Michael Kiwanuka :: Home Again

Door de BBC gebombardeerd worden tot de ultieme belofte van het komende jaar is voor weinig bands en artiesten tot dusver een zegening gebleken. Talent kwam, ging en verwelkte al te vaak jammerlijk in de knop. Met ‘sound of 2012’ Michael Kiwanuka lijkt evenwel het soort artiest opgestaan dat werkelijk alles heeft om te worden bijgezet in de eregalerij van de blijvers en de groten.

Ondanks het razende enthousiasme over zijn talent en ep’s in de uitzendingen van o.m. Gilles Peterson en Lefto, zag het er nochtans lang naar uit dat de jonge singer-songwriter onder de radar zou blijven. Een uitnodiging in de liveshow van Jools Holland in november 2011 bracht de bal uiteindelijk aan het rollen. Als groentje tussen gerodeerde bands als Noel Gallagher en Red Hot Chili Peppers maakte de breekbare pracht van de zichtbaar wat geïntimideerde jongeman met enkel zijn gitaar en een contrabassist grote indruk. Tournees in het voorprogramma van Adele en Laura Marling, een nominatie van de BBC voor de Sound of 2012 en een prominente programmering op de radio deden intussen de rest. De 23-jarige uit Londen van Oegandese afkomst behoeft intussen geen introductie meer.

De fel geanticipeerde debuutplaat Home Again herneemt (terecht) heel wat prachtnummers van de eerder uitgebrachte ep’s Tell Me A Tale en I’m Getting Ready. Geen betere opener dan “Tell Me A Tale”, het in sepiakleuren gedrenkte pareltje dat uit de archieven van Bill Withers zaliger geplukt lijkt en die eerste single waarmee het vorig jaar zo innemend kennismaken was. De analoge klank met folky roots en warme blazers, en bovenal, een doordringende stem die ettelijke jaren op de teller lijkt te verraden, roepen meteen herinneringen op aan de glorieperiode van soulgrootheden als Donny Hathaway en Bobby Womack.

Alleen al die stem. Net als bij zijn lichtend voorbeeld Bill Withers van een pakkende en pijnlijke schoonheid, nog extra in de verf gezet door een spaarzame invulling van de nummers. Veel meer dan de subtiele ruggensteun van Kiwanuka’s akoestische gitaar, een koortje in de coulissen en enkele spaarzame pianoaanslagen is zo niet nodig om ter plekke te worden ingepakt door “Always Waiting”. Nog meer uit alle poriën gutsend verlangen in “Rest” en “Any Day Will Do Fine”, gebracht met een rauwe waarachtigheid zoals die ook instant naar de strot vloog in Amy Winehouses’ “Back To Black”.

Met de begeleiding van een aantal Isle Of Wight-muzikanten wordt volledig teruggegrepen naar soul zoals deze klonk in de 60s, niet opgeblonken of eigentijdser gemaakt, laat staan glad geproduceerd. Het grotendeels vintage instrumentarium met mellotron, bariton- en tenorsax en vervoerende strijkers- en fluitarrangementen krijgt een analoge behandeling en wikkelt Kiwanuka’s naakte soulsongs zo in warme dekens.

Het is uiteindelijk met de onverbloemde en onopgesmukte zielenpijn in “Worry Walks Beside Me” dat Kiwanuka de grootste indruk nalaat. Probeer hier maar eens niet in gruzelementen bij uiteen te vallen. Zoals in december vorig jaar nog bleek in de Gentse Charlatan, heeft hij ook live niets meer nodig dan stem en gitaar om een stampvolle zaal het zwijgen op te leggen. Door talent van dit soort worden we weliswaar graag de mond gesnoerd. Here to stay, durven we te voorspellen.

Michael Kiwanuka speelt op 30 april in de (uitverkochte) ABBox.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in