Ghost Rider: Spirit of Vengeance

Soms maken studiobobo’s behoorlijk weird-ass keuzes.
Nooit gedacht, bijvoorbeeld, dat er – van alle superhelden die nog
níét aan een verfilming zijn toegekomen – ooit een film over Ghost
Rider zou worden gemaakt, laat staan dat die een vervolg zou
krijgen. Een verhaal over een stuntbiker die een contract met de
Duivel aangaat en verandert in een vlammend skelet, inclusief
infernale chopper: dat schreeuwt toch niet bepaald
“box-office hit”? Afijn, die sequel kwam er toch nadat Marvel ging
aankloppen bij het regisseursduo Neveldine/Taylor, het team achter
de erg genietbare ‘Crank’-films en het platte ‘Gamer’. Resultaat:
een bonte mengeling van ‘Drive Angry’ en ‘Terminator 2: Judgment
Day’ met in de hoofdrol een extra psychotische Nicolas Cage.
Recipe for disaster? Bwa, ‘Ghost Rider: Spirit of
Vengeance’ – wat is dat toch met die koppijn veroorzakende
ondertitels tegenwoordig? – is geen geweldige stripverfilming, maar
bevat wel genoeg plezante scènes om de liefhebbers te
onderhouden.

Johnny Blaze (Nicolas Craze) zit nog steeds met een slecht
uitgeslapen demon in zijn lijf en probeert de wereld te ontlopen om
geen onschuldige slachtoffers te maken wanneer hij willens nillens
in de Ghost Rider verandert. Tot de zuipende geestelijke Moreau
(Idris Elba, yes!) bij hem komt aankloppen. Die vertelt hem over
een Duivelskind dat op de aardbol rondwaart. Devil
incarnate
Roarke (Ciarán Hinds, dubbel yes!) probeert zijn
nazaat op te sporen om de krachten in hem te ontketenen en bezit te
nemen van diens lichaam. Moreau en zijn priesterorde schieten te
hulp en beloven Blaze om hem van zijn koppige binnenbuur te
verlossen als hij nog één keer op zijn moto wil kruipen om het kind
te redden. Dat wil vooral zeggen: satanische baddies
vermoorden met zijn fikkende kettingzweep en een eindeloze stoet
aan bokkige twee- dan wel vierwielers. Voor het geval u even
afgeleid was: ‘Ghost Rider 2’ is een fier opgeheven middenvinger
naar de goede smaak, maar wij moesten toch ook een beetje denken:
aight!

Grootste probleem van de film is dat je meevoelt met geen één
van de personages. Je komt gedurende de hele plot welgeteld niks te
weten over de kleine Danny, zijn aantrekkelijke moeder Nadya
(Violante Placido, zo te horen een verre nicht van Satanicum
Pandemonium) of Moreau. Heel ‘Ghost Rider 2’ is eigenlijk één lange
MacGuffin-race, waarin voortdurend twee partijen achter iets
aanzitten omdat ze nu eenmaal iets nodig hebben om achteraan te
zitten. Is die achtervolging sfeervol in beeld gebracht of beweegt
ze zich op een te volgen, rationele manier van punt a naar punt b?
Dat ook niet echt. Scènes hangen héél erg losjes aan elkaar en het
is nooit helemaal duidelijk waar de film nu net heen wil. Combineer
dat met het zintuigenbombardement van Neveldine/Taylors regie – die
er met alle comic bookeffectjes, slow motion en bombastische
camerabewegingen ironisch genoeg tamelijk oubollig uitziet – en je
krijgt een behoorlijk vermoeiende, onsamenhangende film.

‘Ghost Rider 2’ scoort dan ook vooral punten met enkele totaal
van de pot gerukte scènes die zo hoog scoorden op onze awesome
bullshit
-meter dat wij niet anders konden dan brééd
glimlachen. Johnny Whitworth zet als huurmoordenaar aanvankelijk
een behoorlijk kleurloze schurk neer, maar krijgt een ferme upgrade
wanneer hij een eind in de film wordt veranderd in Blackout, een
undead met een geflipte variant op de Koning Midas-gave:
alles wat hij aanraakt, begint spontaan te rotten. Ook mensen,
organisch materiaal en zijn smos kaas. Sweet! De
onsterfelijke Christopher Lambert heeft een geweldige cameo als
corrupte, getatoeëerde priester. En, best van al, Nicolas Cage mag
zich in een tweetal scènes keihard géven: de scène waarin hij een
Russische baddie intimideert terwijl de Ghost Rider hem
probeert over te nemen is nu al legendarisch (“He’s scraping at the
door!”) en wanneer hij – door de pure waanzin getroffen –
half-transformerend over de highway to hell scheurt,
maniakaal lachend met Death From Above 1979 op de soundtrack,
vonden wij dat héél grappig en héél cool. 95% van de mensheid zal
die scènes afschrikwekkend slecht vinden. Laat ze maar doen.

‘Ghost Rider: Spirit of Vengeance’ is dus een mager beestje met
een paar heel vette momenten. ’t Is nét niet genoeg om de aankoop
van een toegangsticket te rechtvaardigen: je voelt dat
Neveldine/Taylor zich door de makke PG13-rating moesten inhouden en
vooral Nicolas Cages gepatenteerde madness – wat zeggen
wij: maaaaaadness! – wordt veel te weinig benut. Wat een
campklassieker had kunnen zijn, werd dus een onregelmatig,
doordeweeks actiefilmpje dat te weinig uit de band springt. Wanneer
het dat wél doet, is het echter genieten geblazen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in