Yeasayer

Ze zien er uit als de hippe New Yorkse youngsters die ze zijn, hun
less is more podiumopbouw met erg veel nadruk op ruimte
doet denken aan Kraftwerk en Bauhaus – de stijlperiode, niet de
band – en ze klinken als een geüpdate versie van Depeche Mode of
Talking Heads. Maar dan niet de overbodige b-versie, maar wel
Depeche Mode 2.0. Met ‘Odd Blood’ onder de arm maakte
Yeasayer de transfer van de AB Club naar de grote
zaal, en of ze daar trots op waren.
Esthetisch zag het er allemaal piekfijn uit, en na het meer dan
aardige voorprogramma Suckers – soms iets te veel
Arcade Fire willen zijn, maar daar kan aan gewerkt worden – openden
de New York Kids met het salvo ‘Madder Red’-‘Rome’, twee energieke
petsen in je gezicht, twee nummers ook die lazen als een
intentieverklaring waar Yeasayer op zijn best voor staat. Diezelfde
sturm und drang kwam na een dipje halfweg ook aan het eind
van het optreden terug. Animal Collective was nooit ver weg, en al
hoeft het dan niet te verbazen dat indiehitje ‘O.N.E.’ de AB in
lichterlaaie zette, was het toch opmerkzaam dat ook albumtrack
‘Mondegreen’ zich net tevoren live had geopenbaard als een
ijzersterke, wat tegendraadse maar daarom niet minder rake en
gesmaakte song. Alsfluiter ‘Ambling Alp’ en bissen ‘The Children’
en ‘2080’ benadrukten eveneens het hout waaruit Yeasayer gesneden
is: een beetje artrock, een beetje psychedelica, een beetje
elektro – dat laatste vertaalde zich vooral in een uitstekende
symbiose tussen kraak- en bliepgeluidjes enerzijds en podiumact en
lichtspel anderzijds. Vlot ronddansende frontman Chris Keating
bewoog zich over het podium alsof Mephistopheles zelve hem ging
komen grijpen als zijn eagerness even verslapte.

Helaas, en meer als voetnoot dan als tegenargument, toonde Yeasayer
ook even zijn beperkingen, zo net voor halfweg de set. Het was het
moment waarop de band een zestal rustigere nummers in de set stak,
en eveneens het moment waarop bleek dat Eno’s ambient nooit zo goed
en soms zelfs ronduit vervelend is als ze niet door Eno zelf
gemaakt wordt. Niet toevallig kwam het leeuwendeel van die nummers
uit het toch minder ambitieuze ‘All Hour Cymbals’, en was het
‘Grizelda’ dat de band op dat moment overeind hield. Desalniettemin
mag toch geconcludeerd worden dat Yeasayer op het zachte veld nog
even moet tasten en schaven alvorens ze succesvol hun ‘Amnesiac’ op
de markt kunnen gooien.

Een optreden met twee gezichten dus? Wel, niet echt, want daarvoor
nam de slagschaduw die opgeworpen werd door de steevast energieke
dreunen die Yeasayer uitdeelde te makkelijk de bovenhand op de paar
mindere momenten. Vooral na ‘Mondegreen’ werd de boog niet meer
gelost, en hoewel velen bij de openingsnoten van het toch meer
ingehouden ‘Strange Reunions’ ‘O.N.E.’ al leken te anticiperen,
mocht het enigszins een verrassing heten dat de band na ‘Ambling
Alp’ en zowel op het toppunt van hun populariteit als van hun
artistieke kunnen het op twee al even succesvolle bisnummers hield.
Dat Yeasayer de branie en de songs heeft moge duidelijk wezen. De
toekomst is volledig de hunne.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

6 − twee =