Exit Verse :: Exit Verse

Geen vernieuwing, geen moeilijkdoenerij, geen opmerkelijke vaststellingen. Veel directer en eenvoudiger dan Exit Verse kom je ze zelden tegen. Tegelijkertijd is het lang geleden dat we nog eens zo graag en zo vaak geluisterd hebben naar zo’n ongecompliceerde plaat. Rocken met Geoff Farina: fantastisch.

Bij het horen van die naam denken de meesten onder ons, en zeker degenen met een boon voor gestileerde rock die verwantschap vertoont met post-, emo- en jazzrock (maar eigenlijk in geen enkel van die vakjes thuishoort), aan het toptrio Karate, dat tussen het midden van de nineties en de noughties werkte aan een prachtoeuvre. Totaal genegeerd door de goegemeenschap (niet dat zoiets telt als referentie), op handen gedragen door een meute loyale fans. Zeker in België. Het is geen toeval dat de registratie van hun 595ste optreden, getiteld 595, werd opgenomen in Leuven.

Plots, na bijna 700 (!) concerten, zat het erop voor Karate, maar in tegenstelling tot wat velen tot op vandaag lijken te denken (onnozelaars), was dat voor Farina geen reden om de gitaar aan de wilgen te hangen. Hij was onder meer in de weer met het akoestische The Glorytellers (dat deed minder pijn aan zijn moegetergde oren), werkte herhaaldelijk samen met maatje Chris Brokaw (Come, Codeine), bracht nog een soloplaat uit (The Wishes Of The Dead, 2012) en hield zich op in de buurt van improvisatoren uit Rome, Boston en Chicago. En in 2013 was er Exit Verse.

Opnieuw een trio, opnieuw een kale sound die alle overbodige poeha achterwege laat. Een nieuwe Karate? Wel… not exactly. Er zijn hier wel een paar songs die herinneren aan de bedachtzame songs van die band, zoals het wat tragere “The Bond” met dat jazzy gitaarspel en de prominente spreekzang van Farina, maar eigenlijk klinkt dit compacte plaatje van amper 33 minuten vooral als het geluid van een man die zijn energie en oude platencollectie terugvond. Samen met bassist Pete Croke en drummer John Dugan baant hij zich een gretige weg door songs op het snijvlak van indie- en classic rock, met knipogen richting punk, die smeken om door de autospeakers geknald te worden.

Je kan bezwaarlijk spreken van visceraal kabaal, maar het bruist wel heel erg lekker. Farina heeft nog altijd een patent op lenige, erg precieze rock-‘n-roll, maar het klinkt allemaal wat opgewekter, potiger en uitbundiger dan bij Karate. Neem nu “Under The Satellite”: dat is gestroomlijnde, maar onweerstaanbare punkpop, met vloeiende baswerk, no nonsense riffs en een ongedwongen drive. Of “Chrome”, dat zich ergens ophoudt in de zone tussen Wayne Kramer en Freedy Johnston. Geen acrobatie, maar gedrevenheid en bakken good times. Nog beter: “Fiddle & Flame”. En maar schudden met die kop, een vuist die ei zo na in de lucht geworpen wordt.

Wat meest van al opvalt is de consistentie: er komen geen ballades, overbodige instrumentals of – en dat is het beste nieuws – inzinkingen aan te pas. Alsof Farina is blijven wegvijlen tot alle overbodige ballast weg was. Zonder de indruk te geven dat het gekunsteld is. Zo’n “Perfect Hair”, dat smeekt om een live-uitvoering. Even plezant: Thalia Zedek (van Come, nog altijd een van de beste gitaarrockbands ooit) die ook op een drietal songs komt meezingen. Niet altijd erg opvallend (een pint voor wie haar meteen hoort in de zoet glimlachende melancholie van “Seeds”), maar wel een perfecte match voor Farina. Het duo “Silver Stars” en “Sparrows”, helemaal achteraan de plaat, neigt een kleine zeven minuten naar rock-‘n-rollperfectie.

En tegelijkertijd dus niks speciaals. We hebben dan ook geen flauwe verkoopspraat in de aanbieding. Geen gimmicks of stunts te bespeuren hier. Enkel een belachelijke onderschatte muzikant die meer plezier lijkt te beleven dan ooit tevoren. Dat is genoeg, meer dan genoeg. Pareltje.

Exit Verse speelt op 8/5 in de 4AD (Diksmuide) en op 9/5 in Café Den Hemel (Zichem).

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in