Wallace Vanborn :: Lions, Liars, Guns & God

Het gaat dezer dagen hard voor Wallace Vanborn: de hort op met Blood Red Shoes en positieve reacties uit Duitsland, waar ze het weinig aan de verbeelding overlatende etiket Dampfwalze (stoomwals) meekrijgen. Voor de nieuwe plaat werd de Canadese producer David Bottrill (die van AEnima van Tool — ja, u leest het goed — maar ook The Ideal Crash en Keep You Close van ons aller dEUS) in de Mechelse opnamestudio Motormusic ontboden.

De albumtitel Lions, Liars, Guns & God deed aanvankelijk denken aan de typering van een Tea Party-bijeenkomst van enggeestige rednecks en helleveeg Sarah Palin, maar de thema’s die het Gentse stonerrocktrio in zijn teksten verborgen heeft, zijn van een andere aard: over de J.Lo’s en Madonna’s van deze wereld, hun toyboys en het loskomen van verknechtende nostalgie, zoals in het bijzonder kwieke en prikkelende “Cougars” (schoon vrouwvolk in het clipje trouwens), maar ook over de muziekindustrie, innerlijke veldslagen, leugen en waarheid, overleven in de gore wereld van het sekstoerisme, …. you name it.

De aimabele knapen van Wallace Vanborn, u zou het onderhand al moeten weten, ze maken muziek vanuit de tenen en staan garant voor dansbare rock. Het merendeel van de songs biedt onderdak aan weergaloze refreinen (“On my knees in the night by the blood I found in LA / the mistaken identity that I don’t want to play” uit “Found In LA”, een nummer dat uitstekend een gevoel van vervreemding weet op te roepen) en backing vocals die ertoe doen, zo ook in “The Plunge”, een overrompelende song met een riffje uit de AC/DC-school incluis.

Wat springt nog in het oog bij een band die al eens onverhoeds een venijnige linkse hoek (“Lion’s Manual”) uitdeelt? De schrandere opbouw van de nummers (“Enemy Of Serpertine” zet in als een duistere Alice In Chains-song) en wijze songtitels (“We Are What We Hide”). Drummer Sylvester Vanborm deelt als vanouds potige pardaffen uit en er zijn ultravinnige gitaren bij de vleet. Daarenboven kan Ian Clement met de vingers in de neus vele zangstijlen aan, ten bewijze de magistrale krijs in “The Lair”.

De plaat had dan wel deugd gehad van een opduvel als “Genius Inside The Bear” van het debuut Free Blank Shots, maar ook hier is aan schuimbekkende en opgekropte woede (“Marching Sideways”) geen tekort. Het breedgeschouderde, psychedelisch aandoende en met een imposante outro gezegende “White River” is zo’n nummer dat live gegarandeerd een ploert wordt. Een akoestische adempauze wordt u enkel aangeboden in “Pawns”.

Even iets bouds beweren: er zit nog een betere plaat in Wallace Vanborn. Is deze dan niet zoals het hoort? Quite the contrary, Lions, Liars, Guns & God is een intense en beklemmende plaat waarop geen enkel ondermaats nummer staat, maar ooit komt er een album met nog steviger weerhaakjes, zo eentje waarop ze in hun nummers het stramien geweld-verpozing-geweld iets meer achterwege laten en de avontuurlijkheid niet schuwend aan hun eigen weg blijven timmeren. Aan een gebrek aan gedrevenheid schort het bij Wallace Vanborn zeker niet, integendeel, het is even onbestaande als tieten in een uitzending van Het Braambos. In afwachting van een plaat die uw muziekminnende ziel met verstomming zal slaan, mogen Monster Magnet, Kyuss en hun talloze erfgenamen tevreden een bemoedigende maar ook ferme schouderklop uitdelen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in