Kaboom

Kaboom raakt kant noch wal. Van tienersekskomedie tot psychologische thriller vol complottheorieën en telekinetische krachten, Kaboom schippert er overal tussen. En dat maakt de film charmant.

De Amerikaanse regisseur Gregg Araki is vooral bekend in de niche van de queercinema. In de jaren 90 kwam hij in de aandacht met zijn campy Teenage Apocalypse Trilogy, om in 2005 in het populaire circuit door te breken met het betoverende Mysterious Skin. Met Kaboom keert Araki qua stijl en thematiek terug naar die eerste. Dat leidt tot een bizarre plot vol vreemde wendingen, meteen de kracht van de film. Een selectie binnen de ExploreZone van het Filmfestival van Gent is het bewijs.

Tegen wil en dank wordt de jonge student Smith gebombardeerd tot hoofdfiguur van deze absurde film. Nochtans is Smith een behoorlijk typische tiener: zijn leven draait voornamelijk om seks. Enige bijzonderheid is dat hij op jongens en meisjes valt, waardoor hij zowel voor zijn surfende kamergenoot in katzwijm valt, als voor het pittige blonde mokkeltje dat hij tegenkomt op het toilet van een feestje. Maar Smith blijkt niet toevallig het pad te kruisen met bepaalde medestudenten. Via zijn dromen ondervindt hij van meet af aan dat er iets niet pluis is, maar hoe de puzzel precies in elkaar zit, daar komt hij maar met mondjesmaat achter.

Kaboom moet het volledig hebben van het vreemde verhaal en het moet worden gezegd: Araki heeft de overgang van tienerkomedie naar samenzweringscomplot fijntjes in elkaar gestoken. Door veel gebruik te maken van dromen weet Araki ons samen met hoofdpersoon Smith ervan te overtuigen dat ook in de wakkere wereld de dingen niet zijn zoals ze lijken. Hierdoor kijk je niet meer op wanneer Smith omsingeld wordt door gemaskerde mannen op zoek naar een mysterieus roodharig meisje of wanneer het nieuwe lief van Smiths beste vriendin Stella een heks blijkt te zijn. Sit back, relax and enjoy the young naked bodies, moet regisseur Araki gedacht hebben, waarna hij het gaspedaal gierend van de pret induwde.

Behalve de seks en de setting — een typisch Amerikaanse campus — heeft Kaboom nog meer gemeen met andere tienerfilms. Zo is er een soundtrack bomvol hedendaagse tienermuziek, waaronder we nog steeds de mannen van Placebo mogen rekenen. Ook valt op dat net als in zoveel teenflicks de acteurs eigenlijk te oud zijn om nog overtuigend een negentienjarige neer te zetten. Maar gelukkig zijn de dialogen in deze prent wel net iets pittiger dan in de gemiddelde aflevering van Dawson’s Creek. Araki mijdt alle meligheid en neemt ons mee in een wereld vol kwinkslagende humor en knipogende mooie gezichten. Kaboom is een bijzonder vrolijke film. Vol felle kleuren en acteurs die weggelopen lijken uit afgelikte shampooreclames. Alles lijkt wel van plastic, maar dat draagt juist bij aan de bizarre sfeer die er hangt. Niets is echt, niets is wat het lijkt.

Kaboom is een onderhoudende film. Araki stort je van de ene absurditeit in de andere, maar het geheel lijkt op een gekke manier wel te kloppen. Daarbij voel je dat de Amerikaan bij het filmen helemaal in zijn nopjes was. Het levert een merkwaardig maar fijn resultaat op.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in