BEST OF: Mark Kozelek

Geef toe: meestal zijn ze uw geld niet waard, die verzamelaars van uw favoriete groep die u in de winkelrekken vindt. De platenfirma denkt dat enkel singles in aanmerking komen en een artiest zelf is ook al zelden goed geplaatst om eigen werk te beoordelen. Tijd dus dat het eens aan professionals wordt overgelaten, en wie beter dan een team kenners van enola om maandelijks de vijftien beste tracks van een artiest te selecteren. Deze maand: het beste van Mark Kozelek, frontman van Sun Kil Moon en de voormalige Red House Painters.

1. Sun Kil Moon – Lost Verses

De trage, plechtstatige opener van Sun Kil Moons April uit 2008, een van Kozeleks (vele) meesterwerkjes. In “Lost Verses” hoor je hem op de toppen van zijn kunnen: die trillende, ragfijne bariton en de uiterst nostalgische tekst, bijna poëzie. Het lied speelt als een delicaat fotoalbum, een oude wegenkaart van verloren kansen en bijna vergeten objecten en herinneringen, van de wollen jas van zijn vader tot het parfum van zijn moeder. De elektrische, bijtende gitaarsolo die uitgeleide doet, is de regenbui die volgt op de donkere wolken uit de voorafgaande acht minuten. Groots.
Hoogtepunt: 4’18”. Het refrein reist voor een eerste keer de eenzame hoogte in, stemmen stijgen als ragfijne mist op uit de oceaan en het nummer breekt open: “I see you well and clear/Deep in the moonlight dear/Your radiant August eyes/They are the suns that rise/They are the lights that guide/In these lost verses.”

2. Sun Kil Moon – Carry Me, Ohio

Odes genoeg in het oeuvre van Kozelek, maar deze is toch een speciaal geval doordat het, hoewel ogenschijnlijk gericht aan een van de vele geliefden uit zijn leven, in feite aan zijn geboortestaat Ohio is opgedragen. Kozelek vertrok daar op jonge leeftijd om na enkele omzwervingen uiteindelijk definitief in San Francisco te belanden. “I’m sorry that I could never love you back”, zingt Kozelek als openingswoorden, woorden die binnen het eigenzinnige nostalgische heimweegevoel van dit nummer een bijzondere emotionele lading dragen.< br>
Hoogtepunt: 5’36”. Een extra gitaarriedel dient zich aan om de song uitgeleide te doen tot aan de fade-out.

3. Sun Kil Moon – Ålesund

Kozeleks liefde voor de klassieke gitaar was al eerder naar voren gekomen, maar op Admiral Fell Promises nam hij een volledige plaat op met enkel zijn naar Andrés Segovia neigende gitaarspel en zijn typerende melancholische vocals. Prijsbeest van die plaat is ongetwijfeld deze “Ålesund”, een melancholisch terugkijken op gemiste kansen tijdens zijn verblijf in die stad gekoppeld aan de algemene gevoelens van ongemak tijdens het toeren.
Hoogtepunt: 1’15”. Na een toonzettende introductie, diep doordrongen van Spaanse laat-romantische invloeden, rolt de eerste sequens van de basisakkoorden van het nummer erdoor, al snel vervoegd door Marks zweverige vocals.

4. Red House Painters – Mistress (piano version)

Waarom er gekozen werd om twee versies van dit nummer op de eerste titelloze plaat van Red House Painters (ook wel Rollercoaster genoemd vanwege de hoesfoto) te zetten, is onduidelijk, maar feit is wel dat ze beide carrièrehoogtepunten zijn. Deze verstilde pianoversie is dat nog net een tikkeltje meer dan de volle bandversie die wat minder opvalt te midden van het andere gitaargeweld op Rollercoaster. Kozeleks vocals mogen dan nog wat onzeker geweest zijn hier, dat draagt uiteindelijk enkel maar bij tot de breekbaarheid van deze relatie-beëindigende song.
Hoogtepunt: 1’53”.“The attention I need is much more serious”, zingt Kozelek. Iets zegt ons dat ’s mans constante geswitch van muze naar muze hier een belangrijke verklaring krijgt.

