Cosmopolis

Robert Pattinson, beter bekend als de man die zo goed als elke vrouw ter wereld kan krijgen en toch kiest voor Kristen Stewart (dat moét wel liefde zijn!), liet zich onlangs ontvallen dat hij de hele Twilight-hype onderhand grondig beu is. Dat hij dat meent, kan je nergens zo goed uit afleiden als uit de filmkeuzes die hij maakt naast de vampierenfranchise. In Bel Ami zette hij een cynische opportunist neer en nu is er Cosmopolis, de nieuwe van David Cronenberg (na A Dangerous Method overigens diens tweede film op minder dan een jaar tijd). En boy howdy, als Bel Ami nog niet genoeg was om de bronstige tienermeisjes op de vlucht te jagen, dan zal het met Cosmopolis zeker raak zijn. Je kan bijna niets anders aannemen dan dat Pattinson opzettelijk op zoek is gegaan naar het scenario waarmee hij zijn Edward-imago het grondigst de vernieling in kon helpen, en zo automatisch bij deze bevreemdende personageschets is uitgekomen. We kunnen hem daar alleen maar voor respecteren.

Het verhaal, gebaseerd op het gelijknamige boek van Don DeLillo, draait rond Eric Packer, een 28-jarige miljardair die zijn fortuin verdiende met vage speculaties op Wall Street. Hij heeft zichzelf letterlijk en figuurlijk afgesloten van de werkelijkheid. Op een dag besluit hij dat hij naar zijn kapper wil, aan de andere kant van de stad, ondanks het feit dat de president op bezoek is in New York, én er bovendien een (gefictionaliseerde) Occupy Wall Street-betoging aan de gang is, wat het verkeer niet bepaald vlotjes doet verlopen. Maar Packer is het gewend om zijn zin te krijgen: hij kruipt in zijn geluidswerende limousine en begint aan een trip doorheen de stad, die de hele dag zal duren. Onderweg krijgt hij bezoek van een zakenpartner (Jay Baruchel), zijn minnares (Juliette Binoche), een financiële goeroe (Samantha Morton), zijn vrouw (Sarah Gadon), zijn dokter en ga zo maar door. Maar niemand van al die mensen kan echt tot hem doordringen.

Fair warning: wie op zoek is naar realisme, is hier aan het verkeerde adres. Cosmopolis kondigt zichzelf vanaf de eerste seconde aan als een metaforisch verhaal, dat op alle vlakken gestileerd is. De bewust declamatorische teksten, vol lange monologen die nooit verward kunnen worden met standaard spreektaal. De bizarre manier waarop de personages plots opduiken en weer verdwijnen (met één cut bevindt R-Patz zich plots niet meer in zijn limousine, maar in een rendez-voushotel met een prostituée – hoe hij daar kwam of waar hij dat meisje heeft opgepikt, wordt nooit uitgelegd). Het haast totale gebrek aan menselijke emoties (zelfs terwijl de wagen wordt aangevallen door anti-kapitalistische demonstranten, vertrekken de personages nauwelijks een spier). Cronenberg, die ook het scenario schreef, zegt de werkelijkheid vaarwel en situeert zijn film in een kil en klinisch alternatief universum, dat fans van de regisseur wellicht nog kennen van vroeger. Vooral de ontheemde sfeer van Crash lijkt continu over Cosmopolis te hangen.

Een metafoor voor wat? Voor de afstompende kracht van ongelimiteerde rijkdom, natuurlijk. Eric Packer heeft zo obsceen veel geld dat hij vergeten is wat een normaal leven, met normale menselijke contacten, te betekenen heeft. Net zoals zijn limousine geïsoleerd is om het geluid van de buitenwereld uit te sluiten, zit hij zelf volledig ingekapseld in zijn rijkdom. Hij voelt niets meer, en lijkt het op een bepaald niveau nog zelf te beseffen ook. Vandaar dat hij op zoek gaat naar sensaties die hem uit zijn lethargie kunnen sleuren. Maar misschien is de enige sensatie die daar nog in kan slagen, ook zijn laatste.

Een verbluffend vernieuwende thematiek is dat niet, maar Cronenberg giet hem wel in een fascinerende vertelling, waarin elk detail volledig klopt. Die bizarre inbreuken op de realiteit waar de prent van aan elkaar hangt, zijn er immers niet zomaar om de film “speciaal” te maken, of om er een artistiekerig air aan te geven. Ze versterken ook echt de inhoud. Het feit dat vrijwel alle scènes losstaande dialogen zijn tussen Pattinson en één ander personage, suggereert hoe onbereikbaar hij is voor anderen. Het desoriënterende spel met tijd en ruimte (hop, opeens zijn we ergens anders en is het een uur later!) toont aan dat Packer zijn greep op de werkelijkheid aan het verliezen is. En zo kan je doorgaan. Cosmopolis is een afstandelijke film, waar geen greintje warmte in zit. Maar hoe vreemd hij ook mag lijken, het blijft een erg berekende prent, waarin geen enkel detail toeval is.

Dat alles maakt van Cosmopolis bij uitstek ideeëncinema, veel meer dan een emotionele ervaring. Mensen die klagen dat de film hen niets deed, dat ze er niets bij voelden, hebben dus zeker geen ongelijk. Blijft er wel de vraag of elke film automatisch de verplichting heeft om een gevoelservaring te zijn. De sfeer en de intellectuele toonaard van Cosmopolis doet soms denken aan Haneke, soms aan Kubrick, maar nog het vaakst aan Cronenberg zelf. De gruwelijke body horror van vroeger blijft achterwege, maar de onderkoelde, sinistere stijl van Dead Ringers, Naked Lunch en Crash is wel degelijk volop present.

Robert Pattinson verdient niet alleen punten omdat hij radicaal durft te breken met zijn cleane Twilight-imago, maar ook gewoon omdat hij de hele film overtuigend op zijn schouders draagt. Het is niet eenvoudig om een publiek te blijven boeien, terwijl je zo weinig emoties mag tonen, maar Pattinson slaagt er wel in. Zijn vertolking suggereert een diepe duisternis in de kern van zijn personage, maar ondertussen, ergens diep vanbinnen, toch nog altijd de wens om uit die duisternis terug te keren. Paul Giamatti, die pas twintig minuten voor het einde opduikt, heeft een ijzersterke bijrol, net zoals Samantha Morton. Jay Baruchel, daarentegen, lijkt niet echt op zijn plaats in het universum van Cosmopolis. Over het algemeen sowieso een verrassende cast, vol acteurs die hun standaardimago achter zich laten.

Thematisch rijk gelaagd, conceptueel sterk en knap geacteerd: ja, wij waren fan van Cosmopolis. Maar we zeggen het nogmaals: dit is geen doorsnee drama, en de kans dat u hier finaal op afknapt, is reëel. Anyway, wat dan nog? Love it or hate it, maar Cronenberg heeft hier gedurfde cinema gemaakt, die geen enkele toegeving doet aan de conventies. Misschien is niet elke scène even sterk, maar elke scène probeert wel iets wezenlijks te bereiken. Cronenberg kan het nog steeds.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in