X-Men: First Class




‘Spider-Man’ en de ‘X-Men’ hebben per stuk toch twee
genreklassiekers op hun conto staan en ook mindere goden als ‘Iron
Man’ en ‘Thor’ mochten eerder al op niet geheel stijlloze wijze de
multiplexen in uw buurt bestormen. Helaas: voor elke kleine topper
heeft Marvel ook drie stevige stinkers in z’n stal staan:
‘Daredevil’, ‘Elektra’, ‘The Incredible Hulk’ (of nog: ‘Hulk’) of
‘Fantastic Four’, iemand? Om van alle sequels nog maar te zwijgen.
Ten bewijze: ‘X-Men Origins: Wolverine’, die wanvertoning die wij
sedertdien vakkundig uit ons geheugen hebben gewist. Máár: er is
nog hoop! Deze week krijgen Xavier en zijn gevolg immers een
herkansing, en wel in de vorm van het fantastische ‘X-Men: First
Class’, in tegenstelling tot wat de lamme titel doet vermoeden een
meer dan puike avonturenfilm met branie, stijl én gevoel. Of: hoe
goeie superheldenfilms ook gewoon goeie films kunnen zijn. James:
de geekgasms, graag!

‘First Class’ neemt ons mee terug naar de jeugdjaren van
Professor X en Magneto, in gelukkiger jaren nog gewoon Charles
Xavier (James McAvoy) en Erik Lehnsherr (Michael Fassbender)
geheten. Terwijl de een zijn telepathie aanwendt om grieten te
scoren – hey, hoe zou u zelf zijn? – jaagt de ander met
zijn magnetische krachten op nazigespuis. We schrijven de
swinging sixties en we zitten in volle Koude Oorlog.
Wanneer Charles door de CIA wordt ingelijfd, komt hij met Erik in
contact en samen zetten ze de jacht in op Sebastian Shaw (Kevin
Bacon), Eriks oude leermeester en tevens een uiterst krachtig
mutant, die – zo gaat dat nu eenmaal bij superschurken – probeert
een kernoorlog te ontketenen om de wereld van de mensheid te
ontdoen.

En dat is het verhaal in een notendop, want binnen een mum van
tijd verschijnen er nog een dozijn mutanten op het toneel, allen
met hun eigen motivaties en specialiteiten. Uitschieters zijn een
jonge, maar alreeds donkerblauwe Mystique (Jennifer ‘Winter’s Bone’
Lawrence), de supersonische Banshee (Caleb Landry Jones is u
misschien bekend als “Fraternity Guy” uit ‘The Social Network’ of
“Boy on Bike” uit ‘No Country For Old Men’) en Emma Frost, een
telepathische ijsvorstin vertolkt door een voortreffelijk gecaste
(en indrukwekkend gedecolleteerde) January Jones (Betty uit ‘Mad
Men’). ‘First Class’ duurt twee uur en een kwartier, en binnen die
tijd gebeurt er onnoemelijk veel, maar de grote klasse van de film
is enerzijds hoe helder hij de mythologie van de originele comics
weet uit te diepen zonder de non-geeks uit het publiek
totaal te desoriënteren, en anderzijds hoe duidelijk het verhaal in
beeld wordt gebracht. ‘First Class’ is één van die zeldzame
actiefilms waarin je altijd weet wie waar wanneer is, en waarom die
iets doet. In 2D! Dat zien wij nu eens graag!

De personages worden ook verder en (zo kwam het ons voor)
oprechter uitgewerkt dan we gewend zijn in dit soort franchises, en
wel dankzij een werkelijk uitstekend scenario. ’t Is nu niet dat
regisseur Matthew Vaughn (‘Kick-Ass’) opeens begint te pijlen naar
de diepste motivaties van nevenpersonages als Azazel, Riptide of
Havok, maar de belangrijke bijrollen, zoals die van Raven
(Mystique) of Hank McCoy (Beast) worden alleszins geloofwaardig
ingevuld. En zelfs als dat niét zo zou zijn, waren wij nóg helemaal
mee geweest. ‘First Class’ draait immers helemaal rond de gedoemde
vriendschap tussen Charles en Erik, en dat verhaal gaat een stuk
dieper dan een doordeweeks superheldenverhaal hoort te gaan. Een
tweetal momenten in de film zijn oprecht ontroerend, en dat komt
doordat Vaughn twee uur lang de tijd neemt om rustig zijn
personages uit te werken. De finale breuk tussen de twee zorgt
meteen voor een knoert van een kippenvelmoment. Misschien alleen
voor geeks, maar toch.

