Edge of Tomorrow

Als filmrecensent zou je geen vooroordelen mogen hebben over een film voordat je hem bekijkt. Maar dat is niet altijd even makkelijk. Je neemt steeds een gigantische bagage aan voorgaande filmervaringen met je mee. Dat maakt dat je soms wantrouwig tegenover een bepaalde film staat en denkt dat je al weet welk vlees je in de kuip hebt. Maar gelukkig voldoen niet alle films mooi aan onze lagere verwachtingen en weten ze toch verrassend uit de hoek te komen. Neem nu Doug Limans Edge of Tomorrow. De verwachting was ergens dat dit een verwaarloosbaar scifi-avontuur zou worden met Tom Cruise in de hoofdrol, maar de film snoerde ons de mond. Liman en Cruise leveren een hoogst amusante en inventieve blockbuster af die meer blijkt te zijn dan gewoon een zoveelste studioproduct.

Het verhaal van de film is gebaseerd op Hiroshi Sakurazaka’s Japanse young adult-roman All You Need is Kill. De aarde is in de nabije toekomst overrompeld door een alienras genaamd Mimics, die bijna heel Europa in hun macht hebben. De strijd tegen de parasitaire tentakelbeesten is moeilijk, maar een nieuwe militaire uitrusting brengt hoop op overwinning. Majoor William Cage (Tom Cruise) verzorgt de PR van de hele militaire campagne en valt uit de lucht wanneer hij het order krijgt om met een cameraploeg mee te trekken naar de Franse stranden voor een laatste offensief. Cage heeft geen enkele gevechtservaring. Gedwongen belandt hij in het heetst van de strijd… en sterft hij. Vreemd genoeg wordt hij na zijn dood plotseling terug wakker op de dag voor het offensief. Cage zit vast in een tijdslus, wat van hem het perfecte wapen maakt om – met de hulp van supersoldate Rita Vrataski (Emily Blunt) – de oorlog te winnen.

Een persoon die vastzit in een zogenaamde time loop, hebben we dat al eens niet gezien? Nee, een vernieuwend concept is het niet. Het leverde met Groundhog Day een van de beste komedies uit de jaren negentig op en maakte zijn intrede in het sciencefictiongenre al eerder met Source Code uit 2011. Het was dus de taak van Cruise en Liman om niet in herhaling te vallen met Edge of Tomorrow. Dat lukt hen omdat ze iets doen dat tegenwoordig wat meer zou mogen terugkeren in spektakelfilms uit Hollywood: het allemaal niet te serieus nemen. Daarom mixen Liman en The Usual Suspects-scenarist Christopher McQuarrie de Groundhog Day-formule met een stevige dosis Starship Troopers. De film wil intelligent zijn, maar nooit door zijn gevoel voor humor te verliezen. Het besef dat de formule van deze film heel wat komisch potentieel inhoudt, is duidelijk voelbaar. Moord en sterven worden plots een heerlijk genietbare running gag. Cruise sterft door aanvallende aliens of explosies, maar wordt soms ook gewoonweg aangereden door een legervoertuig. Pech! Begin maar opnieuw, Cruiser.

Naast het komische van de hele situatie is het ook zeer entertainend om te kijken hoe de premisse wordt verbonden aan de opbouw van een militaire tactiek, maar tegelijk ook gewag maakt van een gamestructuur. Films die de conventies van een videospel najagen begeven zich vaak op gevaarlijk terrein – denk aan Ender’s Game vorig jaar – maar Edge of Tomorrow staart zich er niet blind op en weet het op zeer ludieke wijze uit te spelen. Cruise moet telkens zien hoe ver hij geraakt op het Franse strijdveld. De volgende keer wanneer hij terug tot leven komt weet hij precies wat hij moet doen tot op het punt waar hij gekomen is en bouwt hij vanaf daar verder, totdat hij nog eens sterft.

Doug Liman bewijst met Edge of Tomorrow dat hij een grote blockbuster kan regisseren en dat hij exact weet wat hij moet doen met de gehele opzet. Montage en timing zijn zeer belangrijke elementen met een verhaal zoals dit. Zet de verkeerde stap met je verhaalstructuur en je vervalt genadeloos in herhaling. Liman weet die valkuil kundig te vermijden. Edge of Tomorrow kent nooit een doods moment door een montage die gezwind huppelt tussen elke ‘nieuwe’ tijdsperiode, een scenario dat de afwisseling er in houdt en een regie die een vette knipoog hanteert. Liman beschreef zijn regie recent in een interview met de term ‘de Liman touch’. De cineast is allesbehalve een auteur, het is dus een raadsel wat dat precies mag zijn. Maar als alle blockbusters het niveau en de toewijding van deze prent zouden tonen, zagen de filmzomers er al een pak mooier uit. Helaas leidt Edge wel aan een kinderziekte die vaker voorkomt: een tegenvallend einde. Zolang de film vasthoudt aan zijn concept voelt het geheel springlevend aan, maar daar komt een einde aan wanneer de film in zijn laatste half uur kiest voor een flitsend baasgevecht en een braaf slotstuk. Had de film zijn speelse en uitdagende houding tot het einde vastgehouden, dan had het nog beter kunnen zijn. Maar ja, you can’t have it all!

En Tom Cruise, die is gewoon Tom Cruise zeker? Wel, niet helemaal. De tandpastaglimlach is helemaal terug, net als zijn eindeloze charmes. Toch krijgen we niet de Cruise-held die we gewend zijn. De acteur speelt aan het begin van de film een schlemiel in een mooi afgestoft legeruniform, die weinig waard is op het slagveld. Het is ergens verfrissend om de ster zo’n rol te zien spelen, eentje dat we niet van hem gewend zijn. Naargelang de film vordert komt de klassieke Cruise wel terug bovendrijven, maar hij bewijst dat hij op 51-jarige leeftijd nog steeds wat ass kan kicken. Net als Emily Blunt, moeten we toegeven. Blunt, die elk mannenhart onmiddellijk doet smelten door haar zijdezacht Brits accent, speelt een vrouw met gigantische ballen en wordt opgevoerd als de grote heldin van de strijd tegen de buitenaardse wezens. Vrouwelijke personages zoals we ze graag zien. Ellen Ripley zou trots zijn.

Edge of Tomorrow toont een degelijk niveau dat we van alle blockbusters zouden willen zien. Zonder er meer van te willen maken dan wat het is, geeft de film ons toch hoop dat er nog mensen zijn die meer willen doen dan enkel hun bankrekening aanvullen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in