Lady Gaga :: The Fame Monster

Als 2009 tot één hype beperkt moet worden, dan zal het deze wel
wezen. Kermitkostuums, rolstoelen op het MTV-podium en erotische
vampierenshoots: of je haar adoreert of verafschuwt, je kan niet
aan Lady Gaga ontsnappen. Vorig jaar bracht ze al een aardige
debuutplaat uit met enkele geniale singles (‘Pokerface’!,
‘Lovegame’!, ‘Paparazzi’!). Aan het eind van het Gaga-jaar wordt
deze opgesmukt met wat extra materiaal en een tweede
semi-langspeler, die de niet-gelovigen er wel eens zou toe kunnen
aanzetten hun mening te herzien.

Op ‘The Fame’ prijken vijf extra nummers die meteen voor extra
troefkaarten zorgen. ‘I like it rough’ borduurt verder op het
eletropopstramien van ‘Paparazzi’, ‘Disco heaven’ zet je op een
rolschaatspiste van de jaren tachtig, ‘Starstruck’ en ‘Paper
Gangster’ verhogen het hip-hopaandeel op de plaat. Stuk voor stuk
aanstekelijke niemendalletjes die succesvol op de hitparade
losgelaten kunnen worden en aldus het succesgehalte van de plaat
spijzen. Natuurlijk zijn de foutjes nog steeds aanwezig (de Mariah
Carey-kloon ‘Eh eh (Nothing else I can say) en het te zwaar
opgefokte ‘Boys boys boys’ bijvoorbeeld), maar in het eindoordeel
wegen ze opmerkelijk minder zwaar door.

Dé reden van aankoop moet echter ‘The fame monster’ zijn, de
nieuwste Gaga-creatie die naar eigen zeggen een exploratie van de
duisterder kant van roem moet opleveren. Natuurlijk klinkt deze
schijf nog steeds uiterst radiovriendelijk, maar toch is hun
karakter duidelijk gegroeid. De industriële intro van ‘Dance in the
dark’ vloeit over in futuristische kitsch die het verhaal van een
vrouw die zich enkel in het donker prijs wil geven koppelt aan
verwijzingen naar iconische deernes die aan het noodlot ten prooi
vielen (Marilyn Monroe, Lady Diana, Sylvia Plath, …). Seks is een
hoeksteen van roem en vormt dus ook hier een belangrijke rode
draad. De lichtvoetige synthpopsong ‘So happy I could die’ is een
ongeneerde ode aan masturbatie (“I am as vain as I allow: I do my
hair, I gloss my eyes, I touch myself all through the night”), het
Oosters getinte cabaret ‘Teeth’ predikt het ruwere werk (“I’m gonna
love you with my hands tight”, “Take a bite of my bad girl
meat”).

Natuurlijk is er meer nodig dan seksueel innuendo om het kritische
oor te plezieren en ook daar schiet ‘The fame monster’ niet tekort.
Muzikaal presenteert de plaat een interessante staalkaart –
‘Alejandro’ draait ‘La isla bonita’ door een eurodance-vijzel, ‘Bad
romance’ sodomiseert het Eurovisiesongfestival, ‘Telephone’ geeft
gaststem Beyoncé een lesje in verfrissende R’n’B – die ondanks de
ettelijke referenties toch 100% Gaga klinkt. Wat tot dat effect
bijdraagt, is een sterke stem waarmee ze zich alweer onverbiddelijk
van de concurrentie onderscheidt; laat de theatrale klaagzang
‘Speechless’ als primaire bewijsstruk daarvan dienen.

Of ze er vleselijk nu al dan niet een stel heeft hangen, op ‘The
fame monster’ toont Lady Gaga een flink stel kloten. Binnen het
platgetreden popgenre daagt ze zichzelf duidelijk keer op keer uit,
met als resultaat een plaat die binnen de muziekgeschiedenis wel
eens dezelfde impact zou kunnen hebben als de eerste studiostappen
van Madonna.

www.ladygaga.com

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in