Los Lobos :: Kiko Live

Er zijn artiesten die nooit een goede plaat maken. Er zijn er die er meerdere maken, maar zonder dat er eentje aanwijsbaar is als dé verplichte aankoop. Ten slotte zijn er ook artiesten die een plaat maken die zo goed is en zo’n bijzondere plaats inneemt in hun oeuvre, dat hij twintig jaar later nog altijd als maatstaf gehanteerd wordt. Voor hun werk én dat van anderen. Dat is het geval voor Los Lobos’ Kiko (1992), dat twintig jaar na de oorspronkelijke release bedacht wordt met een 20th Anniversary Edition en een liveversie, verkrijgbaar met of zonder DVD (opname van hetzelfde concert).

Tussen al het gitaargeweld van die tijd waren er een paar aparte platen waar we hoog mee opliepen. Eentje was Lou Reeds Magic & Loss, een andere was Kiko, dat het cliché dat rootsmuziek niets dan duffe sepiatinten en twang was, resoluut van tafel veegde. Kiko was immers zo veel meer dan dat. Het was rock, blues, country, folk, norteña en zelfs wat jazz en psychedelica. En veel studio-experiment. Het was soulvol, groovy, dromerig, breekbaar, wrang, weemoedig, kinderlijk onbevangen en bovenal raadselachtig.

In het verleden was er amper een indicatie geweest dat het stel uit East LA met dit eclectische meesterwerk op de proppen zou komen. How Will The Wolf Survive en (in iets mindere mate) By The Light Of The Moon, dat waren ijzersterke albums, maar ze speelden het spel vrij conventioneel zodra je voorbij die Latino-insteek keek. En “La Bamba” was het soort van hitje dat minder ervaren bands kapot kon maken. Kiko, dat was anders. Kiko klonk als een kind dat van een 12-kleurenset van Bruynzeel plots overgeschakeld was naar 36 kleuren en nu pas écht loos kon gaan.

De unieke charme van het album heeft ongetwijfeld te maken met de inspiratie van creatieve tandem David Hidalgo/Louie Pérez, die tekende voor 14 van de 16 songs (de andere twee kwamen van César Rosas), en met de indrukwekkende muzikale bagage van de bandleden (de lijst instrumenten die ze hanteren oogt ronduit indrukwekkend), maar vooral ook de fabuleuze productie van Mitchell Froom en studiotechnicus Tchad Blake. Hoewel dat duo voor nog heel wat albums en artiesten iets zou betekenen (zij het niet altijd met positieve gevolgen, want Richard Thompsons prachtplaat Mirror Blue werd aanvankelijk neergesabeld), was hun impact zelden zo groot als op Kiko.

Blazers, harp, mandoline, accordeon, piano en allerhande percussie werden ingezet in songs die nu eens prachtige breedbeeldcinema opleverden en dan weer een intimistisch resultaat creëerden. Vooral het drieluik “Angels With Dirty Faces”, “Kiko And The Lavender Moon” en “Saint Behind The Glass” was van een ongehoorde rijkdom, moeilijk te classificeren en na talloze beluisteringen nog altijd betoverend. Meer traditionele tracks als “That Train Don’t Stop Here Anymore” en “Whiskey Trail” zorgden voor de binding van de saus, terwijl het slotafscheid “Rio De Tenampa” nog eens knikte naar de feestelijke volksmuziek van hun voorouders.

Kiko Live biedt een concertregistratie die al dateert van 2006 en het complete album herhaalt. Los Lobos is altijd songs uit Kiko blijven spelen tijdens zijn concerten, al zou het die niet eens nodig gehad hebben om te overtuigen, want de band had altijd een livereputatie waar menig band een puntje aan kon zuigen. De zestien songs van Kiko achter elkaar horen, dat is echter andere koek. Bij een eerste beluistering klinkt het zelfs merkwaardig, want het is een plaat met zo’n unieke sound en stijl, dat je die haast in je geheugen gegraveerd hebt.

Deze liveversies missen vooral de auditieve gelaagdheid van de studiotegenhangers, hier en daar de subtiele nuances, de kleine details die zelfs na talloze beluisteringen het verschil maakten. Maar toch: je hebt een band van topmuzikanten nodig om te bereiken wat hier gebeurt en het is ook geweldig om te horen hoe muzikanten en instrumenten het voortdurend van elkaar overnemen, hoe die songs overvloeien in elkaar alsof het muzikale versies van de muurschilderijen van Diego Rivera zijn: vol beweging, symboliek en (vooral) kleur. Je weet niet waarop eerst te letten.

Hoewel Los Lobos live al eens aan het jammen durft slaan, vooral in bluesy songs die gerekt worden met virtuoze gitaarsolo’s, was Kiko een zeer compacte plaat. Voor zestien songs hadden ze een goede vijftig minuten nodig. Die duur wordt hier gerekt tot bijna tachtig minuten. Voor een stuk te verklaren door aankondigingen en pauzes tussen de songs, maar hier en daar wordt er ook een uitweiding ingelast of een stukje aan gebreid. Het middenluik wordt in haast onaangeroerde vorm bewaard, maar het slottrio “Just A Man”, “Peace” en “Rio De Tenampa” verdubbelt in lengte. Het is dan dat het concert haast epische proporties krijgt.

Heel eerlijk? Ondanks de zeer verdienstelijke poging — want geen enkele andere band zou hiertoe in staat zijn — blijft Kiko eigenlijk een studioplaat. Hoewel we doorgaans beweren dat een échte klasseband het ook (en vooral) kan waarmaken op het podium, zijn deze songs zo sterk gelinkt aan die bekende, voluptueuze sound met al die franjes, dat een live-uitvoering met meer soul, energie en rauwheid, toch een beetje ten koste gaat van het mysterie dat over de songs hangt. Kiko Live haalt het dus niet van de studioversie, maar laat er geen twijfel over bestaan dat de glorieuze triomf die deze verzameling songs is, ook live overtuigt. Ze mogen dat in deze contreien gerust nog eens opnieuw komen doen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in