5. Red House Painters – Katy Song

Misschien wel de meest gelauwerde song uit de Red House Painters discografie, en dat is niet eens onterecht. De depressieve, bijna suïcidaal aandoende ode aan een verloren liefde die in zo veel van zijn andere nummers te horen is, is hier dan ook mogelijk het best geformuleerd geweest, met ijle vocals gedrapeerd over een rondcirkelend gitaarthema dat aan het einde een doorleefde jambehandeling krijgt.
Hoogtepunt: 2’21”. “And that’s more than I could ever give you.” Kozelek erkent dat hij niet bepaald de ideale man is, maar doet dat wel op een manier die het hart van de Katy waarvan sprake is wel moet gebroken hebben. Meermaals.

6. Sun Kil Moon – Heron Blue

Een opvallend nummer in Kozeleks oeuvre door de stuwende (in plaats van melancholisch treurende) muziekpartijen die de vollere stem van zijn recentste werk alle ruimte geven om de donkere teksten uit te spreiden. Tussendoor werkt ook de nadruk op klassieke gitaar, die later zo dominant zou worden, zich in bijzonder sterke tussenstukken naar voor. Met minimale middelen wordt zo een nummer van meer dan zeven minuten toch onwaarschijnlijk boeiend gehouden.
Hoogtepunt: 3’19”. Een diep bonkende trom vervoegt het repetitieve gitaarthema, alsof deze ‘old sad hymn’ het ritme van een trage dodenmars aangeeft.

7. Red House Painters – Summer Dress

Opnieuw een ode aan zijn muze Katy uit het wat rustigere Ocean Beach uit 1995. In dit nummer beschrijft Kozelek de breekbare schoonheid van een meisje in een zomerjurk dat eenzaam op het strand staat te dromen: een kostbaar moment dat enkel in de drie minuten van het liedje bestaat. Hier wist Kozelek voor het eerst de essentie van een herinnering te vatten en te vertolken, iets wat hij later nog vaker zou doen, maar nooit meer zo puur en onschuldig als hier.
Hoogtepunt: 1’01”. Een tamboerijn en een viool vallen in bovenop Kozeleks getokkelde gitaar en het is alsof de horizon van de zee zich plots aankondigt in de ochtend.

8. Mark Kozelek – Celebrated Summer

Een wat vergeten cover uit het compilatiealbum The Finally LP uit 2010. “Celebrated Summer” is oorspronkelijk van Husker Du, punkrockers uit de jaren 80 wiens gitaargeluid ook een grote inspiratiebron was voor o.a. wijlen R.E.M. Kozelek deconstrueert het nummer totaal, zoals hij ook met AC/DC en Modest Mouse deed, als was het hele nummer het akoestische intermezzo uit het origineel. Klinkt in het origineel het refrein “Is that your celebrated summer?” nog bijtend cynisch, in de wereld van Kozelek wordt het een berouwvolle verzuchting naar een jeugd vol rebellie en zinloze, zalig achteloze tijdverspilling.
Hoogtepunt: 0’13”: Bovenop zijn glasheldere gitaarspel echoot Kozeleks stem als in een metrotunnel en het nummer verandert in een ongrijpbare, impressionistische beschrijving van een verloren, verre jeugd.

9. Red House Painters – All Mixed Up

Nog een andere, compleet ontbeende cover, deze keer van prog-rock band Yes. Het nummer krijgt hier een bepaalde intensiteit en wanhopige zwartgalligheid die aan het origineel ontbrak en de gitaren rammen, sleuren en knarsen in het refrein als in het allerbeste van Neil Young met Crazy Horse (zie ook “Salvador Sanchez” en “Tonight The Sky”). De wereld splintert in de vijf minuten van dit nummer even uit elkaar en dat allemaal omdat zij er geen idee van heeft wat ze wilt.

Hoogtepunt: 4’27”. Het refrein zet zich nog een laatste keer in zijn volle hevigheid in, verschroeiend hard en impressionant terwijl Kozelek de tekst als een resem gebroken beloftes en verwijten naar haar hoofd slingert. Intens.

10. Red House Painters – Song For A Blue Guitar

Titeltrack (of toch bijna), net zoals “All Mixed Up” uit de nogal ondergewaardeerde vijfde (en voorlaatste) plaat van Red House Painters, Songs For A Blue Guitar. Het ruwe karakter van de songs op de twee titelloze platen is hier wat meer bijgeschaafd, met in dit nummer zelfs wat country slide gitaren en subtiele vrouwelijke backing vocals die Kozeleks meer mature vocals bijstaan.
Hoogtepunt: 2’10”. Stephanie Finch (mevrouw Chuck Prophet) vervoegt Kozelek en geeft het nummer zo een zeldzame vocale diepgang.

