I Love Techno :: 24 oktober 2009, Flanders Expo

Drugs! Decibels! 35 procent buitenlanders! Veel nieuwsberichten over I Love Techno dit jaar, maar men lijkt vergeten dat er ook nog muziek was. Wij zetten uw dronken herinneringen weer op een rij.

Dit jaar wilden we niet weer uren aanschuiven,en dus arriveerden we al om zeven uur. Raar zicht, zo’n halflege Flanders Expo, maar wel handig om snel ons geld te spenderen aan de hippe drankbonnetjes. Nieuw dit jaar was het gratis water dat op twee punten werd uitgedeeld, en waar al snel gigantische wachtrijen voor stonden. Het grootste indoor techno-festival van Europa was dan ook uitverkocht, en dat inderdaad voor 35% aan buitenlandse bezoekers. Pas na twee uur (zomertijd weliswaar) werd het op tijd aanschuiven om zalen binnen te kunnen komen vooraleer ze volzet waren. De organisatie heeft dus geleerd uit vorige jaren. Maar goed, we hadden u muziek beloofd, dus daar gaan we.

Waar ga je heen als je zo vroeg op een feestje bent dat nog niet helemaal op gang is getrapt? Naar Partyharders Squad, de naam staat niet voor niets. Doorheen hun set introduceren deze Luikse elektro-DJ’s al de strijdkreet van de avond: “I Love Technooo”. En keer op keer bereikt deze slogan hetzelfde effect: hop, daar gaan alle handjes in de lucht. Het zal niet alleen bij deze band gebeuren vanavond. Los daarvan doet Partyharders Squad vooral wat van hen verwacht wordt, met name het publiek opwarmen voor een avondje feesten. Toch blijft de sfeer, naast een paar Regi-momenten, wat lauw.

Hogere temperaturen in de Orange Room dan, waar het ondanks het vroege uur al erg vol is. Het publiek weet er de jonge gehypete knapen van Sound Of Stereo wel te smaken, zelfs al klinken ze als een tweederangsversie van de betere DJ. Scoren doen ze met zowat alle elektrohits van de afgelopen 2 jaar (bijvoorbeeld een sterk verbasterde versie van Fake Bloods “Mars” of “Doop”, integraal van Hit Box 1995 geplukt) en een schreeuwende vrouw die de crowd wat probeert op te zwepen. Op het einde volgt een wat bruuske stop met een uitgebreid en ietwat ongepast dankmoment. “What about Buraka Som Sistema?” vraagt de aankondigingmevrouw; dat zal ons inderdaad waarschijnlijk wat beter smaken.

Buraka Som Sistema was een van de terechte revelaties van het afgelopen jaar en eerder in ons land te gast op Polsslag en Pukkelpop. Deze keer is er jammer genoeg wat minder volk komen opdagen om de band aan het werk te zien. Meteen laten ze hun hitje ”Calemba (Wegue Wegue” los op het publiek. De Afrikaanse ritmes met bijbehorende danspassen van de zangeres (daar kunnen de populaire lessen “Afrikaanse dans” zonder twijfel nog iets van leren) worden vermengd met dancehits zoals Benni Benassi’s “Satisfaction” en “Rhythm is a Dancer” in een ingenieuze en zeer geslaagde mix.

Zorg voor het publiek staat hoog op het lijstje bij Buraka Som Sistema en dat loont zich: interactie met het publiek is een zeer grote meerwaarde. Vooraan staat iedereen lustig te dansen en het ass-shake-gehalte van de performance stijgt zienderogen. Ook het live-gehalte (met onder andere twee drummers on stage) is veel hoger dan in de andere zalen op dat moment en de hele performance lang houden ze de toon van een optreden, inclusief applauspauzes en bindteksten, aan.

Na Buraka Som Sistema stroomt de oranje zaal leeg, mede door de lauwe, reliëfloze en zeer uitgesponnen set van The Count & Sinden. Zelf trappen we het ook al snel af. Naar de Blue Room bijvoorbeeld, waar A-Trak helemaal los gehet. De Canadees mag prat gaan op een heerlijk entertainende show: hij springt op de discobar, scratch naar hartenlust Daft Punk door elkaar en weet zo het publiek helemaal aan te vuren. Alleen de visuals vallen op door hun mindere kwaliteit. Zo worden live-beelden en het I Love Techno-logo regelmatig op wel erg kitscherige manier vermengd, en blijkt de grootte ervan niet helemaal aangepast aan het scherm (als in: op de laptop in de PA ziet het er prachtig uit, geprojecteerd echter heel wat minder). Feestend Vlaanderen, aangevuld met 35% feestend buitenland, laat dat echter niet aan het hart komen.

