The Fault in Our Stars

Meisjes praten over niets anders meer, adolescenten van Amsterdam tot Indianapolis schuiven hun examens er voor opzij en bakvissen halen hun tissues alvast boven, want er is een John Green-boek verfilmd. The Fault in our Stars is Josh Boone’s interpretatie van adult-novel fenomeen dat de voorbije jaren de hormonen en traanklieren van miljoenen pubers beroerde. Vergis je niet: het is de bedoeling dat je met betraande wangen de zaal uitstrompelt, je tergend bewust van je sterfelijkheid. Maar of The Fault in our Stars zowel de boekenfans als filmliefhebbers ook effectief weet te bekoren, dat is nog maar de vraag.

Maar beginnen doen we bij het begin: Hazel Grace Lancaster (Shailene Woodley) is zestien, slim en is het slachtoffer van schildklierkanker én chronische longproblemen. Met als resultaat dat Hazel geïsoleerd raakt en haar dagen doorbrengt met het kijken naar America’s Next Top Model met haar moeder. Haar ziekte blijft zijn tol eisen: ze sleept een zuurstofkarretje met zich mee en gaat dik tegen haar zin naar bijeenkomsten, waar ze zich doodergert aan de uitspraken van Jezusfans en ex-kankerpatiënten en de waardeloze raad die ze voor haar hebben. Tot ze daar letterlijk en figuurlijk Augustus ‘Gus’ Waters (Ansel Elgort) tegen het lijf loopt. Achttien en zijn been verloren aan een kwaadaardige bottumor. En jawel – tegen alle verwachtingen in worden deze twee jongeren stapelverliefd op elkaar. Ze houden van hetzelfde boek, “An Imperial Affliction”, dat hen beide naar Amsterdam leidt, waar ze op zoek gaan naar antwoorden bij de excentrieke auteur van het boek, Peter Van Houten.

The Fault in our Stars is vooral een manipulatieve film. Het wil dat je met een krop in je keel zit, het wil je traanklieren activeren en het zal er ook alles aan doen om die waterlanders tevoorschijn te halen. Dat gebeurt niet alleen door het thema (star-crossed lovers: tissues anyone?) maar ook door de soundtrack en de keuze van regisseur Josh Boone om de originele brontekst te gebruiken waar hij maar kon. Hierdoor doen de mooiste oneliners van John Green meer dan hun werk in de film: “I fell in love with him the way you fall asleep: slowly, and then all at once” (gebaseerd op een beroemd zinnetje van Hemingway, over een man die op krek dezelfde manier bankroet ging) en “That’s the thing about pain: it demands to be felt”: hetzijn nog maar een fractie van de poëtische trefzinnen die recht op je het hart gemikt zijn. Maar The Fault wordt gered van cynisme door zijn eerlijkheid. Het probeert de dingen niet kleffer te maken dan ze zijn en een eenvoudige jeugdliefde op de kaart te zetten zonder te veel melodrama. De liefde en het leven zoals het is en kan zijn: verrukkelijk, maar ook gruwelijk.

Vormelijk doet The Fault niet meer of minder dan andere indie jeugddrama’s. Op cinematografisch vlak is er gekozen voor een jonge, frisse en heldere stijl die vooral plaats moet maken voor het poëtische en zwaarmoedige van het thema. Wat opvalt is vooral het overvloedig gebruik van de kleur blauw. Niet alleen op cinematografisch vlak, maar ook in de kostuums. Een kleur die ook in het boek fervent aanwezig is: Augustus Waters’ ogen zijn blauw, zijn achternaam is “Waters”, Hazel’s nagellak is ‘donkerblauw’ en ook de cover van het boek is helblauw. De boekgetrouwheid gaat in de film dus vaak erg ver, tot in de details. Er zijn ook speciale knipogen die alleen de lezers kunnen begrijpen. Zoals bijvoorbeeld de poster van “The Hectic Glow” in Hazels slaapkamer, die verwijst naar de lievelingsband van de twee – maar die verder in de film niet aan bod komt. Zulke knipogen zijn kleine pleziertjes voor lezers, die het gevoel hebben dat de ‘little infinity’ van Hazel Grace en Augustus gerespecteerd wordt op alle mogelijke manieren.

Over het algemeen weet The Fault in our Stars zijn lezers dus te plezieren. Al zijn er ook passages die minder overtuigend overkomen. De kus in het Anne Frank huis komt een beetje krampachtig over en is een beetje een domper op de dramatische intenties. Belangrijk is daar de metafoor van immobiliteit, die zowel bij Anne als bij Hazel een grote rol spelen in hun leven. Bij Anne omdat ze het achterhuis niet kan verlaten, bij Hazel door haar slechte longen.

Shailene Woodley (The Spectacular Now, Divergent) brak door met haar rol in het Oscargenomineerde The Descendants in 2011, en laat nu (drie jaar later) zien wat ze in haar mars heeft. Ze zet een overtuigende, frisse en gevoelige Hazel neer, die ondanks het zware gewicht op haar schouders er toch in slaagt om iets te maken van de tijd die haar nog rest. En natuurlijk is haar mooie hese stem alleen maar een aanwinst tijdens het declameren van Greens catchphrases. Woodley draagt de film, terwijl Ansel Elgort (Divergent, Carrie) een beetje in haar schaduw staat. En zo zijn er nog andere schoonheidsfoutjes te vinden in The Fault. Zo was meer character development voor schrijver Peter Van Houten beter geweest, want nu krijgt hij niet veel meer dan een terloopse cameo. Ook vragen wij ons wel af waarom terminaal zieke adolescenten er toch in slagen om er zo ongelooflijk aantrekkelijk uit te zien (als Elgort zijn shirt uittrekt is de kans groot dat je even naar adem moet happen).

Er is geen antidotum voor deze manipulatieve sick-flick en de kans is groot dat ook harten van steen zullen breken tijdens dit fatalistische liefdesverhaal. The Fault in our Stars is een uitschieter in zijn genre (net als het boek – dat voor jonge lezers een mooie overstap is naar volwassenliteratuur) en weet zowel zijn lezers als de nieuwsgierige bioscoopbezoeker tevreden te houden én te verrassen. Hazel en Augustus nemen je mee in hun hoogtes maar ook in hun ellendige laagtes – en dat vinden wij als kijkers niet eens zo erg.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in