47 Ronin

De wegen van Hollywood zijn ondoorgrondelijk. Dat ze daar in L.A. weinig scrupules kennen in hun jacht op winst, wisten we al. Daar kunnen we zelfs, tot op zekere hoogte, begrip voor tonen. Wat we echter nog steeds niet begrijpen, is waarom Hollywoodbonzen enorme bedragen blijven pompen in de meest onwaarschijnlijke rotzooi, waarvan eenieder met gezond verstand meteen beseft: dit flopt geweldig. Vorig jaar kregen we in dat genre sissers als R.I.P.D. en The Lone Ranger te verwerken. Dit jaar worden we getrakteerd op 47 Ronin. Budget: 175 miljoen dollar. Opbrengst in de VS: nog geen 40 miljoen. Weggesmeten geld, noemen ze dat.

Misschien hebt u het verhaal van de zevenenveertig ronin al wel eens gehoord. Deze klassieke legende is immers al de inspiratie geweest voor talrijke films en romans – de 47 hebben het zelfs al eens tot in een album van de Rode Ridder geschopt. Voor wie nog niet helemaal mee is: een kleine recapitulatie. Samurai die er niet in slagen hun meester te beschermen, worden uit hun functie ontheven en ‘ronin’ genoemd, wat uiteraard een vreselijke schande is – er is namelijk geen eer te behalen in het meester- en thuisloze bestaan. Wanneer de meester van de 47 samurai waarvan sprake ter dood veroordeeld wordt, maakt dat van zijn krijgers dus ronin. De 47 zweren wraak en slagen er uiteindelijk in om de man die verantwoordelijk is voor zijn dood om te brengen. Het verhaal eindigt met hun gezamenlijke (eervolle) seppuku of zelfmoord.

‘Eer, trouw en zwaardgevechten, daar kunnen we wel iets mee’, moeten ze in Hollywood gedacht hebben. Voor de goede orde, en geheel in lijn met de tijdsgeest, hebben ze het geheel nog eens overgoten met een dik fantasy-sausje. Reusachtige monsters, heksen, lizardmen en magische zwaarden – elk fantasycliché passeert de revue. Bijna overbodig om het nog te zeggen, maar natuurlijk is er ook nog een romantische subplot. Oh ja, en de hoofdrol in dit bij uitstek Japanse verhaal wordt vertolkt door de onmiskenbaar niet-Japanse Keanu Reeves.

Soit, dat een Aziatische legende eens grondig door de Hollywoodmangel wordt gehaald: tot daar aan toe. Zo af en toe kunnen wel zelfs genieten van dit soort culturele en historische cluelesness. 300 verbastert waargebeurde feiten ook met een overdosis monsters. Reken daar nog eens bij dat die Spartanen Engels met een Schots accent spraken, en het wordt helemaal duidelijk dat de kwaliteit van een actiefilm niet noodzakelijk bepaald wordt door zijn realiteitszin. Maar dan rest wel vraag: als je bereid bent om door de mythologische nonsens heen te kijken, word je daar dan ook voor beloond? Antwoord: neen. Eens het laagje fantasy weggeschraapt is, blijft een bloedeloos, wanordelijk en clichématig actie-avontuur over.

Het verhaal van de ronin – dat op zich nog wel een interessante film had kunnen opleveren – wordt aangevuld met dat van Kai (Reeves). Als we het goed begrepen hebben, is hij een soort kruising tussen mens en demon. Niet dat dat ooit uitgelegd wordt; het fungeert vooral als stoplap om een aantal nijpende plotgaten te dichten. Wat de band tussen Kai en de meester van de samurai juist is, wordt nooit echt toegelicht. Net als elk ander personage krijgt hij nauwelijks motivatie mee, laat staan dat hij enige vorm van karakterontwikkeling ondergaat. Kai is er, Kai kan dingen, Kai lost zo nu en dan een probleempje in de plot op. Verder valt er over Kai nogal weinig te zeggen.

Niet dat we bladzijden vol kunnen schrijven over de andere personages. Die zijn net zo vlak en oninteressant. Met uitzondering van Ôishi (Hiroyuki Sanada, laatst nog te zien in The Wolverine) en Mika (Ko Shibasaki) zijn de meeste personages dan ook regelrechte karikaturen. De acteurs spelen lusteloos en zonder overtuiging. Kan ook moeilijk anders als ze geen materiaal krijgen om mee te werken: het scenario is rommelig en in de dialogen is ook niet bepaald veel werk gestoken.

47 Ronin toont als geen ander hoe saai het nauwgezet volgen van genre-regeltjes kan zijn. Werkelijk elk kenmerk van de avonturenfilm is in dit prutswerk terug te vinden: donkere bossen, grimmige burchten, nobele helden en kwaadaardige villains. (Enfin, we denken toch dat die slechterik effectief slecht was. Veel bewijs daarvan krijg je niet, dus je moet de makers zo’n beetje op hun woord geloven. Ook niet bepaald bevorderlijk voor het inlevingsvermogen.)

Gooi al die slecht uitgevoerde clichés bij elkaar en je krijgt een film die braaf de regeltjes volgt en nergens potten weet te breken. Ook visueel is er niet veel om over naar huis te schrijven. De actiescènes zijn rommelig en onoverzichtelijk, met hier en daar wat obligate slowmotion. Uitzondering is de scène waarbij de ronin het kasteel van Kira binnensluipen. Hier wordt een optreden van Japanse dansers en de infiltratie van de ronin mooi in elkaar gevlochten. Helaas wordt die scène dan bijna onmiddellijk gevolgd door een gevecht tussen Keanu Reeves en een andere draak, dus lang kunnen we er niet van genieten.

Kort samengevat ziet 47 Ronin er als volgt uit: nonsensicale dialogen, abominabel acteerwerk, een verhaal vol gaten dat op geen enkel moment weet te boeien en een stijl en structuur die recht uit de Officiële Handleiding voor de Avonturenfilm lijken te komen. De film kan zich op geen enkel gebied onderscheiden. Het is het soort prent dat je tijdens het kijken al begint te vergeten. Zonder geen leuke actiescènes, zonder memorabele oneliners, zonder personages die de moeite van het herinneren waard zijn. De soundtrack is zo beleefd omniet te veel te storen, dat dan weer wel. Verder: een teleurstellend prul waarvan we u enkel kunnen aanraden om ‘m te allen prijze te vermijden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in