Terug naar de Orange Room blijkt geen sinecure. Birdy Nam Nam is de eerste band waarvoor het volk al een half uur op voorhand aanschuift. “It should be something good” horen we de Engelsen achter ons zeggen, maar dat is het helaas niet. Onze hooggespannen verwachtingen (na hun fantastische optreden op Polsslag afgelopen voorjaar) worden helaas niet ingelost. Birdy Nam Nam (volgens de aankondigingsmadam “the best live band in the world”) laat zéér lang op zich wachten en valt ook even stil: wij vermoeden technische problemen. Deze gaten worden opgevuld door het publiek “Birdy! Birdy!” te laten scanderen, wat toch wel een beetje grotesk aandoet. Het optreden, tenslotte, komt zeer traag op gang en is niet zo dansbaar als verwacht: zeer repetitief en een wat (te) traag tempo. Gelukkig maakt de finale veel goed, en misschien zit de sample van Justice daar wel voor iets tussen. Over het algemeen een wat wrange nasmaak, want het uurtje dat ze hadden, konden ze veel beter benutten.

De succeskinderen van het afgelopen jaar, Crookers, verwennen hun fans met een fantastische DJ-set. Eigen nummers worden zwaar geremixt en zorgen voor een instant sfeer. Helaas duiken er problemen op met het materiaal en valt het optreden voor tien minuten stil. Gelukkig brengen ze de sfeer er snel weer in en draaien op hoog niveau. “Go” zeggen Crookers, en het publiek volgt maar al te graag op “Thunderstruck”. Zelfs de ene seconde “Day ’n’ Nite” wordt onmiddellijk herkend en op gejuich onthaald. Een tijd later wordt hun hit hernomen in een ronduit geniale remix: hier blijkt dat Crookers geen eendagsvliegen zijn en door vernieuwingen in het oeuvre blijven boeien. Eindigen doen ze met Justice en Basement Jaxx in een grote climax vol zweetstromen en weedwalmen.

”Volledig live” zo wordt Laurent Garnier inmiddels in de Yellow Room aangekondigd. Uiteraard mag zijn jazzy “The Man With The Red Face” niet in zijn set ontbreken. Maar wie bij live dacht aan een blinkende koperband op het podium heeft het mis. Van dat alles is er niets te zien, Garnier is alleen gekomen. De vraag dringt zich dan ook op wat er zo “live” is aan de live-sets op I Love Techno. Een artiest achter zijn laptop, ook al mixt hij zijn singles ter plekke aan elkaar, doet toch wel verdacht veel denken aan het doorsnee DJ-werk. Eigenlijk staat alleen Buraka Som Sistema op deze I Love Techo echt als live-band op podium. Laurent Garnier brengt wel sfeervolle fusies van techno en jazz, maar live kan je het toch niet echt noemen. Niemand lijkt te wachten op het feestje dat hij, “I do love techno!” roepend, in gang probeert te zetten. Laurent Garnier moet een rustpauze zijn tussen al het hardere geweld, maar op zijn beats zitten zo te zien weinig feestgangers te wachten.

Even lijkt het alsof ook in de Blue Room een chill out-uurtje is ingebouwd. Boys Noize begint er zijn set met een erg zachte intro. Maar die duurt gelukkig niet al te lang, want al snel vliegt Alex Ridha erin. Hij speelt overwegend eigen werk, wat niet hoeft te verbazen: de nieuwe cd Starter moet gepromoot. De set is echter wat donker om de zaal echt in vuur en vlam te zetten. Het overmatige gebruik van robotstemmen begint op den duur zelfs te irriteren. De grote hits van debuutalbum Oi Oi Oi bereiken echter wel de — vaak onbeschermde — oren van het publiek.

Na al de boenke boenke, zoals de bomma alles wat de revue reeds passeerde zou bestempelen, is het een verademing om bij Simian Mobile Disco nog eens zanglijnen te horen. De techno lijkt even plaats te ruimen voor pure popmuziek, en na tweemaal het uur tussen twee en drie — verdraaid winteruur — overbrugd te hebben, mag dat ook wel. Simian Mobile Disco speelt een gevarieerde set, en weet zo de sfeer in de Yellow Room er volop in te houden.

Afsluiten doet I Love Techno pas om zeven, maar wij moeten bekennen dat we er iets eerder al vanonder gemuisd zijn. Niet echter zonder eerst nog langs Tiga te passeren. Het is onmogelijk om hem nog niet eerder op een festival te zijn tegengekomen, maar de man blijft een raskenner van de middelen om zijn publiek te entertainen. Het aanschuiven aan de geweldig drukke tram gebeurt dan ook naneuriënd op de tonen van “Everytime I look into your eyes I see the future”.

Onderweg naar huis bekruipt ons echter toch het gevoel dat deze I Love Techno al bij al redelijk wisselvallig was. Echt onder de indruk waren we zelden, verveeld daarentegen soms wel. En dan is het natuurlijk kiezen tussen de rit uitzitten of een half uur gaan aanschuiven aan een andere zaal. Maar op zo’n moment is het een geluk dat er gratis oordoppen verkrijgbaar zijn.

De volgende editie van I Love Techno vindt plaats op 13 november 2010.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in