Song For Marion

Die donkere, eindeloos diepe ogen! Dat bruinzwarte haar, dat in het juiste licht van een heerlijk rode schijn wordt voorzien! Die betoverende glimlach, die extra vrolijk wordt door de sproetjes die over haar wangen en neus heen dansen! En dan die lichtjes hese stem van haar, met dat heerlijk posh en verrassend sexy Britse accent! We zullen er verder geen doekjes meer om winden: de vrouwenzot in ons is verkocht en verknocht aan de verschijning van Gemma Arterton, de Britse actrice die een tijdje geleden heus blockbustermateriaal was in Clash of the Titans en Prince of Persia, en sindsdien ook haar naam probeert te koppelen aan iets kleinere projecten als The Disappearance of Alice Creed (wij kunnen voor u een aantal redenen opsommen waarom u die film moet zien, maar de voornaamste houden we liever voor onszelf) en Tamara Drewe, haar voorlopige chef d’oeuvre. De vrouwenzot in ons haalde dus met plezier onze portefeuille boven – gemeenschappelijke rekening, heet dat dan – voor Song for Marion, en heeft inmiddels al kaartjes gereserveerd voor de voorstelling van Byzantium eind juni.

Gelukkig voor u en de meer kritische lezer is de open minded filmcriticus in ons óók naar Song for Marion gaan kijken, en die was, om het zacht uit te drukken, weinig enthousiast, om niet te zeggen godsgruwelijk geïrriteerd. Arterton speelt dan ook maar tweede viool in deze film die in de eerste plaats om Arthur (Terence Stamp) draait. Arthur is een nukkige oude man, die een verzuurde relatie heeft met zijn zoon James (Christopher Eccleston) en het maar niets vindt dat zijn terminale vrouw Marion (Vanessa Redgrave) het grootste deel van de tijd bij haar vriendjes van het bejaardenkoor uit de buurt doorbrengt, dat geleid wordt door de bevallige en immer opgewekte Elizabeth (Arterton). Wanneer het liedje van Marion – ho ho ho! – uitgezongen is, laat de verbitterde Arthur zich overtuigen om haar plaats in het koor in te nemen voor de muziekwedstrijd die op til is, wat hem uiteindelijk moet helpen om met zichzelf en de rest van de wereld in het reine te komen. Coming of old age, heet dat dan.

Als je het sentimentaliteitspercentage van een film zou kunnen berekenen aan de hand van de titel, zouden die met een vrouwennaam of het woord ‘song’ erin waarschijnlijk het hoogste scoren, en qua melige plotelementen gaat Song for Marion dan ook door het dak. Niet alleen heb je een hoop oudjes die hun tweede jeugd vinden door covers van Ace of Spades en Let’s Talk About Sex te zingen en een belangrijk personage dat halverwege de duimen moet leggen voor kanker, maar er is ook nog een gebroken vader-zoonrelatie, en de openbloeiende vader-dochterrelatie die als goed voorbeeld moet dienen. ’t Is dat het sentiment wat wordt weggedrukt door de wanhopige en bij de haren gesleurde feelgood-factor van de film, anders gutste de stroperigheid van het verhaaltje af.

Qua thematiek leunt Song for Marion sterk aan bij het eveneens behoorlijk zwakke maar toch oneindig superieure The Best Exotic Marigold Hotel en de documentaire Young @ Heart, over het gelijknamige seniorenkoor. Dat is allemaal heel schoon, en – echt waar – we willen niet in de voor de hand liggende val trappen van daar cynisch naar uit te halen, maar dat neemt niet weg dat zo’n hoop tachtigplussers die in het lokale buurthuis rapliedjes beginnen te zingen een geweldige Little Britain-factor heeft, maar dan zonder de absurde ironie die dat programma zo grappig maakte. Bovendien is de manier waarop al die oudjes worden voorgesteld naast bijzonder karikaturaal ook bijzonder zielig en weinig eervol: zowel regisseur-scenarist Paul Andrew Williams (Paul Andrew Wie?) als het personage van Elizabeth, een muziekleerkracht op een middelbare school, behandelen de bejaarden alsof ze met de jaren infantieler zijn geworden.

De grootste ergernisfactor van Song for Marion ligt dan ook in zowat alle scènes met dat koor en zijn irritante leden, die zich helaas bijna allemaal verleiden tot hemeltergende imitaties en incarnaties van rock-, metal- of rapclichés. De wel erg makkelijke en voorspelbare manier waarop de plot zich ontwikkelt, doet de film natuurlijk ook geen goed: je kan zowel het verloop van elke individuele scène als de manier waarop ze aan elkaar worden gemonteerd invullen zonder dat je de synopsis vooraf kent, en enige uitdieping van de personages hebben we in het repertoire van de zingende oudjes ook al niet gevonden.

Nochtans is Song for Marion in de eerste plaats wél een acteursfilm. Dat wil zeggen dat er bij momenten sterk geacteerd wordt, maar het is ook een beetje een eufemisme om te zeggen dat de regie en het scenario van Song for Marion van een bedroevend laag niveau zijn. Op enkele nadrukkelijke frame-within-frames tijdens de begrafenisscène na (in al zijn soberheid misschien wel de sterkste scène uit de film), getuigt Williams’ regie van geen spatje eigenzinnigheid of inventiviteit, en dus blijft ook de stilistische inkleding van Song for Marion te vaak steken op het niveau van een televisiefilm. Wij waren al blij als er eens een momentje kwam waarin de acteurs de ruimte krijgen om iets met de emoties van hun personages aan te vangen: Terence Stamp haalt alles wat er uit Arthur te halen valt, en vooral Christopher Eccleston verrast in een op zich nochtans weinig interessante bijrol. Redgraves incarnatie van een terminaal zieke vrouw steunt echter te veel op clichés, en de prestatie van Arterton is een tikkeltje te gespleten: ze is overdreven enthousiast in haar interactie met haar koorleden – op het enerverende af – maar laat in enkele one-on-one-scènes met Stamp wél zien dat ze effectief kan acteren.

Helaas, met enkel tweeënhalve goede acteerprestaties koop je geen punten bij enola, en het saaie plotverloop, de van de pot gerukte laatste akte, de holle figuren, de opeenstapeling van clichés, de futloze regie en de kleinerende benadering van regisseur Paul Andrew Williams naar zowel de personages als het publiek hebben ook niet meteen recht op een hoge waardering. Uiteindelijk schiet Song for Marion noch als tranentrekker noch als feelgoodfilm raak, en blijft er nauwelijks een reden over om ernaar te gaan kijken. Op het snoetje van Gemma Arterton na, natuurlijk.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zestien − 11 =