Voor het grootste deel is die goeie vibe bij de
hoofdpersonages natuurlijk te danken aan de geweldige vertolkingen
van James McAvoy, die van een in se redelijk saai,
goody-two-shoes personage toch nog een coole kerel maakt,
en vooral Michael Fassbender, die als Magneto barst van onstuimige
cool en broeierig charisma. Fassbender is, dat wist u al (zie
‘Inglourious Basterds’, ‘Fish Tank’ en ‘Hunger’) een geweldig
acteur, maar ook, zo blijkt, een geboren leading man die
hier zijn meer dan terechte doorbraak mag beleven. Minstens even
geslaagd is de nieuwe stijl die Vaughn aan de X-Men franchise
geeft. Singers stijl was altijd modern-realistisch met een dikke
scheut sci-fi, terwijl Vaughn zijn mutanten plaatst in een
retrosetting die het midden houdt tussen James Bond en – vreemd,
maar wij moesten er steeds aan denken – ‘Inglourious Basterds’.
(Ter verduidelijking: de duikboot van de slechterik is
vintage Bond, terwijl January Jones een perfect
evil Bondgirl zou zijn. Eriks wraakqueeste deed dan weer
vaak denken aan die van Shoshanna, en de vertolking van Kevin Bacon
aan die van Christoph Waltz. Bovendien is Fassbender, net als Clive
Owen, gewoon James Bond zónder hem te hoeven spelen. Ziezo!)

Voorts laat Vaughn de bevlogen, ironische punkattitude van
‘Kick-Ass’ varen ten voordele van klassieke story-telling
en sfeerschepping. De toon van de film schippert voortdurend tussen
donker en cool. De scènes waarin Michael Fassbender jacht mag maken
op gevluchte nazikopstukken zijn uitzonderlijk graaf,
terwijl zijn back story, over zijn traumatiserende
kindertijd in een concentratiekamp (de openingsscène van Singers
origineel werd nog eens overgedaan voor deze prent), heel morbide
zijn, zeker voor het genre. Gelukkig valt er ook nog wat te lachen:
enkele cameo’s (één in het bijzonder) zijn ongemeen briljant en
kleine rolletjes worden vaak geweldig ingevuld, met scherp oog voor
geinige typecasting (Michael Ironside is de Amerikaans generaal en
Rade Serbedzija de Russische, all right!). Ook onnoemelijk
plezierig: Michael Fassbender mag zijn beste Frans en Spaans
bovenhalen, en Kevin Bacon mag monologen afsteken in het Russisch
én het Duits: “Wunderbar!” Zo wordt ‘First Class’ een lange, maar
voortreffelijk gebalanceerde actiefilm.

Er valt nog zoveel te vertellen – over de fijne draai die wordt
gegeven aan de Cuban Missile Crisis, of de mooie special effects
bijvoorbeeld – maar best van al kunt u ‘m (zoals steeds) gewoon
zelf gaan bekijken. Er zullen er altijd wel zijn die de film niet
serieus zullen nemen omdat er superhelden in voorkomen, maar so
be it.
‘X-Men: First Class’ zal misschien niet even
zwaarwichtige thema’s aansnijden als pakweg ‘The Tree of Life’,
maar weet wel donders goed hoe een verhaal verteld dient te worden.
Dat is mijns inziens nog steeds de eerste taak van cinema en daar
slaagt-ie met verve. Doe er met andere woorden gerust cynisch over,
maar ‘First Class’ is zonder twijfel de beste titel uit de reeks,
en één van de beste superheldenfilms tout court. Noem het
gerust een zeer straffe film. Wunderbar!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negen − vijf =