Sharon Jones & The Dap-Kings :: I Learned The Hard Way

Daptone, 2010.

Zielloze soul bestaat, al lijkt dat een contradictie. Maar de
voorbeelden zijn legio: onze eigen Kempische beugelbek Natalia, of
het zoveelste Amerikaanse R’n’B-sterretje. Maar gelukkig bestaat de
real thing ook nog: Sharon Jones. ‘I Learned The Hard Way’
is het vierde album van Sharon Jones & The Dap-Kings en is pure
soul revival. De funk uit de vorige albums wordt wat
teruggeschroefd. Maar de sound grijpt nog steeds voor 100 procent
terug naar de jaren ’60 en de vroege jaren ’70.

Vernieuwing hoeft u hier niet te zoeken. Vernieuwing is ook niet
het doel van de muziek van Jones en haar puike begeleidingsband The
Dap-Kings, waarop Mark Ronson al een beroep deed voor Amy
Winehouse-album ‘Back To Black‘. Het
is pure passie en liefde voor het genre en perfect vakmanschap dat
Jones en haar band drijft. En daardoor maken ze ook het verschil
met de ‘zielloze soul’: geloofwaardigheid.

Als Jones haar pijn bezingt of uitschreeuwt, dan geloof je haar. In
tegenstelling tot de ‘soul’ van de would-be soul diva’s dezer
wereld wordt de stem gebruikt in functie van de song, van de
expressie, van het inlevingsvermogen. Het is meer dan ‘goed kunnen
zingen’ (want dat kunnen er veel): de zang versterkt het verhaal en
de muziek. Er is een symbiose tussen het nummer an sich, de
schitterende band die The Dap-Kings is, en de zangeres. Elk deel
heeft zijn plaats, het is geen show die enkel draait op de stem en
de reet van de frontvrouw.

Het is ook bijzonder knap dat Jones en haar band erg sterke nummers
kunnen schrijven met een pure retrosound. Er staat dan ook geen
enkel nummer op het album dat minder is dan goed. Enkel
instrumental ‘The Reason’ biedt, ondanks de klasse van The
Dap-Kings, geen echte meerwaarde.

‘Better Things’ is de eerste uitschieter: een perfecte gitaarriff,
een heerlijke piano en een welgeplaatste blazer begeleiden een
sterke Jones in een nummer met een heerlijke drive en een simpel
maar succesvol refrein. In ‘Money’ steekt Jones een perfecte
klaagzang af: ‘Money, where have you gone?‘ vraagt ze zich
af. Qua pure power en pijnlijke geloofwaardigheid benadert ze hier
de kracht van Bettye
Lavette
s comebackplaten.

‘She Ain’t No Child No More’ houdt het midden tussen een song voor
een soundtrack voor een Bond- en één voor een blaxploitationfilm.
De beste ballad is ‘If You Call’, met een refrein dat door The
Dap-Kings voorzien wordt van een big band arrangement. Afsluiter
‘Mama Don’t Like My Name’ kijkt naar de vroege Motownsound uit het
begin van de jaren ’60. Het is een heerlijk doowopnummer waar de
interactie tussen de stemmen centraal staat en met een minimale
begeleiding van de band.

‘I Learned The Hard Way’ is geen beeldenstormer, geen vernieuwende
plaat. Maar kwaliteit, vakmanschap, passie en liefde voor het genre
maken dat dit album bol staat van charme en steengoede songs.
Bovendien zijn zowel Sharon Jones als haar band The Dap-Kings
absolute muzikale toppers. Als u van het genre houdt, dan is dit
verplichte kost.

http://www.sharonjonesandthedapkings.com/

www.myspace.com/sharonjonesandthedapkings

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in