Melancholia

Toen Lars von Trier twee jaar geleden het
Filmfestival van Cannes aandeed met zijn film ‘Antichrist’, kreeg
hij van de oecumenische jury een speciale “anti”-prijs, omdat de
prent zodanig misogyn en nihilistisch zou zijn dat hij alles
vertegenwoordigde dat niet spiritueel verheffend was. Toen
de regisseur dit jaar terugkeerde met ‘Melancholia’, liet de
christelijke tak van het festival hem met rust (oké, hij werd wel
verbannen door de organisatie omwille van zijn uitspraken op een
persconferentie, maar da’s dan weer een ander verhaal), hoewel zijn
nieuwste zo mogelijk nog zwartgalliger is dan
‘Antichrist’. Waar ‘Antichrist’ het verhaal was van twee mensen die
elkaar fysiek en spiritueel vernietigen, gaat ‘Melancholia’ meteen
over het einde van de planeet aarde. Het is een soort van
minimalistische rampenfilm, waarin er geen redding mogelijk is,
geen verlossing, geen religieuze extase om in te vluchten. Geen
hemel, geen vergiffenis. En de clou van dat alles? Het einde van de
wereld is… nuja, het is prachtig. In de interpretatie
van von Trier is het een bedwelmend schouwspel, dat eerder
verrukking dan afgrijzen oproept.

De film valt uit elkaar in een proloog en twee
delen. In de proloog toont von Trier ons meteen het einde, opdat we
toch maar vooral geen hoop op een happy end zouden hebben:
de aarde komt frontaal in botsing met de veel grotere planeet
Melancholia. We krijgen een vijf minuten durende collage aan scènes
en beelden, die niet lineair op elkaar volgen: Kirsten Dunst drijft
in het water (check ook de prachtige affiche), in de stijl van
Ophelia in het schilderij van John Everett Millais; even later zien
we haar op een grasveld staan, terwijl er elektriciteit tussen haar
handen knettert; dan loopt ze in een bruidsjurk door een bos; we
zien Charlotte Gainsbourg tot aan haar knieën in het gras wegzakken
terwijl ze, met een kind in haar armen, probeert te vluchten.
Enzovoort. De speciale effecten, het hypnotiserende gebruik van
slow motion, de haarscherpe HD-fotografie en de muziek, afkomstig
uit Wagners ‘Tristan und Isolde’, vormen een soort
expressionistische kortfilm, die niet echt een verhaal vertelt,
maar wel zeer krachtig de toon van de film zet.

Daarna, in deel één, zien we hoe Justine (Kirsten
Dunst), een zwaar gedeprimeerde jonge vrouw, haar huwelijksavond
beleeft op het gigantische landgoed van haar zus Claire (Charlotte
Gainsbourg) en diens stinkend rijke man John (Kiefer Sutherland).
Aanvankelijk lijkt alles goed te gaan, maar gaandeweg wordt het
duidelijk dat Justine een diepe depressie probeert weg te spelen,
wat haar steeds minder goed lukt. De avond wordt een pijnlijke
mislukking. In de nasleep ervan is Claire de enige op wie Justine
nog kan rekenen: ze trekt tijdelijk bij Claire, John en hun zoontje
Leo in. Ondertussen komen er berichten dat de planeet Melancholia
rakelings langs de aarde zal passeren. John is er gerust in;
wetenschappers hebben verzekerd dat de planeten niet zullen botsen.
Maar Claire en Justine voelen het anders aan. Claire is simpelweg
bang, maar vanuit haar depressie kijkt Justine er anders tegenaan:
“Wie zal de aarde missen?”

‘Melancholia’ kan je het tweede deel in Lars von
Triers “depressie-diptiek” noemen, in de zin dat we opnieuw (na
‘Antichrist’) een extreem negatief verhaal krijgen, dat er van
uitgaat dat de natuur vijandig is en dat we als mensen geen
controle kunnen uitoefenen op die natuur – innerlijk of uiterlijk.
In ‘Antichrist’ kwam de depressie om de dood van een kind naar
buiten in de vorm van fysiek geweld; hier wordt de treurigheid van
Justine tastbaar gemaakt in de vorm van de planeet Melancholia: een
planeet die alles en iedereen op zijn pad consumeert en vernietigt.
Opnieuw valt er niet bepaald veel te lachen, behalve dan dat von
Trier het einde van de wereld niet geheel als iets negatiefs ziet.
Net zoals de dood een verlossing kan zijn voor een mens die pijn
lijdt, is de vernieling van de aarde een soort van extatische
verlossing voor de gehele mensheid.

Er zijn ook vormelijke overeenkomsten: de
gestileerde proloog, de opdeling in hoofdstukken (hoewel het er
ditmaal maar twee zijn), het gebruik van klassieke muziek, zelfs de
aanwezigheid van Charlotte Gainsbourg in een hoofdrol en de
vormgeving van de titels. Von Trier mikt opnieuw op een esthetische
schoonheid die het gruwelijke scenario lijkt tegen te spreken; het
is visueel gezien misschien wel de mooiste film die hij ooit heeft
gemaakt.

Dat alles neemt niet weg dat het scenario enkele
slordigheden bevat. Alle personages uit het eerste deel (het
huwelijk) verdwijnen simpelweg in deel twee, om nooit nog
teruggezien te worden. Alleen Justine, Claire, John en Leo blijven
over. Wat er gebeurt met de man van Justine, haar vader, haar
moeder en al die anderen, daar hebben we het raden naar. In
principe is dat niet erg, omdat al die personages toch maar
relevant zijn voor zover ze falen om Justine enige hoop te geven in
het leven. Eén voor één laat iedereen haar in de steek; niemand kan
haar helpen, iedereen verdwijnt, behalve haar zus. Op dat niveau is
hun verdwijning uit de film dus logisch, maar op een emotioneel
niveau blijf je als kijker toch ergens met een leegte achter. Het
zou misschien geholpen hebben als één van de personages op zijn
minst nog eens had terugverwezen naar het huwelijk.

Gezien de inhoud van de film, is allicht
onvermijdelijk dat ‘Melancholia’ een erg trage prent is geworden.
Het is een doodswals, die langzaam maar zeker afstevent op een
onvermijdelijke conclusie, net zoals Melancholia zelf langzaam maar
zeker op de aarde afstevent. Maar ook hier had ik wel het gevoel
dat er, zeker in het eerste deel, ergens een kwartiertje uit de
film geknipt had kunnen worden zonder iets essentieels te
verliezen. ‘Melancholia’ houdt je aandacht vast, daar niet van,
maar sleept hier en daar wel.

Kirsten Dunst en Charlotte Gainsbourg leveren
afzonderlijk zeer sterke prestaties, maar zijn fysiek en qua
herkomst gewoon zodanig verschillend dat het moeilijk is om hen te
accepteren als zussen. Niettemin legt Gainsbourg opnieuw een
bewonderenswaardige intensiteit aan de dag en toont Dunst dat ze,
met goed materiaal, wel degelijk diepgang naar een rol kan brengen.
Kiefer Sutherland is dan weer perfect geloofwaardig als arrogante
rijkeluis die dwangmatig aan iedereen vertelt hoeveel
holes zijn golfterrein telt.

‘Melancholia’ is een tikkel minder beklemmend en
uitdagend dan zijn voorganger, maar het is wel overdonderend mooie
cinema, die er in slaagt om onze neus te drukken op de ultieme
leegte van het bestaan, en ondertussen toch die leegte een haast
ondraaglijke schoonheid mee te geven.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in