Argo

Op de officiële lijst van Oscargenomineerden is het nog enkele maanden wachten, maar dat weerhoudt Tinseltown er alvast niet van te speculeren over mogelijke winnaars van het felbegeerde beeldje. En wat blijkt? Argo, het derde regieproject van herrezen golden boy Ben Affleck, is koploper in de strijd om eeuwige filmroem. De tijd dat de buddy van Matt Damon de ene filmflop na de andere – Pearl Harbor, Gigli en Bounce iemand? – aan elkaar reeg, lijkt met andere woorden definitief voorbij. Met Gone Baby Gone, The Town en nu Argo bewijst Affleck dat hij een meer dan verdienstelijk regisseur is, die bovendien over het nodige verstand en engagement beschikt om de portrettering van een stukje Amerikaanse geschiedenis in goede banen te leiden.

Argo draait rond de spectaculaire reddingsmissie van de CIA in Iran ten tijde van de opkomst van het islamitische regime van ayatollah Khomeini in 1979. Terwijl de Verenigde Staten de gevluchte sjah in bescherming neemt, bestormen woedende militanten de Amerikaanse ambassade in Teheran. Tijdens de aanval worden 52 Amerikanen overmeesterd en gegijzeld, terwijl zes diplomaten weten te vluchten en ondergebracht worden in het privévertrek van de Canadese ambassadeur. Van een veilig onderkomen is er echter geen sprake, waardoor de CIA op de proppen moet komen met een degelijk plan om de zes uit Iran weg te krijgen. Enter Tony Mendez, een exfiltration expert die tijdens het bekijken van Planet of the Apes op het even geniale als absurde idee komt om een fictieve sciencefictionfilm uit de grond te stampen. De zes diplomaten zullen moeten doorgaan voor Canadese medewerkers aan die film, op bezoek in Iran voor een locatieverkenning.

Hoe onwaarschijnlijk het ook mag klinken, Argo is gebaseerd op waargebeurde feiten (een loopje met de werkelijkheid hier en daar niet te na gesproken). Als best bad idea – een fietstocht van 380 km door onherbergzaam gebied werd toch maar van het lijstje geschrapt – lag Tony Mendez met andere woorden aan de basis van één van de meest bloedstollende reddingsoperaties uit de geschiedenis van Amerika. Het mag dan ook een wonder heten dat het scenario van Argo, gezien het onloochenbare filmpotentieel (Actie? Check! Nagelbijtende spanning? Check! Een tot de verbeelding sprekend verhaal? Check! Amerikanen in een heldenrol? Check!), niet eerder is vertaald naar het witte doek. De lange geheimhouding – president Clinton gaf de details van de reddingsoperatie pas in 1997 vrij – zal daar wellicht voor iets tussen zitten, net zoals het – nog steeds – zeer delicate onderwerp.

Affleck, die als student Internationale Betrekkingen al gefascineerd raakte door het Midden–Oosten, slaagt er wonderwel in de verschillende facetten van het verhaal als een volleerd koorddanser in evenwicht te brengen. De film speelt zich zowel af in het woelige Iran ten tijde van de Islamitische Revolutie als in het zonnige Hollywood, maar gaat nooit onsamenhangend aanvoelen. Een mooi voorbeeld hiervan is het fascinerende contrast dat hij weet op te roepen tussen de persconferentie in Iran ter verdediging van de gijzeling en die in Hollywood ter promotie van de nepfilm. Spannende en humoristische scènes wisselen elkaar ongekunsteld af, terwijl zowel het desastreuze buitenlands beleid van Amerika, de mores van het oppervlakkige Hollywood, het fanatisme van de Iraniërs én het xenofobe gedrag van sommige Amerikanen ten tijde van de gijzeling onder de loep worden genomen.

Van enige partijdigheid kan je Affleck dus nauwelijks verdenken en gelukkig vermijdt hij ook bepaalde clichés en stigmatiseringen. Van een traditionele islamitische bad guy, zoals we die al te vaak tegenkomen in hersenloze actiefilms, is er nauwelijks sprake. Met uitzondering van enkele uitschuivertjes naar het einde toe, is Argo zelfs vrij van uitgemolken sentiment. In contrast met de schreeuwerige en bombastische films uit zijn verleden als blockbusteracteur hanteert Affleck, zowel als regisseur en acteur, een zeer genuanceerde en opvallend ingetogen stijl, waardoor verhaal en spanning op de voorgrond komen te staan. Dat die spanning naar de climax van de film toe wel erg excessief ten top wordt gedreven, zullen we gezien de doeltreffendheid ervan – klamme handjes, razende hartslag, droge mond – maar met de mantel der liefde bedekken. Bovendien heeft Argo een onweerstaanbare seventies feel, met een hoofdrol voor foute haarmatjes, kollossale brillen en strakke broeken, die herinneringen oproept aan thrillers van de jaren ’70.

Argo is met andere woorden geen onsubtiele promofilm voor de Grote Filmster Ben Affleck; het shot van zijn blote bast laten we dan voor alle duidelijkheid even buiten beschouwing. Bovendien wordt hij daarvoor in deze film iets te vaak weggespeeld door klassebakken als John Goodman en Alan Arkin, die als respectievelijk de legendarische Hollywood make–up artiest John Chambers en producent Lester Siegel voor de komische, satirische noot zorgen. Ook Bryan ‘Breaking Bad’ Cranston laat als leidinggevende van Mendez een knap staaltje acteerkunst zien. Conclusie? Als de Oscargoden Affleck in februari gunstig gezind zijn dan zal het eerder in de categorie Best Director zijn en niet – zijn stoere baard en manen ten spijt – in die van Best Actor.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in