Blakroc :: Blakroc

Op een poging tot verzoening tussen hiphop en gitaren, hebben al veel artiesten hun tanden stukgebeten. We gaan Kid Rock, Limp Bizkit, Crazy Town en Everlast niet zwart maken, maar hun resultaten vielen vaak erg bleek uit. Blakroc, ofte het bluesrockduo The Black Keys aangevuld met een elftal Amerikaans rappers, komt op zijn debuut wel tot een voortreffelijke symbiose van potige rock en ruige rhymes.

Hadden Aerosmith en Run DMC midden jaren tachtig geweten dat hun crossoverhit “Walk This Way” aanleiding zou geven tot een opeenhoping van belabberde imitaties, ze waren er wellicht nooit aan begonnen. Dat nummer lag aan de basis van de rap-rockbeweging die in de jaren negentig acts als Kid Rock, Everlast, Korn en Limp Bizkit voortbracht. Een geluk dat er toen nog geen sprake was van Facebook, of wij zouden eigenhandig groepen gestart zijn als “Wij-haten-Kid-Rock-die-MOET-uit-de-ether”, “Fred Durst, kga op uw muil slaan” en “Everlast, gij rund!”. Het ging grotendeels om artiesten uit de rockwereld die zichzelf de attitude van gangsterrappers aanmaten, maar zich hierbij vooral compleet belachelijk maakten.

Blakroc pakt het anders aan. Hier geen artificiële melange, maar een natuurlijk gegroeid broederverbond. The real deal. Het begon allemaal vorig jaar, toen Wu-Tang Clan-opperhoofd RZA plots het podium betrad tijdens een verrassingsoptreden van The Black Keys. De interactie beviel beide partijen zo goed dat ze besloten de samenwerking in de studio verder te zetten. RZA mocht hierbij een aantal vriendjes uitnodigen en dat werden niet de minste; Q-tip, Raekwon en Ludacris behoren tot het kruim van de hedendaagse Amerikaanse rapscène. Van The Black Keys wisten we al dat ze niet vies zijn van een forse lap blues, maar de grooves die ze op Blakroc onder de raps spreiden, klinken vetter dan ooit tevoren. Of zoals Pharaohe Monch het verwoordt: “Fuck the white ones, the Black Keys got so much soul.”

Dat Mos Def en Raekwon opgeroepen werden, mag niemand verbazen. Zij zijn de rappers in vorm en Mos Def liet in het verleden al horen niet vies te zijn van een stevige scheut rock. Met “Ain’t Nothing Like You (Hoochie Coo)” staat de New Yorkse rapper in voor de stand-out track van het album. Mos Def mompelt mysterieus over de duistere, maar verslavende begeleiding, en de la-la-la’s van zanger-gitarist Dan Auerbach maken het nummer compleet. Raekwon werpt zich op het psychedelische “Stay Off the Fuckin’ Flowers” eens te meer op als een meesterlijke verteller. De betreurde Ol’ Dirty Bastard en hardcore rapper Ludacris mogen dan weer een potje vuilbekken op het geweldige “Coochie”: “I gotta have it like a rabbit, almost all of the time.” Verbazingwekkend hoe goed The Black Keys zich keer op keer afstemmen op hun gasten.

De nummers met debutant NOE vallen het minst in de smaak. Het is uiteraard geen cadeau om meteen tussen kleppers als Q-Tip en RZA te staan, maar de rapper mist duidelijk een eigen identiteit. Zo zijn zijn stem en stijl haast identiek aan die van Jay-Z — misschien moet het gezelschap de volgende keer gewoon de man zelf uitnodigen. Het zou ons trouwens niet verbazen mocht die uit zijn op eerherstel, na zijn rockrapdebacle met Linkin Park. Wij zijn echter al lang blij dat Blakroc een dikke meevaller is, en dat The Roots eindelijk wat weerwerk krijgt wat betreft gedreven, organische live-hiphop.

Blakroc waagt zich op glad ijs, maar blijft met glans overeind. Van een halfslachtig compromis is hier dan ook geen sprake. Meer zelfs, weinig eerder klonk een kruising tussen rap en rock zo natuurlijk en oprecht. Enige nadeel is dat Blakroc afklokt op minder dan veertig minuten. Laat dat vervolg dus maar snel komen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in