Sebadoh :: 18 oktober 2013, Botanique

Sebadoh, vaste toeleverancier van heerlijk rommelige indierock, kwam vrijdag zijn eerste plaat in 14 jaar voorstellen in de Botanique. De intentie van een duchtig behaarde Barlow en de zijne was duidelijk: iedereen met een grijns op het gezicht het weekend insturen.

Naast songs uit die nieuwe plaat Defend Yourself werd ook opvallend gul uit Bakesale geplukt, iets wat alleen maar toegejuicht kan worden. De groep serveert daarbij geen gelaagde sfeerscheppingen, knopjesdraaiende laptopwizards of overdonderende lichtshows: gewoon de gitaar vastnemen en zonder veel geleuter benzine op het vuur gieten. Daarna worden de teugels zelden gevierd, iets wat de groep soms echter in de weg zit om variatie in hun set binnen te smokkelen.

Het trio zette zonder veel getreuzel het concert in gang met “I Will”, dat ook op Defend Yourself als opener mag dienen. Na een rustig tokkelende intro, barst de song open. Ook opvolger “Oxygen”, uit datzelfde nieuwe album, duldt geen getalm. Barlow, amper zichtbaar onder zijn indrukwekkende haardos en bijbehorende baard, springt daarbij lustig in het rond. Zeer spijtig is dat de stem daarbij al wel eens durft te verzuipen in het gitaargeweld. Beetje beter balanceren volgende keer, jongens?

Natuurlijk mag ook Jason Loewenstein zijn ( stevig) steentje bijdragen. Barlow en Loewenstein moeten dan ook na enkele songs telkens van instrumenten wisselen om hun blokje te kunnen spelen, wat er wel op een weinig elegante manier voor zorgt dat tijdens het wisselen en het stemmen van de instrumenten de vaart uit het concert gehaald wordt. Loewenstein hakt er tijdens zijn songs wel stevig op in, maar na enkele drammerige en soms inwisselbare nummers dwaalde bij ons toch snel de aandacht af. Zeker door de soms te nadrukkelijke aanwezigheid van zijn schurende gitaar, was bij Loewenstein weinig variatie te vinden. Hier blijkt weer hoe essentieel de afwisseling met Barlow is, die — voor ons toch — duidelijk de betere songschrijver van de twee is. Daarbij vallen veel nieuwe nummers van Loewenstein, op plaat vaak al weinig geïnspireerd, door de mand.

Aan “Final Days” hebben wij live wel meer plezier beleefd dan bij het beluisteren van “Defend Yourself”, maar naast het gespeelde materiaal uit Bakesale en andere oudere platen vallen de recente songs heel bleek uit. Sterkhouders uit dat album als “Not Too Amused” en een vlammend “Careful” zorgde dan weer wel voor vuurwerk. Uit Bakesale werden daarna nog onder andere “Magnet’s Coil”, “S. Soup” en een prachtig “Skull” geplukt. Zeer jammer is bovendien de afwezigheid van akoestische nummers als “Let It Out”, die het nochtans zeker waard zijn ze te spelen, en die bovendien wat meer afwisseling in de set hadden kunnen brengen.

In het laatste kwartier mogen de klassiekers van stal gehaald worden. Eerst mocht Lou Barlow op een ronddenderend “State Of Mine”, een hoogtepunt uit de laatste plaat, bijtend over het podium springen. Daarna verzorgen een prachtig “Beauty Of The Ride”, — hier worden wij toch elke keer van omver geblazen — het magnifieke “Soul and Fire” en “On Fire” het uitgeleide. Ondanks de soms krakkemikkige geluidsmix ( een luide gitaar kan nooit kwaad, maar als de stem van Barlow daarin verzuipt mag het toch wel wat minder zijn) en de eentonigheid die wel eens in Loewensteins nummers durft sluipen, slaagde de groep er toch in ons met de beloofde grijns naar buiten te sturen. Het weekend was weer gered.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in