The Counselor

Ridley Scott heeft in de VS zelden zo’n vijandige reacties gekregen als op zijn jongste worp, The Counselor. De stamboom van de film is nochtans onberispelijk: buiten Scott als regisseur, is er ook romanschrijver Cormac McCarthy (The Road, No Country for Old Men) die hier zijn debuut als scenarist maakt en in de cast goed volk als Michael Fassbender, Javier Bardem, Penelope Cruz, Cameron Diaz en Brad Pitt. What could go wrong? Heel wat, blijkbaar. The Counselor bleek te gestileerd, te verwarrend en gewoon te bloody weird om in eigen land te scoren bij pers of publiek. En inderdaad, wie een traditioneel misdaadverhaal verwacht met realistische situaties, personages en dialogen, zal bedrogen uitkomen. Het goede nieuws is echter dat wat The Counselor wél te bieden heeft, veel interessanter is dan de conventies.

De plot suggereert weinig meer dan een doorsnee potboiler: Fassbender speelt een (nooit bij naam genoemde) advocaat die in geldnood zit, en op het punt staat te trouwen met zijn verloofde Laura (Penelope Cruz). Om terug wat geld in het laatje te brengen, besluit hij eenmalig deel te nemen aan een drugdeal, samen met zijn cliënt Reiner (een hilarische Javier Bardem). Hij wordt langs alle kanten gewaarschuwd dat hij te maken zal krijgen met een Mexicaans drugkartel, en dat het allemaal heel gemakkelijk fout kan lopen, maar uiteraard zet hij toch door en uiteraard loopt het toch fout: de koerier die de lading drugs moest vervoeren, wordt letterlijk een kopje kleiner gemaakt, de dope wordt gepikt door een derde partij en “the counselor” zit plots in heel slechte papieren.

The Counselor zoekt aansluiting bij zweterige, overspannen, trashy misdaadverhalen zoals Red Rock West, Oliver Stone’s onvolprezen U-Turn en, niet geheel toevallig, No Country for Old Men. Opnieuw krijgen we een plot die afkomstig had kunnen zijn uit een ouderwetse film noir, maar dan gesitueerd in het zuiden van de VS, waar je de hitte bijna kunt voelen, iedereen constant zweet en er altijd een hevig seksueel geladen sfeer hangt. Klinkt allemaal als business as usual, maar dat is het dus niet. Want Scott en McCarthy zijn duidelijk niet geïnteresseerd in strikt realisme en vertellen hun verhaal dan ook op een sterk elliptische manier: ze geven je maar nét genoeg informatie om de plot min of meer te kunnen volgen, maar je moet zelf de gaten invullen. Veel critici hebben dat simpelweg afgedaan als slechte storytelling – hoe kan hij/zij geweten hebben dàt…? Hoe heeft dat personage die andere gevonden? Waarom heeft die persoon dat gedaan? – maar het valt me moeilijk om te geloven dat twee mannen als Ridley Scott en Cormac McCarthy niet in staat zouden zijn om een traditioneel, samenhangend verhaal te vertellen. Ze hebben bewust gekozen voor een labyrintachtige structuur, waarin de machinaties van de plot slechts mondjesmaat worden meegegeven en je de rest zelf maar moet uitzoeken. (Ik heb dan ook zo’n vermoeden dat The Counselor voorbestemd is om een film te worden die mensen telkens opnieuw herbekijken, en dat de plotgaten dan ook wel zullen worden uitgeklaard door de fanboys.)

Bovendien kiezen de filmmakers voor extreem gestileerde dialogen en situaties. In plaats van gewoon tegen elkaar te praten, steken de personages monologen af over de manier waarop mensen hun eigen realiteit creëren, over de filosofische betekenis van diamanten en over de parallellen tussen mensen en roofdieren. In die zin doet The Counselor soms zelfs wat denken aan Killing Them Softly (nog een film die werd ondergewaardeerd toen hij vorig jaar uitkwam): Scott en McCarthy zijn niet te beroerd om hun film desnoods enkele minuten lang stil te leggen om zo’n dialoog rustig uit te laten spelen. Het gevolg (àls je jezelf er niet aan blauw ergert), is dat de filmmakers met die dialogen een soort existentiële afdaling naar de hel creëren. De film begint bijna letterlijk in de hemel, met Fassbender en Cruz die tussen kraaknette witte lakens met elkaar vrijen. Zo vrolijk zal de film daarna nooit meer worden – it’s all downhill from there, tot in de diepste krochten van een fysieke, emotionele en morele hel. En het punt van die dialogen is juist dat de personages dat beseffen. Ze wéten het allemaal, ze waarschuwen elkaar er ook voor dat het allemaal niet goed kan aflopen. Maar toch zetten ze door, toch tekenen ze hun eigen doodvonnis, omdat dat in hun natuur ligt.

Wanneer de personages niet lopen te mijmeren over leven en dood, doen ze ook wel eens dingen zoals elkaar onthoofden (The Counselor bevat wellicht de bloedigste moordscène van het jaar) of, in het geval van Cameron Diaz, seks hebben met een auto. Eigenlijk is de film alleen al voor die laatste scène de prijs van een ticket waard: je hebt niet geleefd tot je hebt gezien hoe Diaz wijdbeens op de voorruit van een Ferrari zichzelf naar een orgasme wipt.

Diaz is overigens de enige valse noot in een opvallende cast, waarin zelfs de kleinste rolletjes ingevuld worden door herkenbare karakterkoppen (“Hé, kijk daar! Hank van Breaking Bad!”). Fassbender is de intensiteit zelve in de hoofdrol. In feite heeft hij niet veel te doen, behalve lijdzaam zijn lot te ondergaan, maar zelfs in die passiviteit is het indrukwekkend hoe hij zijn emoties altijd geloofwaardig, altijd eerlijk houdt. Cruz is om te knuffelen zo schattig, Brad Pitt doet zijn rol in Killing Me Softly nog eens dunnetjes over en Bardem geeft blijk van een fantastische komische timing. Alleen Diaz lijkt niet echt gemaakt te zijn voor haar rol als femme fatale – ze doet haar best en haar acrobatentoeren op de auto zijn indrukwekkend, maar op de één of andere manier lijkt ze toch steeds te doen alsof.

Hoe dan ook, de mix van warrige plotlijnen, vreemde dialogen en extreme scènes maken van de film een unieke, eigenzinnige prent, die niet de voor de hand liggende genoegens van de doorsnee thriller biedt, en daar ook genadeloos voor is afgestraft, maar die aan mensen met een open geest juist veel meer kan geven dan dat. U hebt toch een open geest, niet?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in