Broken City

De prijs voor grappigste pruik van het jaar mogen we – onder voorbehoud, het is tenslotte nog maar maart – weggeven aan Russell Crowe in het politiek getinte misdaaddrama Broken City. Het fascinerende tapijt dat hij hier op zijn schedel heeft liggen, is verreweg het meest interessante aspect van de film en roep meteen boeiende praktische vragen op, zoals: “wat voer je dat ding?” “Hoe lang leeft het?” En vooral: “Hoe hebben ze ervoor gezorgd dat het tijdens de takes grotendeels onbeweeglijk bleef liggen?” Jammer genoeg is de rest van de prent heel wat minder memorabel: Broken City is een generisch thrillertje waar zo weinig passie achter zit, dat het lijkt alsof zelfs de regisseur er niet in geloofde. Snel gemaakt, in de VS uitgebracht in januari (traditioneel de maand wanneer de overschotjes van de studios gedumpt worden) en eigenlijk nu alweer vergeten.

Mark Wahlberg speelt Billy Taggert, een New Yorkse flik die geschorst wordt na een controversiële schietpartij. Zeven jaar later werkt hij als privédetective, die nauwelijks zijn rekeningen kan betalen. Tot hij een telefoontje krijgt van de burgemeester, Nicholas Hostetler (Russell Crowe). Die is ervan overtuigd dat zijn vrouw (Catherine Zeta-Jones) hem bedriegt, en wil weten met wie. Taggert aanvaardt de klus, maar – cue het onheilspellend muziekje – uiteraard is er veel meer aan de hand, en voor hij het weet, zit hij verstrikt in een smerige zaak van corruptie en zelfs moord.

Zucht. En zo gaat dat dan, hè. De plot van Broken City steunt zodanig op de conventies van honderd jaar Hollywood, dat het eigenlijk volledig irrelevant is hoe het nu specifiek in elkaar zit. In de praktijk blijkt het allemaal te draaien rond een verkoop van onroerend goed waarmee gesjoemeld werd, maar het had net zo goed iets helemaal anders kunnen zijn. Maakt niet uit, het is toch één en al stereotype. We krijgen de corrupte maar charmante burgemeester, de flik die zijn boekje wel eens te buiten gaat maar in principe een goed hart heeft, de mysterieuze echtgenote die meer weet dan ze laat blijken en ga zo maar door. Alles aan Broken City voelt vertrouwd aan, we hebben het allemaal al eens eerder gezien.

Regisseur Allen Hughes (die samen met zijn broer Albert nog Menace II Society en From Hell maakte) spendeert bijna twee uur om zijn overgecompliceerde plot met handen en voeten uit te leggen, maar kan dan nog niet verhinderen dat die met haken en ogen aan elkaar hangt. Zeker tijdens de tweede helft van zijn film passeert er nauwelijks een scène waarin de personages niet expliciet het verhaal aan elkaar aan het uitleggen zijn, maar toch komt het nog altijd warrig en slordig over. Hoe is het mogelijk dat Catherine Zeta-Jones haar eigen man wil chanteren met dezelfde informatie die ze ook wil doorspelen aan zijn politieke tegenstanders? Toch een beetje vreemd. Griffin Dunne duikt op als een henchman van Russell Crowe, maar I’ll be damned als ik precies kan uitleggen hoe hij in het plaatje past – hij duikt in twee of drie scènes op, maar er wordt met zijn personage bitter weinig aangevangen. Mark Wahlbergs relatie met een actrice wordt uitgebreid opgebouwd tijdens het eerste uur, maar zij verdwijnt daarna plotseling uit de film.

En dat is dan ook het grootste probleem: het verhaal is op geen enkel vlak origineel, veel te ingewikkeld en hoe zeer Hughes ook moeite staat te doen om het verteld te krijgen, het blijft langs alle kanten rammelen. Misschien was het beter geweest om de plot te vereenvoudigen en meer tijd vrij te maken om de personages beter te leren kennen. In die burgemeester zit best een boeiende filmfiguur verscholen, maar dan moet je daar wel naar op zoek gaan, in plaats van jezelf te verliezen in saaie verhaaltechnische rompslomp rond contracten en bouwplannen.

De acteurs doen hun best. Mark Wahlberg laat zijn geconcentreerde frons overuren draaien, maar moet het meer stellen met zijn charisma dan wat anders. Veel uitdagingen zaten er voor hem niet in deze rol, en dat merk je. Hij is professioneel en geloofwaardig, in de mate van het mogelijke, maar ook niet meer. Russell Crowe moet fysiek opboksen tegen die hallucinante pruik en een verdacht gebronzeerde look – misschien komen we in de geschrapte scènes op de dvd wel te weten dat hij eigenlijk verslaafd is aan zonnecentra of zo – en worstelt om zijn schetsmatige personage wat leven in te blazen. Tijdens een debat met zijn politieke tegenstander, Barry Pepper, krijgt hij één keer de kans om een sappige monoloog af te steken, en je voelt Crowe zowaar tot leven komen. Hij slaakt een bijna hoorbare zucht van opluchting omdat hij heel even, een minuutje lang, zijn tanden in die rol kan zetten. Kan iemand hem nog eens een rol van het kaliber van The Insider aanbieden, alstublieft? Nu goed, hij begint in ieder geval niet te zingen, dat is alvast dat. Catherine Zeta-Jones, Jeffrey Wright en Barry Pepper staan geroutineerd hun loon te verdienen en daarmee is dan ook alles gezegd.

Broken City is een doordeweeks Hollywoodproduct, dat waarschijnlijk straight to dvd zou zijn gegaan als er niet toevallig een paar grote acteurs in hadden rondgelopen. Is het écht slecht? Goh nee, daarvoor blijft het allemaal nog net te onderhoudend, op een oppervlakkig niveau. Maar zo bland, zo middelmatig, zo snel te vergeten… Doorspoelen, die hap!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in