The Road

Ook even genoeg gehad van de zondvloed aan apocalyptische CGI-taferelen die Hollywood de afgelopen jaren op onze retina’s bombardeerde? Fijn, wij ook. Voor de Australische regisseur John Hillcoat (check zijn onderschatte outback-western ‘The Proposition’) mocht het ook eens iets anders zijn en hij maakte van Cormac McCarthy’s Pulitzerwinnende boek ‘The Road’ een grimmige post-apocalyptische nachtmerrie die niet verder verwijderd kon zijn van de opgeblazen set-pieces uit de Emmerich-fabriek. Een uitgemergelde vader, een weerloze zoon, een verwoest Amerikaans landschap en een nest kannibalistische hillbillies achter de heuvel. It’s the end of the word and you’ll feel down.

Viggo Mortensen haalt zijn meest moegetergde smoelwerk boven om als naamloze vader zijn zoon (Kodi Smith-McPhee) naar veiligere oorden te brengen na een niet nader verklaarde onheilsramp. Gehavend en ondervoed wagen de twee zich door een asgrauw en ruw landschap waar dieven, moordenaars en kannibalen achter elk dood boompje loeren. Wat volgt is een uitputtende odyssee die een nieuwe betekenis geeft aan ouderschap, survival of the fittest en mondhygiëne.

Wie zijn cinema graag in hapklare brokjes escapisme geserveerd krijgt kan beter andere wegen dan die van ‘The Road’ inslaan. Hillcoat heeft namelijk een geweldige downer van een film gemaakt die je even gedesoriënteerd en uitgeput achterlaat als de protagonisten. Geen mythische Mad Max-helden, geen brede schouders van John Connor om achter te schuilen, maar een harde, langzame meditatie over de laatste doodsreutels van een beschaving. ‘The Road’ is een donkere post-apocalyptische roadtrip die het moet hebben van een angstaanjagend toekomstbeeld dat zonder clichés  wordt voorgesteld (neen, de ramp wordt niet uitgelegd), een dreigende sfeer die ervoor zorgt dat je nooit comfortabel in je stoeltje zit en existentiële zuchten waarbij je spontaan een klein hoekje wil opzoeken om in te sterven.

Want wie wil er nu nog leven in het overschotje van de wereld die McCarthy – zijn geloof in de mensheid werd al verspreid in ‘No Country for Old Men’- en Hillcoat ons voorschotelen? Desolate, koude landschappen waarbij elke vorm van fauna en flora vernietigd werd, terwijl de restanten van de mensheid zich noodgedwongen moet bekeren tot kannibalisme. Overlevingsinstinct, het lijkt opeens even overbodig als het kapotte morele kompas van de vader. Maar ondanks de miserie, de gruwelijke taferelen (de horrorkelder van de kannibalen!) en de totale uitzichtloosheid van de situatie hangt er een fijn, maar onverslijtbaar draadje hoop doorheen ‘The Road’, één waar de vader en de zoon zich met lijf en ziel aan vastklampen.

De apocalyptische tableaus (authentieke locaties in combinatie met subtiele CGI) doen de mond openvallen, maar toch blijft ‘The Road’ bovenal een intimistische prent die strak de focus bewaart op de twee centrale personages om de fragiele episodische structuur van het verhaal te ondersteunen. De dialogen zijn even spaarzaam als de handelingen (de ontdekking van een colablikje is het hoogtepunt van de week) en van échte diepgang kan je moeilijk spreken, maar toch leef en voel je met vader en zoon mee en hoop je dat het allemaal wel goed komt als ze hun eindbestemming bereiken. Bovendien is het knap hoe de levensdilemma’s van de vader (zou mijn zoon niet beter af zijn met een snelle kogel door zijn kop?) worden gecounterd door het onbevlekte geweten van de zoon.

Het helpt natuurlijk dat zowel een afgepeigerde, maar intense Viggo Mortensen als revelatie Kodi Smith-McPhee op geloofwaardige wijze de intrigerende personages tot leven brengen. Zo is de manier waarop de band tussen de vader en de zoon (‘is de zee blauw?’ vraagt hij verwonderd) in beeld wordt gebracht tegen de harde achtergrond hartverscheurend mooi. Vader die nog eens toont hoe zoonlief zelfmoord moet plegen is even slikken, maar de intieme momenten in de schuilkelder branden als levensbevestigende vlammetjes boven de as van de verwoeste beschaving. Ook de veredelde cameo’s vallen op. De schim van Robert Duvall steelt even de hele film als de oude man, Charlize Theron bezorgt kippenvel en ook Michael K. Williams (Omar Little uit ‘The Wire’!) blijft hangen, ook al is hij nauwelijks twee minuten in beeld.

Er zijn natuurlijk ook tekortkomingen, dat heb je nu eenmaal met onverfilmbare boeken. Zo mocht de voice-over eigenlijk integraal geschrapt worden (de krachtige beelden zeggen meer dan genoeg) en had de melancholische soundtrack van Warren Ellis en Nick Cave gerust ingeruild mogen worden voor veelzeggende stiltes. En dan zijn er nog de in warme okerkleur gedrenkte flashbacks die op zich wel sterke momenten opleveren, maar niet altijd op het juiste moment worden ingelast en bovendien de hypnotiserende atmosfeer van de epic journey doorprikken.

Hoe dan ook, shame on de studiohoofden die ‘The Road’ veel te lang op de plank lieten liggen, want deze meeslepende post-apocalyptische actieloze thriller is zonder twijfel een ribbenplakker. Beangstigend, intelligent, rauw, maar ook aangrijpend en met een lang nazinderende emotionele impact. Intelligent geregisseerd, moody as hell in asgrauwe beelden geduwd en ondanks de deprimerende inhoud verrassend hoopvol. ‘Are we still the good guys?’ vraagt het zoontje wanhopig aan zijn vader. Laat het ons hopen, laat het ons hopen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in