Keefman :: ”Een allesoverheersende eenzaamheid”

Keefman heeft ongetwijfeld een van de meest verfrissende Nederlandstalige platen van dit jaar uitgebracht. Zelden werden op een half uur tijd zoveel genres door elkaar gehaspeld in onze moerstaal als op hun debuut Zonlicht/Zonnebrillen, maar een onmiskenbare neus voor popmelodieën en bezielde teksten smeden het geheel stevig aan elkaar. Keefman is iets wat u tussen zeedijk en Oostkantons nog nooit of (te) zelden heeft gehoord.

Dat vond goddeau vorig jaar al, toen Keefman een van de winnaars was van onze demowedstrijd — samen met Marble Sounds. 33 is bezieler Tom Kets uit het ietwat verborgen Duffel ondertussen. Volledig gesmeten heeft hij zich in dat acht nummers tellende debuut, een ontzettend persoonlijke plaat voor wie tussen de regels leest – en voor wie de komende regels op deze pagina’s leest. Kets is euforisch dat de plaat er eindelijk is, maar houdt de voeten op de grond omdat het allemaal niet evident is voor een band die buiten de lijntjes kleurt — niet als statement, maar als een instinct. We laten Kets zelf aan het woord, ook tijdens het gesprek zelf waren vragen al gauw overbodig.

"Keefman is begonnen als afstudeerproject aan Studio Herman Teirlinck, waarbij we ook de hulp kregen van Gert Bettens. Er staan twee songs op die nog dateren van de tijd met Gert. Hij is nooit lid geweest van de groep, maar ik heb wel ontzettend veel van hem geleerd. We hebben samen weken muziek gemaakt. Maar als je les hebt gevolgd aan de Studio, krijg je onmiddellijk het label kleinkunst opgeprikt, nog voor je een noot op plaat hebt uitgebracht. Ik heb bijvoorbeeld ook les gekregen van Das Pop."

"Iets brengen dat er nog niet is"

"Maar voor ons is het pas echt begonnen met die eerste demo, waar we ook bij jullie toen een prijs mee gewonnen hebben. We hebben nog enkele prijzen gewonnen, zoals de Nederpopprijs en de prijs van de Arenberg. Nu is het in een stroomversnelling aan het komen. We zullen het stap per stap moeten doen, ik moet ook m’n netwerk uitbouwen. Ik ben blij dat Steven Perceval voor ons al een videoclip heeft gemaakt, dat is toch een mooie referentie."

"Ik doe alles in eigen beheer, dus het is fameus trekken en sleuren aan de kar. Maar ik moet dat doen, ik maak niet iets om in de kelder of het repetitiekot te houden. Het is essentieel dat je er ook zelf in gelooft natuurlijk, en dat je dat mee daardoor ook naar buiten brengt. Ik geloof er dan ook in dat wij iets anders brengen in het Nederlands, iets dat er nog niet is. Zonder daar pedant over te willen doen, het warm water is al genoeg uitgevonden. Je moet wel een gezonde arrogantie hebben vind ik, dus ik vind dat ik niks verkeerds zeg."

"Het is allemaal snel aan het gaan, maar dat is de bedoeling. Ik wil veel spelen, vandaar dat we niet te lang treuzelden om onze eerste plaat uit te brengen. Ik noem dit geen e.p., al staan er "maar" acht nummers op. In deze tijden moet je zo niet meer denken. Full-cd’s hebben ook maar negen nummers tegenwoordig. Vaste stramienen moeten achtergelaten worden, we proberen dat ook met onze muziek te doen eigenlijk."

"Geen muziek voor het hele gezin"

"Deze plaat is een momentopname, en zit bomvol verschillende ideeën die we toch proberen samen te voegen. Het mag al eens wat epischer zijn, wat feller, dan weer ontzettend rustig, maar de plaat zit wel vol poprefreintjes. Er zit punk in, en blues. De echte Keefman-sound bestaat niet, ik zou dat ook erg vinden. Groepen die elke keer een heel andere plaat uitbrengen, vind ik heel interessant. Dat wil ik ook. Een volgende keer kom ik ongetwijfeld eens met rap en techno af. We zijn geen Nederlandstalige rockband, en dat is ons probleem. We zijn te hard voor de culturele centra, de mensen kunnen ons niet plaatsen: wat is dat? Ze zoeken referenties, een houvast. We worden bijvoorbeeld met The Kills vergeleken, en met The Twilight Singers. Maar dat zijn maar momenten op de plaat, zo kun je bezig blijven."

