Harry Potter and the Deathly Hallows Part 1




Je kunt heel wat leren over mensen hun karakter, door te kijken
naar hun reactie op fenomenen als ‘Harry Potter’. Je hebt de cynici
die hun neus ophalen voor de hele serie en er een punt van maken om
niét te gaan kijken. (Of nog beter: wél te gaan kijken en hem dan
telkens opnieuw ostentatief slecht te vinden.) Je hebt de fans,
uiteraard, die zich fanatiek vastklampen aan het escapisme van de
films en (vooral) de boeken. Dan heb je de ‘Lord of the
Rings’-fans, die graag in het lang en het breed uitleggen waarom
‘Harry Potter’ gewoon de kinderachtige versie van hun favoriete
fantasyreeks is. En ergens daar tussenin en tussendoor heb je dan
een groep waartoe ik mezelf reken, en die er wel van kan genieten
zo lang het duurt, maar er voor de rest nu ook niet van gaat wakker
liggen. Al die groepen hebben tien jaar de tijd gekregen om zich
vormen en duidelijk af te tekenen, en niemand gaat hen nog van
gedachten doen veranderen. Het recenseren van een individuele
‘Harry Potter’-film voelt dan ook aan als het bespreken van een
enkele aflevering uit een serie. Je kunt discussiëren over de
relatieve kwaliteit van elke episode – en misschien kun je daar
zelfs nuttige dingen uit opsteken – maar basically ben je
óf een fan van de reeks, of niet.

De duistere tijden die de personages al drie of vier films lang
fluisterend voorspelden, zijn aangebroken: boze tovenaar Lord
Voldemort (Ralph Fiennes zonder neus) heeft de macht over de
magische wereld overgenomen en voert een waar schrikbewind. Harry,
Ron en Hermione slaan op de vlucht, op zoek naar de Horcruxes:
voorwerpen waarin Voldemort delen van zijn ziel heeft opgeslagen.
Als ze alle Horcruxes kunnen vinden en vernietigen, maken ze
Voldemort ook kwetsbaar. Terugkeren naar Hogwarts is geen optie, en
dus trekken de drie vrienden er samen op uit om de toverwereld te
redden.

In de regiestoel zit opnieuw David Yates, die tegen het einde
van de reeks vier van de acht ‘Harry Potter’-films gemaakt zal
hebben. Met ‘The Order of the Phoenix’ (nog steeds het zwakste deel
van de hele serie) maakte hij een weinig veelbelovend debuut, maar
met ‘The Half-Blood Prince’ en nu opnieuw met ‘The Deathly Hallows’
toont hij aan dat hij wel degelijk begrijpt waar de ‘Harry
Potter’-films zich kunnen onderscheiden van andere fantasy-series.
Achtervolgingen, mensen die rondvliegen op een bezemsteel, gebouwen
die ontploffen en ga zo maar door – dat alles maakt deel uit van
het standaardarsenaal van een film in dit genre. Maar Yates maakt
er opnieuw een punt van om zich te concentreren op de kleine
momenten tussen de personages. Het vergt lef om, in het midden van
dit soort mega-blockbuster, plotseling gas terug te nemen om te
tonen hoe Harry en Hermione, ondanks alle ellende die ze meemaken,
heel even de tijd nemen om tiener te zijn en met elkaar te dansen
op een liedje van Nick Cave. De nay-sayers die vonden dat
de romantische perikelen uit ‘The Half-Blood Prince’ er te veel aan
waren, zullen die scène allicht verachten, maar voor mij was het
een heel menselijke toets – een scène waarin David Yates aantoont
dat zijn film meer is dan alleen maar een showcase voor speciale
effecten en actiesequensen. De vriendschap tussen Harry, Ron en
Hermione is meer dan ooit voelbaar, en geeft een emotionele
fond aan de hele film.

