Caribou & Vibration Ensemble :: 8 december 2011, Vooruit

Een vrij exclusieve passage donderdagavond in Vooruit, gezien in aanloop naar zijn curatorschap van All Tomorrow’s Parties er amper drie Europese concerten op het tourschema stonden van Caribou. Met het kruim van de elektronische muziek in zijn zog, werden massieve versies neergezet van ’s mans psychedelische koortsdromen.

De Canadees Dan Snaith, ofte Caribou, brak vorig jaar eindelijk wat breder door met z’n grensverleggende crossover tussen indie en dance op het album Swim. Inventieve gelaagdheid en dansbaarheid vonden er elkaar in een adembenemend verbond. Op eerdere festivals en concerten in reguliere bezetting al een schot in de roos, het was dus watertandend uitkijken naar de extra uitgebreide versie van het gevolg met voor de gelegenheid ook het Vibration Ensemble aan boord.

Schoon volk immers op de planken, met onder meer Kieran Hebden van Four Tet, John Schmersal (Enon) en dj/producer James Holden in de rangen. Met ook vier blazers en twee drummers, op Snaiths aangeven vrijwel uniform in het wit uitgedost, is er genoeg getalsterkte om met name het materiaal uit Swim in een hertimmerde en massieve versie neer te poten. Een aanpak die indruk maakt, maar niet altijd een gelukkige afloop kent.

Voor de twee drummers, centraal op het podium geposteerd, is het topsport vanavond. Geen moment rust, willen ze die knallende sound op het podium in leven houden, waar ze de eerste helft ook met verve in slagen. Nog geen beetje opzwepend, die niet afhoudende en beukende mokerslagen als sparring partner voor de groovende baslijn van Schmersal.

Dat is wel anders voor de blazers die het gros van de tijd er wat werkloos bij staan, maar als ze de registers mogen opentrekken wel hun meerwaarde bewijzen. Van haast piepende en steunende freejazz aan het eind van “Found Out”, tot de kringelende dwarsfluit die “Odessa” nog een extra scheut psychedelica toedient. Het nummer komt met de dubbele drumpartij erbovenop een stuk kloeker voor de dag, maar behoudt gelukkig wel zijn bevreemdende effect, u weet wel, met die zeemeeuw op verboden middelen die erin voorbij lijkt te komen.

James Holden mag aan de slag in de snoepwinkel, met een indrukwekkende batterij aan elektronica, samplers en effecten op de tafels waar de hoog opgeschoten whizzkid met het grootste gemak bleeps en stoorzenders uit sleurt. Geinig hoe die eerst schijnbaar aarzelend maar vervolgens resoluut de songs telkens uit hun kot lokken. “Bowls” komt zo met zijn repetitieve geklingel al gauw in de draaikolk terecht waar ook pompende trance en het geweld van de koperblazers huishouden.

Het is voortdurend van het ene been op het andere springen, met het ene moment een band die woest uithaalt met no wave-punk en scherpe baslijnen, en dan weer overschakelt naar beenharde acid die de aanval inzet op de kronkelende groove. Met ook de blazers die halfweg de set de synthpartijen van Snaith aan flarden mogen rijten, kreunen de nummers op die manier wel geregeld onder hun eigen gewicht. Knock-out krijgen Caribou en co zo hun publiek wel, met deze wall of sound.

Helemaal dolgedraaid krijgt Dan Snaith de zaal pas met een kolkende versie van “Sun”, gerekt tot een lang uitgesponnen en funky jam die uitmondt in pure improv waarin de teugels pas echt worden gevierd. Een welgemikte knal en meteen de boeken toe, het publiek blijft wat verrast achter. Dat is volgens het boekje komen, zien en overwinnen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in