"We maken geen muziek voor het hele gezin. Daar zijn keuzes in gemaakt. Dat houdt echter in dat we niet zo gemakkelijk veel live kunnen spelen en vaak tegen een muur botsen, zeker als je alles zoals ik in eigen beheer doet. Maar ik wil geen compromissen sluiten. We hebben een heel rijke instrumentatie, mar we spelen onze nummers evenzeer akoestisch in de bibliotheek van Duffel. Iedereen van de groep heeft ook zijn eigen inbreng, ik leg hun nooit uit wat de teksten betekenen, zodat het zeker muzikaal niet beperkend werkt. Oorspronkelijk was het allemaal nog een pak luider, teringherrie zelfs, maar we hebben er onder impuls van producer Stoffel Verlackt ook steeds meer een popsausje over gegoten. En dat vind ik fijn, die grenzen van popmuziek aftasten."

Basiseenzaamheid

"Toch ben ik ervan overtuigd dat er een lijn zit in onze plaat, het is geen chaotische mozaïek. Zeker tekstueel is er een verband tussen alles, een soort wereldbeeld. Noem het een soort basiseenzaamheid, zonder dat ik daarmee als een drama queen wil klinken. Een allesoverheersende, constante eenzaamheid, heel observerend en heel persoonlijk. Meisjes die alleen staan, mensen die aan de rand staan en willen uitbreken, de schijnheiligheid die mensen hebben… Het zit er allemaal in."

"De laatste beer" is dan weer een nummer voor mijn vader die twee jaar geleden is overleden. Dat is een klankbord dat is weggevallen. Sindsdien heb ik dat gevoel van, "ik heb niks meer te verliezen". Ik wil goeie dingen maken, maar ik wil en moet er zelf in geloven. Dat heeft mijn vader me altijd meegegeven. Zijn mening is er nu niet meer, maar ik wil iets blijven maken. Ik ben heel persoonlijk in mijn muziek: "Tijd maakt wonden" gaat over mijn demente grootvader. Dat vind ik zo fantastisch in popmuziek: dat je daar de meest complexe thema’s in kunt verwerken. Daarom vind ik Morrissey ook zo interessant. Het is geen kwestie van mezelf bloot geven, maar wel met dingen omgaan. Ik probeer in mijn teksten dingen kwijt te kunnen, maar wil de mensen ook hun eigen verhaal laten maken."

"Mijn vader was een tekenaar uit de oude Sint-lucas opleiding en in die zin was kunst bij ons altijd aanwezig, daar werd nooit meer van gemaakt dan het eigenlijk is. Dat gaf een zekere nuchterheid voor ik aan mijn opleiding begon, die nuchterheid heeft me echt geholpen. Ik heb er ontzettend veel geleerd, vooral ook op het gebied van teksten schrijven. Het is mede daardoor een bewuste keuze geweest om in het Nederlands te schrijven. Mijn Engels is om te beginnen niet goed genoeg om alles uit te drukken wat ik wil zeggen. Teksten schrijven vind ik zo al moeilijk genoeg, omdat ze voor mij ontzettend belangrijk zijn. Het moet wel een poptekst blijven: ik wil iets zeggen zonder dat het als een "grote boodschap" overkomt, ik wil er humor in zonder dat het te cabaretesk wordt. Ik wil ook wel eens prikken, zoals in "Magere meisjes", of een beetje cynisme zoals in "Wij zijn de jeugd". Doe Maar, Arbeid Adelt, Aroma di Amore zijn allemaal invloeden. Ik probeer een tekst te schrijven zodat de mensen het ook zelf kunnen beleven, ik wil hun niet de woorden of inhoud opdringen. Zo werkt het in goed theater ook. Het mag niet te anekdotisch zijn. Ik wil geen verhaaltjes vertellen."

