Grimmsons :: Grimmsons EP

U zegt dat artwork sinds de komst van de cd irrelevant is geworden? Kijk dan maar eens naar dit pareltje. De hoes van de allereerste Grimmsons-ep baadt haast letterlijk in donkere, tumultueuze schoonheid. De plaat gelukkig ook.

Antwerpen is de laatste jaren een van de meest vruchtbare voedingsbodems voor Belgische metal gebleken: sludge-, stoner- en thrashgroepen schieten de laatste jaren als paddo’s uit de grond. Die vloedgolf aan metal zou een mens nog doen vergeten dat de underground in de Koekenstad nog wat andere pareltjes te verbergen heeft. Neem nu Grimmsons: in de loop van 2013 bij elkaar gepuzzeld door zanger Sven ‘Wobbe’ Stockmans en gitarist Free Duran (die ooit samen speelden in postwaveband Calltracer), maar tot voor kort slechts zeer sporadisch op een podium te vinden. Begin dit jaar dook Grimmsons meteen de studio in, om daar een ep van vijf nummers te baren.

Wanneer we “vijf nummers” zeggen, bedoelen we eigenlijk drie nummers. Twee van de vijf composities op deze extended play kunnen eerder omschreven worden als intro of intermezzo. Maar ze daarom links te laten liggen, zou ze onrecht aandoen. Het anderhalve minuutje van opener “Vanguard” schept meteen een schemerige, melancholische sfeer die dik in de verf gezet wordt door een troosteloze cello. Het maakt het contrast met “∞”, dat plotsklaps als een zweepslag in het gezicht aankomt, des te groter.

Het is overduidelijk dat “∞” een anti-oorlogsnummer is (“Mom/Your prodigal son/ Finally back home/In a body bag”), maar het overstijgt het voor de hand liggende protest door een intense versmelting van opgekropte Fugazi-woede, bijtend cynisme en misantropische weltschmerz. Vooral de opbouw van een kort intimistisch moment naar een intense climax (met een glansrol voor de langzaam ontrafelende woestheid in het parlando van zanger Stockmans), toont dat het arsenaal van Grimmsons op heel wat fronten slachtoffers kan maken.

”Changelings” laat de teugels enigszins vieren, en toont een meer ingetogen kant van de band. Hier komt de inspiratie uit de postrock en -wave goed uit de verf, met weids aanvoelende gitaren die het echter niet kunnen laten om regelmatig dikke stekels op te zetten. Opvallend hier is ook weer de zang, die dat geluid perfect aanvult door mompelend, dan weer bijna diep grommend uit de hoek te komen. Het intense, maar mooie slot maakt ook dat dit nummer aan de binnenkant van je hersenpan blijft kleven.

Intermezzo “Haza”, dat opgetrokken is uit ijle gitaarklanken en -krassen, leidt naadloos naar afsluiter “Erika”, die meteen binnenvalt met een dikke, pompende drumlijn en weer die weidse, maar huilende gitaren. Net als in “∞” vallen we halverwege in een basgedreven stuk spoken word, maar storen doet dat allerminst. Ook hier is het oorlogsthema aanwezig, zij het in de gedaante van de jonge Hongaarse verzetsheldin Erika Szeles. De band kiest deze keer echter voor tragiek, eerder dan agressie, maar kan het gelukkig niet laten om te ontsporen in een grandioze finale.

Met zijn eerste ep valt Grimmsons als een ijsschots in het water van de Antwerpse undergroundscene. Gedragen door een sound die bij momenten zwoel en verstikkend aanvoelt, maar ook meedogenloos kan uitbreken, slaagt de band erin om zichzelf in slechts een handvol nummers een geheel eigen smoel te geven. Zonder de verwachtingen verstikkend hoog op te drijven: dit belooft heel wat moois voor de toekomst.

Grimmsons speelt onder meer op 12 juli in de Kinky Star in Gent, en staat op 19 juli op Rodeofest in Antwerpen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in