Straw Dogs (2011 remake)

In onze reeks “beloftevolle regisseurs die ons
uiteindelijk fameus teleur hebben gesteld” neemt Rod Lurie een
ereplaats in. De ex-filmcriticus (zo zie je maar), brak in 2000
door met ‘The Contender’, een scherpe politieke thriller, die dan
wel wat didactisch van toon was, maar niettemin een uitstekend,
intelligent drama afleverde. Daarna ging het echter bergaf; ‘The
Last Castle’ was een van vals machismo doordrenkte ode aan het
leger en Lurie’s volgende films kwamen bij ons niet eens in de
zalen. ‘Straw Dogs’, zijn geheel overbodige remake van de Sam
Peckinpah-film uit 1971, moet dus bekeken worden als een soortement
comeback – hij heeft in de VS alvast goed genoeg gescoord om een
internationale release te verantwoorden. Maar dat maakt de film
zelf er nog niet zinvoller op.

Het verhaal is niet sterk veranderd sinds de vroege
jaren zeventig, hoewel de setting en details zijn aangepast. James
Marsden speelt David Sumner, een sullige Hollywoodscenarist die
samen met zijn vrouw Amy (Kate Bosworth) zijn intrek neemt in een
huis ergens in een boerengat in Mississippi. Amy is opgegroeid in
dat dorpje, en de frisse buitenlucht moet David inspiratie geven om
zijn nieuwste script te voltooien. No such luck. Het
lokale mansvolk bestaat immers uitsluitend uit stevig gebouwde
rednecks, wiens cultuur niet verder reikt dan koud bier,
footballmatchen en jachtpartijen. David, de pacifistische
intellectueel, voelt zich meteen in een hoekje gedrongen door
zoveel testosteron, en krijgt dan ook nog eens af te rekenen met
Charlie (Alexander Skarsgard), een ex-lief van Amy die opnieuw
botergeile blikken naar haar werpt. Langzaam maar zeker komen de
spanningen tot een kookpunt.

Toen Peckinpah dit verhaal vertelde in ’71, maakte
hij absoluut geen excuses voor zijn eigen aartsconservatieve visie
op mannelijkheid en de relaties tussen man en vrouw. De definitie
van een echte vent was klaarblijkelijk iemand die geen schrik heeft
om geweld te gebruiken om zich te verdedigen; iemand die mans
genoeg is om zijn vrouw in het gareel te houden; een soort
jager-verzamelaar, zeg maar. Die manier van denken was zelfs toen
al achterhaald en lichtjes aanstootgevend, maar Peckinpah trok er
zich niets van aan, en leverde een uitdagend reactionaire film af,
die er op berekend was zoveel mogelijk mensen kwaad te maken. Vlak
na de summer of love, op een moment dat films als ‘MASH’ en
‘Patton’ ernstige vragen stelden bij concepten als oorlog en
geweld, kwam het originele ‘Straw Dogs’ aan als een verschrikkelijk
bitter tegengif. Niet alleen zat geweld ingebakken in de menselijke
natuur, beweerde Peckinpah, maar we hadden de morele plicht om het
indien nodig te gebruiken.

Anno 2011 kan Rod Lurie zowat alles van het
origineel recreëren, behalve die sociale context en de plaats die
‘Straw Dogs’ innam in het oeuvre van de regisseur. Wat blijft er
dan over? Tja… Een home invasion thriller, waarin alle
belangrijke scènes keurig een tegenhanger krijgen (zelfs een
destijds extreem controversiële verkrachtingsscène is nog steeds
aanwezig, hoewel Lurie hem net een tikkel minder scherp maakt). De
prent is goed gemaakt vanuit technisch oogpunt: het tempo zit goed,
het camerawerk is sfeervol en de montage is knap gedaan. Maar Lurie
heeft niet de extreme “iedereen kan mijn rug op”-mentaliteit van
Peckinpah – hij imiteert die mentaliteit alleen maar, en
dat verschil merk je. Peckinpah geloofde oprecht in de reactionaire
dingen die hij met ‘Straw Dogs’ verkondigde, wat zijn film, for
better or worse,
een soort onbezonnen energie gaf. ‘Straw Dogs
1971’ voelde aan als een gevaarlijke film. Lurie, daarentegen,
vindt dat hele gedoe rond mannelijkheid allicht gewoon interessant
als theoretisch concept, wat hem verhindert om all the way
te gaan met de film. Het geweld, inclusief het seksuele geweld, is
wel degelijk aanwezig, maar waar Peckinpah zich volledig smeet,
bewaart Lurie een soort kritische afstand. Je voelt aan dat hij
zelf niet gelooft in de implicaties van zijn eigen verhaal. Hij
vindt die implicaties hooguit boeiend, maar hij weigert er de
verantwoordelijkheid voor op te nemen.

Wie de originele film niet heeft gezien – en dat
zal de overgrote meerderheid van het publiek zijn – ziet een
efficiënt gemaakte thriller, die zich al bij al niet sterk
onderscheidt van een dozijn gelijkaardige verhalen, allemaal
gedrenkt in de angst die Amerikaanse stadsmensen blijkbaar
instinctief hebben voor de deep South. (Zouden de inwoners
van Mississippi het nooit beu raken om opgevoerd te worden als
gewelddadige boerenpummels? Als KKK’ers of kettingzaagmoordenaars?)
De spanning wordt hoe dan ook vakkundig opgevoerd – de structuur
van de prent is ontleend aan de eerste versie, en zit bijgevolg erg
goed – en leidt naar een twintig minuten durende geweldorgie als
finale, die alweer sterk geregisseerd is op technisch vlak. De
choreografie van die sequens is vrijwel feilloos; je weet steeds
waar iedereen is, en het geweld zelf is soms pijnlijk plausibel.
Marsden doet dingen met een nagelpistool die écht niet gezellig
zijn (en ook wel een beetje gepikt van ‘Blood Simple’, dat dan weer
wel).

De acteerprestaties variëren – James Marsden is oké
als watje die uiteindelijk de krijger in zichzelf ontdekt, terwijl
Kate Bosworth haar tepels het grootste deel van het werk laat doen.
Alexander Skarsgard heeft het meest interessante personage als
Amy’s ex, en speelt ook knap met de ambiguïteiten van zijn rol. Na
zijn optredens hier, in ‘Generation Kill’ en ‘True Blood’,
ontwikkelt hij zich meer en meer als een acteur om in de gaten te
houden. Oude rot James Woods duikt op in een hysterische bijrol,
die verschrikkelijk uit de toon valt met de rest van de cast. Lag
het aan hem of aan de manier waarop hij geregisseerd werd? In ieder
geval, hij kan zo naast Nicolas Cage in ‘The Wicker Man’ gaan staan
als het op overacting aankomt.

‘Straw Dogs’ is competent gemaakt en weet je
aandacht probleemloos vast te houden. Maar het blijft een zinloze
remake van een film die zeer specifiek was voor zijn tijd en de
mensen die er achter zaten. Om maar te zeggen: soms kan er ook wel
eens heel veel energie worden gestoken in iets dat simpelweg de
moeite niet is.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in