Hansel & Gretel: Witch Hunters

De twee pijlers waarop onze zorgeloze jeugd gebouwd was, werden gevormd door een collectie Disneyvideo’s enerzijds en het jaarlijkse bezoek aan de Efteling anderzijds. Het fundament waaruit die twee pijlers ontsproten, was eigenlijk grotendeels hetzelfde: het grote, oude boek dat een prominente plaats had in vaders boekenkast. De grote witte kaft, voorzien van een blauwe rug, omsloot een tekening van een oud vrouwtje in een antropomorfe boom, en eronder stond, in hoofdletters: GRIMM. Het bevatte alle sprookjes, verhalen en vertelsels die de twee broers hadden opgetekend, voorzien van de bevreemdende tekeningen van Anton Pieck, en vormde zo de inspiratie voor de halve Disneycataloog (Sneeuwwitje! Assepoester! Doornroosje!) en het (door Pieck ontworpen) magische Sprookjesbos van de Efteling, waarin Roodkapje en haar Grootmoeder woonden, waar de Zeven Geitjes zich verstopten voor de Wolf, waar Raponsje zat opgesloten in de toren, en waar Hans en Grietje het Peperkoeken Huisje ontdekten. En sinds een jaar of twee proberen ze in Tinseltown die magie uit onze jeugd vakkundig de nek om te wringen door die sprookjes blockbusterupdates te geven in films als Red Riding Hood, Snow White and the Huntsman en, sinds deze week, Hansel & Gretel: Witch Hunters.

De proloog van Hansel & Gretel: Witch Hunters, vertelt (behoorlijk rudimentair) het bekende sprookje van de broer en zus die door hun vader in het bos worden achtergelaten, van een peperkoeken huisje beginnen smullen en zonder boe of ba (geen “Knibbel, knabbel, knuisje!” in deze update) door de heks die er woont gevangen worden genomen. In tegenstelling tot het klassieke verhaaltje overleven de twee het niet door een list van Hans(el): wel door het brute geweld waarmee ze de heks in haar eigen oven rammen en daar verbranden. “If you’re good at something, never do it for free,” wist The Joker ons vijf jaar geleden al te vertellen, en dus zijn Hansel (Jeremy Renner) en Gretel (Gemma Arterton in een strakke, leren broek) ettelijke jaren later premiejagers geworden die al een resem heksen naar de andere wereld hebben geholpen (waaronder eentje in Antwerpen, zo blijkt). Ze zijn van plan om het dorpje Augsburg, waar de kinderen bij bosjes verdwijnen, van de omliggende heksen te zuiveren, maar de Opperheks Muriel (Famke Janssen) denkt daar kennelijk anders over.

Enfin, wie de poster, trailer of synopsis eens vluchtig heeft bekeken, weet wel min of meer wat hij of zij kan verwachten, en aan die verwachtingen voldoet Hansel & Gretel: Witch Hunters vrijwel helemaal. Een verdienste valt dat bezwaarlijk te noemen: wij voorspelden een van de pot gerukt scenario met bijhorende, nog meer van de p(l)ot gerukte twists (wat komt die trol eigenlijk doen?), heel veel slordig in beeld gebracht CGI-geweld en er schrikwekkend digitaal uitziend CGI-bloed, een te serieus, gotisch sfeertje, de obligatoire acteur die ook niet goed weet waarom hij meedoet (Red Riding Hood had zijn Gary Oldman, Hansel & Gretel heeft zijn Peter Stormare) en een aantal goedkope 3D-effecten die zo opzichtig zijn dat ze je zelfs in 2D blauw ergeren, en dat hebben we allemaal gekregen. Het ergst van al zijn echter de clichés die, vanuit totaal verkeerde overwegingen, zo worden uitvergroot dat ze de ironie of parodie overstijgen en een niveau van wansmaak bereiken. Vooral de vormgeving van de heksen is in dat opzicht bijzonder fout: ze zien er stuk voor stuk uit als stuntvrouwen in veel te dure Halloweenkostuums, gothic-fans met een crackverslaving, leden van Slipknot of onze juf uit de eerste kleuterklas.

Net zoals bij het van opzet en titel wel erg gelijkaardige Abraham Lincoln: Vampire Hunter, maken de makers de kapitale fout om bovenal een soort actiefilm-in-historische-setting te willen maken, voorgekauwd voor een modern (en klaarblijkelijk hersenloos) publiek dat ons inziens vooral uit aan videogames verslaafde pubers bestaat. Dat wil zeggen dat de personages, op z’n zachtst gezegd, nogal aan de dunne kant zijn, en de methodes om de slechteriken om te leggen overdreven spectaculair, iets wat ook geldt voor het behoorlijk belachelijke wapenarsenaal, dat volledig vloekt met de setting van de film. Dat de regisseur-scenarist van Hansel & Gretel, in tegenstelling tot die van Abraham Lincoln: Vampire Hunter en Sucker Punch, niet in de val trapt om zijn scenario al te zeer volgens de structuur van een videospel met verschillende levels op te bouwen, spreekt dan weer een heel klein beetje in zijn voordeel, maar van een frisse of slimme plot zouden we nu ook weer niet durven gewagen.

Toch moet je nageven dat Tommy Wirkola, de Noorse regisseur die een aantal jaren terug op het lumineuze idee kwam om nazi’s en zombies te verenigen in de culthit Dead Snow, iets meer feel heeft met film dan pakweg een Zack Snyder of een Timur Bekmambetov. Het is jammer dat hij dat slechts in een scène of twee-drie laat zien – een knap belicht momentje aan een helende bron, een expressionistisch panoramashot van (een maquette van) het dorpje – en zich voor de rest van te drukke spielerei bedient, maar de overdadige slow-motion of computergegenereerde decors uit Sucker Punch en Vampire Hunter worden hier gelukkig wel beperkt. Toch tenminste tot de film alsnog compleet ontspoort en de belachelijk groteske finale (een rode hemel! een rosse heks achter een Gatling-gun! veelzeggend ogengerol bij uw recensent!) een aanvang neemt.

Als we uiteindelijk toch nog een reden moeten bedenken waarom we ons tot deze genereuze – want dat is het echt wel – score laten verleiden, is het – ze zullen het graag lezen bij de Vrouwenraad – de zeer bevallige Gemma Arterton. Wij wisten al langer dat Arterton geen misse was, maar nu krijgt ze ook nog eens een pakje aangemeten dat haar rondingen goed doet uitkomen, iets wat Wirkola in verscheidene cleavage shots benadrukt. Wat een gelukzak is Thomas Mann trouwens: in Project X mocht hij Alexis Knapp al uitgebreid bepotelen, hier mag hij als witch hunter groupie Ben de decolleté van zijn vrouwelijke idool schoonvegen. Jaloers!

Enfin, voor we ons door ons testosteron laten verblinden, toch nog even benadrukken dat Hansel & Gretel: Witch Hunters een behoorlijk tenenkrullende prent is, met een, qua ergernis, glansrol voor de heksen, die helaas rijkelijk aanwezig zijn in de film. En o ja, een film over witch hunters volpleuren met clichématige heavy metal, maar het nalaten om de mokerslag “Burn The Witch” van Queens of the Stone Age op de soundtrack te zetten, dat levert strafpunten op. Streng, maar rechtvaardig!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in