East India Youth :: Culture of Volume

Op zijn tweede album draagt East India Youth elektronica nog steeds een warm hart toe. En hoewel Culture of Volume op het vlak van coherentie beter scoort dan ’s mans debuut, is er toch nog werk aan de winkel.

Met zijn debuutplaat als East India Youth wilde William Doyle de elektronische muziek naar eigen zeggen een menselijk gezicht geven. Aangezien de Britse songschrijver op Total Strife Forever echter schipperde tussen radiovriendelijke indietronic en filmische ambient met een gezonde fascinatie voor Brian Eno, was het resultaat eerder een plaat met twee gezichten. Voor de opvolger was het dus vooral zaak om de juiste focus te vinden, al bleek dat moeilijker dan verwacht.

Een eerste luisterbeurt wijst nochtans uit dat Doyle de klemtoon enigszins verlegd heeft. Zijn vocals zijn nadrukkelijker aanwezig en het album bevat meer echte songs met een duidelijke strofe-refreinstructuur. Die traditionele aanpak levert een handvol goede nummers op: “Turn Away”, “Hearts That Never”, “The Manner Of Words” en “Don’t Look Backwards” zijn dansbare anthems waarin Doyles afstandelijke stem vredig door een woestenij van synths meandert. Het nogal flauwe “Beaming White” herinnert de luisteraar er dan weer aan dat andere eenmansprojecten zoals How To Dress Well en Caribou eerder ook al garant stonden voor elektronische muziek met een hart, en dat bovendien zelfs beter deden.

Desalniettemin zijn het boeiende landschappen die Doyle uit zijn synthesizers tovert. Hij combineert stompende techno met folkachtige zanglijnen à la Hundred Waters, injecteert het instrumentale “Entirety” met vuile vlagen industrial – overgewaaid uit zijn thuis in de Londense Docklands – en dompelt orkestrale finales onder in energieke krautrock. Zijn in zichzelf gekeerde teksten (een greep uit het aanbod: “The face of the Earth/And the manner of words/Are reasons to breathe/Are reasons to see/They are gone away again”) zijn vaak abstract en voelen in combinatie met de weidse instrumentatie niet zelden aan als kreten in de woestijn. William Doyle toont zich hier een man met vele gezichten, maar valt Culture Of Volume daardoor niet ten prooi aan dezelfde besluiteloosheid die ook op zijn debuut hoorbaar was?

Niet helemaal, want Doyle heeft zijn uiteenlopende invloeden beter leren integreren. Filmische soundscapes en aanstekelijke indie hoeven elkaar niet het zonlicht te benemen maar worden in een nummer als “End Result” minutieus op elkaar geënt. Het is echter vooral het mythische “Carousel” dat het brandpunt van de plaat vormt: prachtige, dromerige Eno-synths effenen het pad voor een aarzelende strofe waarin desolate electrofolk doorschemert. Wanneer Doyle voluit gaat in het theatrale refrein (“Carousel/Carousel/Spinning round/Carousel/Carousel/Hold me down”), flirt hij openlijk met de sentimentaliteit. Het valt onmogelijk te zeggen of hij het gevaar bewust opzoekt, maar in de zinnenprikkelende finale klampt hij zich gelukkig weer vast aan het schitterende motief van de intro terwijl hij in de duizelingwekkende diepte staart. Een erg bijzonder nummer.

Heeft East India Youth deze keer een gezicht op de hedendaagse elektronica kunnen plakken? Misschien, al is het nog steeds een raadselachtig gelaat dat bijna net zo wazig oogt als de albumcover: het is nog altijd niet helemaal duidelijk waar William Doyle naartoe wil. Al klinkt het wel beloftevol. Hopelijk slaagt de jongeman er volgende keer nog beter in om scherp te stellen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in