Vriendschap – en misschien wat meer. Waarmee we meteen aankomen
bij de reden waarom ‘Harry Potter’ zich mijlenver verheft boven
the heir apparent, ‘Twilight’. Waar ‘Twilight’ een zedige
parabel is voor Mormoonse seksuele repressie (onthouding tot aan
het huwelijk, als het even kan, jongelui!), voel je in de relatie
tussen Ron en Hermione wel degelijk een geloofwaardige seksuele
spanning. In één van de beste scènes uit de film voert Voldemort
voor Ron een waanbeeld op, waarin hij Harry en Hermione elkaar
halfnaakt ziet omarmen en kussen – “waarom zou ze voor jou kiezen,
als ze ook Harry Potter kan krijgen?,” fluistert Voldemort hem in.
Niet meteen de meest indringende of duizelingwekkend originele blik
onder de hersenpan van een seksueel onzekere puber, maar het is in
ieder geval een pak realistischer en dramatisch interessanter dan
de emotioneel en mentaal (indien niet fysiek) gecastreerde jongelui
uit ‘Twilight’, die enkel dienen om de oerconservatieve agenda van
hun schrijfster te promoten.

Anyway, David Yates zorgt ervoor dat de hocus-pocus
eigen aan de reeks altijd gekaderd blijft binnen overtuigende
menselijke emoties, en dat is niet niks. In dat opzicht helpt het
zelfs dat de film in twee delen werd gekapt. Oké, ik weet het wel,
die beslissing werd eigenlijk gewoon genomen om u nog twee keer
langs de kassa te laten passeren, maar dat neemt niet weg dat het
ook wel zijn voordelen heeft voor de film zelf. Waar sommige vorige
delen – vooral ‘Order of the Phoenix’- zichzelf voorbij leken te
galopperen om op 150 minuten tijd toch maar alles verteld te
krijgen, kunnen de makers nu hun tijd nemen. Scènes ontwikkelen
zich aan een meer natuurlijk tempo, dialogen krijgen de tijd om
meer te doen dan alleen maar plotpunten duidelijk te maken en er
komt ook gewoon tijd vrij voor meer kleine scènes, zoals die
beruchte dansscène tussen Harry en Hermione. In navolging van het
boek, is deze eerste helft van ‘The Deathly Hallows’ zelfs niet
vrij van langdradigheden – het centraal trio blijft net iets te
lang in de bossen rondwandelen – maar een sterke finale maakt dat
meer dan goed.

De actiescènes zijn over het algemeen netjes in elkaar gestoken,
zonder dat de chaos de overhand neemt. Alleen een achtervolging
door het bos aan het einde van de film is net iets te
shaky om helemaal te overtuigen. Uitschieter op visueel
vlak is een prachtige animatiesequens, waarin de legende van de
Deathly Hallows wordt uitgebeeld – misschien wel de beste scène van
de hele serie tot nu toe. Ook hier blijft de menselijke toets van
David Yates aanwezig – hij heeft er een handje van weg om middenin
een actiescène plots een humoristische noot toe te voegen.
Boe, zeggen de puristen, hoera zeg ik. Het zorgt
er immers voor dat de film zichzelf nooit al te serieus gaat nemen
– de pompeuze aard van de prent (die eigen is aan z’n status als
finale in een fantasy-serie) krijgt een aardig
tegengewicht met die humor. Het werkt.

Nee, uiteraard is dit niet opeens het één of ander
cinematografisch meesterwerk. Er worden heel wat bekende acteurs
weggestopt in niets betekenende bijrollen (Bill Nighy, Peter
Mullan, John Hurt en nog een hele resem anderen duiken op in
blink and you’ll miss them-cameo’s). En uiteraard moet je
de deus ex machina’s waar J.K. Rowling in grossierde maar
voor lief nemen. Maar laat ik het zo zeggen: als de hele ‘Harry
Potter’-reeks een driesterrenserie is, dan is ‘the Deathly Hallows’
binnenin die driesterrenserie een viersterrenaflevering. Als u me
nog kunt volgen.

NB: Oorspronkelijk was het de bedoeling om ‘Harry Potter and the
Deathly Hallows’ in 3D uit te brengen, maar door tijdgebrek werd
besloten om dat niet te doen. Is er iémand die dat jammer vindt?
Iémand die vindt dat hij iets gemist heeft? Nee, dat dacht ik ook
al.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in