The Haxan Cloak :: Excavation

De kritieken op de nieuwe plaat van The Knife deden ons in ons vuistje lachen. Het album werd omschreven als duister, cryptisch en onverklaarbaar. Neen, wilt u écht aan het puzzelen slaan, onderweg alles in vraag stellen en finaal telkens tot een andere uitkomst komen? Dan hebben wij Excavation van The Haxan Cloak voor u.

The Haxan Cloak is het eenmansproject van Bobby Krlic uit Yorkshire, niet toevallig de thuishaven van de gezusters Brontë. Aan het begin van de negentiende eeuw liet dit illustere schrijverstrio op jonge leeftijd en op raadselachtige wijze het leven. Eén van hen, Charlotte Brontë, stierf zelfs met een ongeboren kind in de buik. In dat tijdperk, omhuld in een mysterieuze sfeer, daar in het kille noorden van Engeland, moet Krlic zich als een vis in het water gevoeld hebben.

Twee jaar geleden liet The Haxan Cloak voor het eerst van zich horen, met een zelfgetiteld album op het Londense label Aurora Borealis, dat gespecialiseerd is in doom metal. Het debuut zocht aansluiting bij het geluid van Sunn 0))) en aanverwanten. Vorig jaar maakte Krlic de overgang naar een meer digitaal geluid op de ep The Men Parted The Sea To Devour The Water, dat één nummer van een klein half uur telde. Op Excavation krijgt die klinische aanpak een vervolg. Dissonante drones, vergramde noise, abstracte ambient en uitgebrande restanten post-dubstep zijn aan zet. De referenties heten voortaan Demdike Stare en Vatican Shadow.

Volgens Krlic vertelt Excavation het verhaal van het hiernamaals. De strop op de hoes laat in dat opzicht weinig aan de verbeelding over. Wij hadden ons van het walhalla alvast iets anders voorgesteld dan het gitzwarte doolhof dat op “Excavation (Part 1)” uitgetekend wordt. Onverschilligheid troef, op dit kale nummer waar de enige houvast een handclap is die beroofd lijkt van Burial. In “Excavation (Part 2)” slaat de benauwde sfeer om. Vanuit de achtergrond duiken belletjes op die voor wat kinderlijke onschuld zorgen, maar al snel weer in het niets verdwijnen.

De intro van “Miste” doet een mens schrikken. Een vertoornde schreeuw roept hiëratische echo’s op uit een vertroebeld verleden. The Haxan Cloak betekent niet voor niets “de mantel van de heks”. Excavation verschijnt dan ook op Tri Angle, het label dat maar al te graag dolt met hekserij. Met de witchhouse van Balam Acab of Holy Other heeft dit wel weinig te maken.
Beats zijn hier zeldzaam. Overweldigende bassen zwaaien de scepter, zoals in de donkere excursie getiteld “Mara”. Vermomd als onverzadigbare drones bereiken de bassen hier een ongekende diepte.

Iets voorbij het midden van het album, tijdens “The Mirror Reflecting (Part 2)”, herrijst de oude, meer organisch klinkende The Haxan Cloak. De strijkers zorgen voor een menselijke toets. In “Dieu” duiken ze opnieuw op, al worden ze hier aan een infuus van pulserende blieps gelegd. Afsluiter “The Drop” stuurt je meer dan twaalf minutenlang de besluiteloosheid in waarna niks meer vanzelfsprekend is en alles — niet in het minst de draagwijdte van Excavation — in vraag kan gesteld worden.

Een week of twee geleden tweette The Haxan Cloak “Listening to Excavation on iPod headphones for the first time ever; Fuck this.” Bij dit album moet je het vinyl inderdaad horen kraken. Alleen te beluisteren, in het donker, ver weg van alle menselijkheid. Bezwijken en vervolgens ondergaan is immers de enige optie.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in