The Twilight Saga :: Breaking Dawn – Part 1

Het beste dat we over de vorige delen van ‘The Twilight Saga’
kunnen zeggen, is dat we niet in coma zijn gesukkeld toen wij in
ons bioscoopstoeltje ei zo na omver vielen van de verveling.
Bijgevolg zaten wij ook niet met dichtgeknepen bilspieren,
trippelende voetjes of razendsnel op elkaar klappende handjes te
wachten op aflevering vier van de hondspopulaire
bloedzuigerfranchise. Mààr, ‘Breaking Dawn’ had wel één niet te
onderschatten voordeel ten opzichte van haar voorgangers: het boek
is namelijk zo geflipt dat er even twijfel was of het wel verfilmd
kon worden. Er gebéurt deze keer dus ook daadwerkelijk een en ander
– vandaar dat hij in twee werd gekapt: er moet nog tijd overblijven
om eens met geconstipeerde blik voorbij de camera te turen,
nietwaar? Toch zijn de gebeurtenissen die we in deel één al te zien
krijgen zo totaal van de pot gerukt dat ook wij ons voor één keer
als een guitige forel in het water voelden temidden van een zee aan
bakvissen.

Wie om god weet welke redenen liever zélf naar de film gaat
kijken – ik neem aan dat u veertien jaar oud, suïcidaal, dan wel
stiepeldronken bent – stopt best met lezen, want de “what the
shit?!”-momenten zijn gewoon veel te mooi om niét te vermelden. U
weze gewaarschuwd. Het verhaaltje begint nochtans braaf genoeg.
Bella (Kristen Stewart) en Edward (Robert Pattinson) zijn keurig
van elkaars plassers gebleven en stappen nu met elkaar in het
huwelijksbootje. Jacob (Taylor “whoa, zo veel tekst!”
Lautner) loopt er ondertussen maar beteuterd bij. Tijdens de
huwelijksnacht komt het er dan toch van en rampetampen de
newlyweds er lustig op rond. Edward schopt Bella echter
meteen met jong – iets wat een behoorlijk indrukwekkende prestatie
is van het zaad van Le Pattinson, in deze film toch al een paar
decennia morsdood – en de foetus begint haar lichaam gevaarlijk uit
te hongeren. Toch wil Bella van een – kruisteken, kruisteken,
kruisteken – abortus niks weten.

U merkt het: nog meer dan voorheen trekt schrijfster Stephanie
Meyer de kaart van de Mormoonse deugdelijkheid: de gevolgen van het
satanische sekspartijtje tussen Bella en Edward zijn verstrekkend,
en de lichamelijke aftakeling van Bella had niet misstaan in een
psychologische horrortrip van David Cronenberg. Het deed mij
allemaal erg denken aan die ene quote van de gymleraar uit ‘Mean
Girls’: “If you have sex, you WILL get pregnant, and die.”
Da’s in feite precies wat er gebeurt met Bella, die uiteindelijk in
een vampier veranderd moet worden om niet onder de zoden te
verdwijnen. Meyer lijkt nog net te willen toegeven dat op
welgezette tijden het beest met de twee ruggen te willen maken, een
menselijke impuls is die op zich niet kwaadaardig is, maar ze
hamert er vervolgens wel op dat je ’t toch zéker beter niet doet.
Wij zaten te wachten tot er ergens een titel op het scherm
verscheen met de woorden “DON’T DO IT!” Om van de
anti-abortuspropaganda nog maar te zwijgen.

Wat ook opvalt, is hoe cynisch de makers met de materie
omspringen. Net als in ‘Eclipse’ weten de producers waaraan ‘Gods
and Monsters’-regisseur Bill Condon zijn ziel verkocht, exact wat
er leeft bij hun doelpubliek, en waarom zij naar de film gaan
kijken. Anno 2011 heet dat: Taylor Lautner, die de – toegegeven –
nog steeds “ok egt ng well kwenjoe hottiieehh” R-Patz onlangs
voorbijstak in populariteit. In zowat het eerste shot van de film
mag hij dan ook zijn shirt uittrekken – als een Mexicaanse wave
hoor je de gilletjes van honderden mini-orgasmetjes door het
publiek sudderen – en de duisternis tegemoet lopen. Wow, dat gaat
diep! Geen enkel personage krijgt daarna nog een scène die niet
geprefabriceerd aanvoelt. Dit is cookie
cutter
-entertainment aan de hand van een formule die – aan de
vele kreetjes, “ooh”s en “aah”s te oordelen – nog wel werkt bij het
kirrende doelpubliek, maar in feite niets meer is dan een
gemakzuchtige herhaling van alles dat we al zagen in delen één,
twee en drie.

Het goede nieuws, dan – en hier wordt het echt wel lachen.
‘Breaking Dawn, Part 1′ gaat er zo ver over dat het pure camp
wordt. Niet “bijna,” gewoon pure camp. Ik moet er zelfs geen
sarcastische commentaar bij geven om het geestig te maken. Ik ga
gewoon een klein overzichtje geven van de rest van de plot. Tijdens
Bella’s zwangerschap, gaat de baby zozeer tekeer dat Bella op
gezette tijden het bewustzijn verliest. Om de kleine lekker terug
te pesten, onthult Bella vervolgens de namen: E.J. als het een
jongen is (naar Edward Jacob, want iedereen noemt zijn kinderen al
eens naar smachtende aspirant-minnaars) en als het een meisje is,
een eerbetoon aan hun beider moeders, Renée en Esme. Wat geeft dan
dan? That’s right: Renesmee. “Eat that, you kicky
little shit,
” moet Bella gedacht hebben.

Wanneer de bevalling begint, doet de kleine zijn best om wraak
te nemen: met een welgemikte trap breekt zij Bella’s ruggengraat.
Bella begint weg te glijden en de baby wil maar niet naar buiten
komen. In een van de foutste scènes sinds, laten we voor het gemak
zeggen “mensenheugnis,” leunt Edward vervolgens naar haar lagere
regio toe en zegt, “wacht, ik help een handje,” om vervolgens zijn
tanden in haar preut te zetten. Het kan ook een keizersnede zijn,
maar u ziet wat u wil zien, nietwaar? Edward haalt – enkele stukjes
moederkoek glinsteren vers op zijn aangezicht – de baby heelhuids
boven, maar plots ziet Jacob zich verplicht om de kleine te doden,
aangezien het een abominatie is. Fair enough, alleen
krijgen we op het moment dat Jacob wil toeslaan een zoom op de
kleine Renesmee, waarna hij “imprint” op haar. Vrij vertaald: Jacob
ziet zo’n pasgeboren half-vampiertje wel zitten. Hebben we allemaal
wel eens voor.

Zwijgen we nog over de meest hilarische scène van al, waarin een
roedel wolven luid grommend en bijtend een telepatische discussie
voert met elkaar. U moet het zien om het te geloven, maar het is
toch verreweg het meest onverwacht grappige moment dat wij dit jaar
in de cinema hebben mogen meemaken. Onze raad dus? Schaf u twee
bakken bier aan, of desgewenst de juiste hallucinogene middelen, en
trek met enkele gelijkgezinde zielen naar uw lokale multiplex om
het er op een zuipen te zetten, of verschans u in uw zetel om met
knikkende knieën te wachten totdat de ‘Twilight’-rage
voorbijgetrokken is. Nog het meest verbazingwekkend van al: wij
hebben in deze recensie niet eens onze emmer Taylor “mijn neus
stààt gewoon zo, oké?” Lautner-witzen moeten bovenhalen om de film
onderuit te halen. Dat geeft een recensent nu eens voldoening,
zie.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in