11. Mark Kozelek – Down Colorful Hill (Live)

Een delicaat gespeeld, akoestisch nummer over opgroeien, de weg kwijt zijn en liefde verliezen: “Losing a dream/Face to face sleeping/Losing a dream/Open mouths breathing.” Afkomstig van het livedubbelalbum Little Drummer Boy Live, een van de eerste releases uitgebracht op Kozeleks eigen Caldo Verde-label. In deze akoestische versie heeft het nummer niets meer van doen met de dramatische slowcoresfeer uit het gelijknamig getitelde debuutalbum van de Red House Painters, maar wordt het subtiel en dromerig, niet in het minst dankzij het ragfijne gitaarwerk.
Hoogtepunt: 5’08”. Het refrein is weggesmolten, de gitaren schakelen een octaaf hoger en het is alsof de grond onder je voeten wegzakt: “Like empty roofs/Above life of poor doves/Like empty roofs/Above rid of our love.”

12. Mark Kozelek – Find me, Ruben Olivares

Een eenvoudig, vakkundig akoestisch getokkeld liedje over, nog maar eens, een verloren liefde en het verlangen om teruggevonden te worden. Het is een bijzonder intieme opsomming van alle verlangens en herinneringen die achterblijven, zonder dat het bitter klinkt. Ruben Olivares komt enkel voor in de titel en is een in deze context ietwat vreemde verwijzing naar een Mexicaanse bokser. Dat is op zich niet vreemd aangezien boksen een van Kozeleks terugkerende obsessies is.
Hoogtepunt: 2’37”. Mark gaat met zijn stem even de hoogte in en zet een hartenbreker van een strofe in: “Look for me like you did/On the days I ran and hid/Bring your old gifts you brought/And find me.”

13. Sun Kil Moon – Young Love

Misschien wel het mooiste nummer uit het wat wisselvallige Among The Leaves van vorig jaar. Een lied over een afgezonderde winter in de bergen en uit het oog geraakte vrienden, begeleid door de hypnotiserende Spaanse gitaarlicks van Kozelek. Ondanks al de melancholie en nostalgie gaat “Young Love” over aanvaarding en de tragische schoonheid van het voorbijgaan van de tijd.
Hoogtepunt: 4’36”. Het lied verandert subtiel van tempo en het nummer zakt door dun ijs terwijl Kozelek steeds dieper in zichzelf verzinkt, tussen zijn geesten en herinneringen in zijn huis in de bergen.

14. Sun Kil Moon – Duk Koo Kim

Vijftien minuten epische tragiek in drie of vier secties die naadloos in elkaar overlopen. Het is een track die al meegaat sinds de Red House Painters’ nadagen in verschillende versies (u ziet hiernaast de hoes van de akoestische vinylversie). De titel verwijst naar de gelijknamige Zuid-Koreaanse bokser die aan zijn verwondingen stierf, net zoals de (groeps)naam Sun Kil Moon overigens van de eveneens Zuid-Koreaanse bokser Sung Kil Moon komt. “Duk Koo Kim” is niet minder dan een treurig spiegelpaleis van indrukwekkende gitaarsolo’s, rinkelende mandolines en tuimelende melodieën. Een spiraalvormige, claustrofobische nachtmerrie die via labyrintische omwegen eindigt met de lichte hoop van een rood ochtendgloren.
Hoogtepunt: 0’01”. Een eenvoudige elektrische gitaar zet een van de meest complexe, emotioneel intense, mooiste nummers uit Kozeleks oeuvre in. Er is geen excuus om dit lied niet in zijn geheel te ondergaan.

15. Sun Kil Moon – Blue Orchids

Blauw moet zowat Kozeleks favoriete kleur zijn, dit is immers al het derde nummer in deze lijst met “blue” in de titel. Misschien is het echter ook wel de kleur die de muziek van Zijne Melancholicus het beste typeert, al valt tegelijkertijd op dat het depressieve aspect van zijn vroege muziek heeft plaatsgemaakt voor een meer volwassen geluid op latere platen, zoals April, waarop deze afsluiter een absoluut hoogtepunt vormt.
Hoogtepunt: 2’54”. Een stevige klassieke notenwaterval katapulteert het nummer van een folky mijmering kort naar een donkere, klassiek geïnspireerde meditatie, om na exact een minuut terug in folky sferen terecht te komen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in