Ellen Schoenaerts :: Hier sterft een demo

Eerder dit jaar zorgde ze er met haar teksten mee voor dat Winter maakt ons vrolijk van haar partner Tom Pintens veruit een van de beste en meest verfrissende Nederlandstalige platen van het jaar was. Nu is Ellen Schoenaerts voor zichzelf aan het schrijven geslagen, en dat is een uitstekende zaak zo te horen op haar eerste e.p. “Zeer uniek, rauw, onversneden, warm en lieflijk” noemt ze haar muziek. En zo is het maar net.

Het mag dan allemaal nog in een zeer prille fase zitten, en van een volledig album is nog geen sprake, Schoenaerts heeft met vijf nummers en zeventien minuten muziek toch maar mooi een eigen niche in de Nederlandstalige muziek gevonden. Hier Sterft grossiert in een soort “verbeten weemoed” die we nog maar zelden gehoord hebben in onze moerstaal – luister maar eens naar het verkillend mooie “één”. Daar wordt ze bij geholpen door schoon volk, zoals violisten Liesa van der Aa en Tijs Delbeke, die op Pukkelpop nog hand-en-spandiensten aan dEUS verleende als gitarist. Live komt Simon Lenski van DAAU al eens meespelen en wordt er tussen de muzikanten olijk van instrumenten (viool, gitaar, drums) gewisseld, zoals in België de laatste tijd van premier.

Schoenaerts’ muziek is rauw en scherp, soms zelfs grimmig, versterkt door een stem die als een naald in de songs kan krassen en soms (toegegeven, met een beetje fantasie) aan PJ Harvey doet denken. Violen en stemmen zalven weliswaar al eens vlak daarna zoals in “Ik Wist Dat Ik”, maar naar een pleister blijft het vruchteloos zoeken. Waar op Pintens’ Nederlandstalige platen de muziek al eens een tegengewicht biedt voor die mijmerende, bitter(zoet)e teksten, versterken beide elkaar hier. Geen wonder dat een van de songs “Het Avondrood” heet.

Die teksten zijn eens te meer wars van woordspelingen, oneliners, grote filosofieën en overdreven beeldende taal. Ze vormen nog meer de kapstok van de songs, noemen een kat een kat en verbloemen niets: “Ik doe heel erg mijn best om mijn leven leuk te vinden, maar mijn hart is aan het rotten en ik durf niet naar de dokter” klinkt het in “Ik doe heel erg mijn best”, dat zich aankondigt als een lied over een kater na stevig in de whisky gevlogen te zijn, maar ontaardt in veel meer.

“Maar misschien, als de zon is gedraaid, wordt je schaduw weer klein” luidt het dan weer in “Het Avondrood”, dat aantoont dat Schoenaerts er ongedwongen in slaagt de dans der clichés te ontspringen in een song over een kapotte liefde. Achtergrondstemmen proberen te sussen, maar lijken vooral nog meer zout in de wonden te strooien. Van hetzelfde laken een pak is het grillige “Ik Wist Dat Ik”: “En zelfs verdriet slijt stilaan af, de wereld krijgt zijn zin /En soms is vroeger veel te hard, en nooit staat het eens stil”, terwijl violen voor woelige baren zorgen. Knap.

Ellen Schoenaerts levert met haar eerste demo/e.p. al meteen een doorslaggevend argument om Stijn Meuris’ terechte uitspraak — “Nederlandstalig is geen genre” — met brio te staven. Dit is straf, dit smeekt om bevestiging. “Ik maak me zorgen om mijn teksten, wat gaan zij niet van mij denken, hoe moet ik hen uit gaan leggen dat hun schrijver heeft gefaald” zingt ze in “Ik Doe Heel Erg Mijn Best”. Niets is minder waar.

U kan alle songs beluisteren op haar MySpace (http://www.myspace.com/ellenschoenaerts) waar u bovendien de demo kunt kopen. Ook vindt u daar de speellijst met try-outs die Schoenaerts de komende tijd nog zal spelen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in