John Mayer :: Paradise Valley

John Mayer heeft duidelijk de smaak te pakken voor all things country. Dat maakt hij toch duidelijk op Paradise Valley. Al heeft hij zijn veilige popdeuntjes nog niet helemaal afgezworen.

Eén blik op de hoes van Paradise Valley volstaat om te begrijpen wat Mayer ons wil vertellen. Met de allures van een cowboy, Stetsonhoed stevig op de kruin en blik op oneindig tuurt Mayer langs de horizonten van zijn muzikale paradijs. Dit wordt opnieuw een countryplaat. Dat het genre hem ligt, bewees hij al met het puike Born And Raised. Paradise Valley gaat verder op datzelfde elan, maar is meer uitgediept, verfijnder, beter ook. Mayers manier om te zeggen: “Ik heb het gesnopen, gasten. En ik vind het heerlijk.”

Een mooie gewaarwording, want het is de man uiteindelijk echt wel om de muziek te doen. Helaas wordt dat in Mayers geval al te vaak over het hoofd gezien. Want alle nonsens over zijn privéleven ten spijt – de man versiert actrices en ander schoon volk aan de lopende band – blijft hij bovenal een knap artiest. Een die altijd al au sérieux genomen wordt in (professioneel) muziekland.

En terecht. Want John Mayer levert kwaliteit. Het juk der tieneridool heeft hij ondertussen al een tijdje geleden van zich afgeworpen. Al waren zelfs de popdeuntjes waarmee hij zijn carrière gestart is, telkens tekstueel en muzikaal gevat genoeg om de term ‘tieneridool’ naar een hoger niveau te tillen. Dat hij nog geen enkel middelmatig album op zijn conto heeft staan, ligt waarschijnlijk ook aan het volk waarmee hij zich laat omringen. Na Born And Raised, staat Don Was ook nu weer achter de knoppen. Was maakte in de jaren tachtig furore met het popgroepje Was (Not Was) – herinnert u zich nog het aanstekelijke “Walk The Dinosaur”? – en was ook producer voor Bob Dylan en The Rolling Stones.

Ook aan guest performances ontbreekt het niet op Paradise Valley. Knipperlichtliefje Katy Perry mag aantreden in het honingzoete liefdesduet “Who You Love”. En Frank Ocean komt, met een ingetogen klop op de deur, even binnenwaaien in de reprise van “Wildfire”. Maar goed. Country dus. Mayer toont hoe dat moet op het heerlijk op een pedal steel- gitaar voortsjokkende “You’re No One ‘Til Someone Lets You Down”. Opener “Wildfire” getuigt van een zwoele zomeravond en een vent die zijn gezelschap wel heel hard ziet zitten (“Say, say, say, ain’t it been some kind of day / You and me been catching on like wildfire”). Met een hitsig gitaarriedeltje als uitroepteken. Daartegenover staat afsluiter “On The Way Home” die zich ondertussen al in septembernostalgie drenkt, eenzame mondharmonica incluis. Alsof hij het zomerseizoen tussen die twee haakjes wou plaatsen.

Wat zich daartussen bevindt, is een mooie mix van alles waar John Mayer goed in is. Een aangename verteller in “Dear Marie”, een open brief aan een jeugdliefde. Een aardige songsmid in het heerlijk harmonieuze “Waitin’ On The Day” (“Will you tie me tight in little strands of paradise?”). En een notoir connoisseur van het betere poplied in de knap opgebouwde, doch ingetogen oorwurm “Paper Doll”.

En oh ja, John Mayer blijft natuurlijk ook een straffe gitarist. Eentje die er duidelijk schik in heeft als hij uitgebreid met zijn kunstjes kan uitpakken. Zo horen we het hem net niet uitkraaien van spelplezier als hij “Call Me The Breeze” van JJ. Cale naar zijn hand tracht te zetten. Iets wat hij overigens met verve doet, al leunt het wel redelijk hard aan tegen het origineel.

Dat is misschien het enige jammere aan deze man. Ook al maakt hij wel eens een zijsprong, toch zal controlefreak Mayer nooit echt eens buiten de lijntjes durven kleuren. Ook nu weer met die country. Hij heeft het ferm onder de knie, maar o wee mocht ‘ie er een experimenteel folietje tussenzwieren. Misschien is het dat wat hem zo populair maakt in zijn thuisland, the US of A. Veilige Mayer. Man van de berekende risico’s. Een symbool van Amerikaanse degelijkheid. Zolang dat platen als Paradise Valley oplevert, hebben wij daar geen problemen mee.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in