Geen compromis zoeken

"Door mijn vader heb ik op een of andere manier de betrachting om trouw te blijven aan mezelf, niet het compromis te zoeken en een stap verder van jezelf weg te zetten om een stap vooruit te zetten commercieel. Een soort nul rekening houden met anderen, en ik hoop echt dat dat op deze plaat ook het geval is, dat het 100% ons is zonder tussenweg. Er moet een sturm und drang in zitten, we moeten klinken als een hoop losgelaten jonge honden, al zijn we ondertussen al iets ouder. Ik zou het zelfs niet erg vinden als er mensen zouden gaan lopen op een optreden van ons, zeker niet als ze ons ergens in een cultureel centrum geduwd hebben. Ik wil daar natuurlijk wel spelen, graag zelfs, maar ik ga onze muziek daar niet op afstemmen. Er moet punk in zitten. Voor mij is alles begonnen met The Ramones en The Kids."

"Ik wil het ook zeker niet allemaal moeilijk maken om moeilijk te maken. Wat niet wegneemt dat ik ervoor gekozen heb geen echt liefdesliedje op de plaat te zetten, daar is over nagedacht (lacht). Elk nummer heeft echt een thema: "Uitbreker" gaatbijvoorbeeld over ongewenste kinderen ("We zijn hier zonder reden/op zoek naar een verhaal"). Ik heb in een instelling gewerkt, en daar heb ik heel veel kinderen gezien die niet mochten bestaan, die dan ook geen bestaansreden hadden. Als mensen niet mogen bestaan, gaan ze op zoek naar een reden om te bestaan. Daarover gaat het. Dat je dat er niet onmiddellijk in hoort, vind ik niet erg. Integendeel, dat is een teken dat ik het niet te simpel aanpak. "Magere Meisjes" is ontstaan in de hetze rond Kate Moss en haar coke-affaire. "Dat moet toch niet simpel zijn als je zo mager bent", dacht ik toen nog. Voor hetzelfde geld maak je daar een dramatische tekst over, maar ik lach er dan eens liever mee."

Het abrupt stoppen van dingen

""Hier in dit Nederland" benadert nog het meest een liefdesliedje. Het gaat over die eerste liefde als je 15, 16 jaar bent, en als je die dan zovele jaren later tegenkomt, besef je dat die eerste pijn toch nooit echt slijt. En ja, het is gebaseerd op waar gebeurde feiten (lacht). "Wij zijn de jeugd" is een observatie van vandaag door de ogen van de jeugd. (denkt na) En dat terwijl ik eigenlijk ben opgegroeid tussen oude mensen, zoals door mijn grootouders: ik kwam daar ook heel graag, met een grote tuin. In de weekends kwamen dan de tante en de nonkel uit Brussel, en dat waren ook al oudere mensen. Mijn familie is ondertussen al flink uitgedund."

"Mede daardoor zit een thema als "vergankelijkheid" ook in de plaat, het idee van eindigheid. Ik ben mij heel bewust van de dood, dingen die abrupt stoppen. Dat zit ook heel hard in de sfeer van de plaat. Ik was bij de laatste seconden van mijn vader, en dan krijg je een enorm besef dat dingen abrupt kunnen stoppen. Heel zelden overkomt me zelfs het gevoel dat als ik de deur uitga, het wel eens laatste keer kan zijn. Je weet dat niet. Als er een idioot mijn van de weg maait, of ik kijk zelf niet uit mijn doppen, kan het gedaan zijn. Daar ben ik veel mee bezig. Dingen niet vinden die je eigenlijk zoekt. In de "De Laatste Beer" zit eigenlijk niks letterlijk van mijn vader in, maar het gaat om de beleving, die gevoelens rond zijn dood. Eigenlijk is mijn vader de kern van deze plaat, vooral ook door zijn ideeën over dingen die je zelf maakt. Als mijn vader vroeger iets tekende, en daar zat een fout in, moest hij helemaal terug opnieuw beginnen. Nu kun je dat de computer gewoon retoucheren, maar toen nog niet. Hij tekende een heel weekend, met de hand, en die zat vaak nachten aan een stuk te tekenen. Vandaar dat hij heel streng was, perfectionistisch. Elke stap die ik zet, weeg ik af tegen wat hij ervan vond, of zou vinden. Zijn artistieke eerlijkheid wil ik hebben."

Zonlicht/Zonnebrillenis onder andere te koop in Fnac Antwerpen. Voor meer info, speeldata en de plaat zelf: www.myspace.com/keefmanmusic.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in