekelijk refrein heeft.

De door William Orbit geproduceerde nummers op MDNA toonden het al aan: het is hoog tijd voor een nieuwe Ray Of Light als Madonna opnieuw de troon van het genre wil veroveren. Rebel Heart is daarentegen de midlifecrisis van een popdiva die even sexy als een Tena Lady geworden is.

Op 28 november komen we in het Sportpaleis te weten of Madonna op het podium recht krabbelt na de studioval of we in het vervolg beter onze poes naar haar shows mogen sturen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in